Sait Faik Abasıyanık, Guy Davenport, Nigel Tranter, Marieluise Fleißer, Nirad C. Chaudhuri

De Turkse schrijver Sait Faik Abasıyanık werd geboren op 23 november 1906 in Adapazarı. Zie ook alle tags voor Sait Faik Abasıyanık op dit blog en ook mijn blog van 23 november 2010.

Uit: Hisht, Hisht!… (Vertaald door Ufuk Özdağ)

 „I WAS WALKING. The more I walked, the better I started to feel about things. I’d left home with so much anger piled up inside me. Maybe it was the razor blade that made me so angry. Oh yes, certainly. The razor blade! For sure, that’s what got me so mad.
The green of the grass, the blue of the sea, cloudless clear skies . . . Well these, mind you, are things to ponder, certainly. Who on Earth would deny this? Foolishness! What if it rained . . . what if the green grass was purple . . . what if the blue sea was red . . . If that were the case, that would be a thing to worry about, indeed.
I saw a leaf the color of chocolate, a goat the color of green almond. Someone, from behind, called out:
Hisht!
I turned around to check. The still not-so-tall fresh thistles at the edge of the road and the French lavender stared at me with a plum-tasting look. My teeth squeaked. There was no one on the road, not a single soul. I saw the roof of a house, one or two birds flying in the distance, the sea through the leaves. As I continued walking, I heard:
Hisht, hisht!
I wanted to turn around and look. Maybe because I wanted to so much I could not. Well, that could be it. Maybe a bird flew overhead, sounding hisht hisht. Maybe a snake, a tortoise, or a hedgehog passed from behind me. Perhaps there is a certain beetle, sounding like hisht hisht.“

 

Sait Faik Abasıyanık (23 november 1906 – 11 mei 1954)
Standbeeld op het eiland Burgazada

Lees verder “Sait Faik Abasıyanık, Guy Davenport, Nigel Tranter, Marieluise Fleißer, Nirad C. Chaudhuri”

André Gide, George Eliot, Viktor Pelevin, Suresh en Jyoti Guptara

De Franse schrijver André Gide werd geboren op 22 november 1869 in Parijs. Zie ook alle tags voor André Gide op dit blog.

Uit: Les Faux-monnayeurs

„- Je suis heureux que vous n’ayez pas signé. Mais, ce qui vous a retenu ?
– Sans doute quelque secret instinct… Bernard réfléchit quelques instants, puis ajouta en riant : – Je crois que c’est surtout la tête des adhérents ; à commencer par celle de mon frère aîné, que j’ai reconnu dans l’assemblée. Il m’a paru que tous ces jeunes gens étaient animés par les meilleurs sentiments du monde et qu’ils faisaient fort bien d’abdiquer leur initiative, car elle ne les eût pas menés loin, leur jugeote, car elle était insuffisante, et leur dépendance d’esprit, car elle eût été vite aux abois. Je me suis dit également qu’il était bon pour le pays qu’on pût compter parmi les citoyens un grand nombre de ces bonnes volontés ancillaires(1) ; mais que ma volonté à moi ne serait jamais de celles-là. C’est alors que je me suis demandé comment établir une règle, puisque je n’acceptais pas de vivre sans règle, et que cette règle je ne l’acceptais pas d’autrui.
– La réponse me paraît simple : c’est de trouver cette règle en soi-même ; d’avoir pour but le développement de soi.
– Oui…, c’est bien là ce que je me suis dit. Mais je n’en ai pas été plus avancé pour cela. Si encore j’étais certain de préférer en moi le meilleur, je lui donnerais le pas sur le reste. Mais je ne parviens pas même à connaître ce que j’ai de meilleur en moi… J’ai débattu toute la nuit, vous dis-je. Vers le matin, j’étais si fatigué que je songeais à devancer l’appel de ma classe(2) ; à m’engager.
– Echapper à la question n’est pas la résoudre.
– C’est ce que je me suis dit, et cette question, pour être ajournée , ne se poserait à moi que plus gravement après mon service. Alors je suis venu vous trouver pour écouter votre conseil.
– Je n’ai pas à vous en donner. Vous ne pouvez trouver ce conseil qu’en vous-même, ni apprendre comment vous devez vivre, qu’en vivant.“

 

André Gide (22 november 1869 – 19 februari 1951)

Lees verder “André Gide, George Eliot, Viktor Pelevin, Suresh en Jyoti Guptara”

Endre Ady, William Kotzwinkle, George Robert Gissing, Elisabeth Maria Post

De Hongaarse dichter Endre Ady werd geboren op 22 november 1877 in het huidige Adyfalva. Zie ook mijn blog van 22 november 2008 en ook mijn blog van 22 november 2009 en ook mijn blog van 22november 2010.

 

Autumn Passed Through Paris

Autumn sliped into Paris yesterday,
came silently down Boulevard St Michel,
In sultry heat, past boughs sullen and still,
and met me on its way.

As I walked on to where the Seine flows by,
little twig songs burned softly in my heart,
smoky, odd, sombre, purple songs. I thought
they sighed that I shall die.

Autumn drew abreast and whispered to me,
Boulevard St Michel that moment shivered.
Rustling, the dusty, playful leaves quivered,
whirled forth along the way.

One moment: summer took no heed: whereon,
laughing, autumn sped away from Paris.
That it was here, I alone bear witness,
under the trees that moan.

 

Endre Ady (22 november 1877 – 27 januari 1919)

Lees verder “Endre Ady, William Kotzwinkle, George Robert Gissing, Elisabeth Maria Post”

Gerard Koolschijn

De Nederlandse schrijver en vertaler Gerard Koolschijn werd op 21 november 1945 in Den Haag geboren. Al in zijn vroege gymnasiumjaren begon Koolschijn met de vertaling van klassieke werken, wat in 1971 resulteerde in de publicatie van een vertaling van de Anabasis/Tocht der tienduizend van Xenophon (samen met Tjit Reinsma). Hij studeerde klassieke talen en rechten (beide aan de Rijksuniversiteit Leiden). Hij werkte van 1975 tot 1990 – met onderbreking van één jaar voor een medewerkerschap straf- en strafprocesrecht aan de RU Leiden – in het voortgezet onderwijs als leraar op verschillende Haagse scholen en als rector van het Haagse gymnasium Sorghvliet. Behalve vertalingen publiceerde hij Het democratische beest. Plato’s tegenstander (1990). Ook maakte hij een toneelbewerking van Homerus’ Ilias (1993). Koolschijns toneelvertalingen zijn van 1985 tot heden vele malen door de grote Nederlandse toneelgezelschappen op de planken gebracht.

 

Uit: Plato, schrijver, Teksten gekozen en vertaald door GK

‘Nu wordt er wel eens gezegd,’ zei zij, ‘dat liefde het zoeken naar de eigen helft is, maar volgens mijn theorie is liefde niet gericht op een helft, en ook niet op een geheel, zolang die niet—dat moet je je goed realiseren—waardevol zijn. Want zelfs hun eigen handen en voeten zijn mensen bereid te laten afsnijden als zij het idee hebben dat iets van henzelf schadelijk is. Dat iets bij jezelf hoort is op zichzelf beslist geen reden tot tevredenheid, of het moest zijn dat je zonder meer van alle waardevolle dingen zegt dat ze bij jezelf horen en van jezelf zijn, en dat je met waardeloze dingen niets te maken hebt. Het enige wat mensen werkelijk begeren is: waardevolle dingen, dingen waar ze wat aan hebben.

[…] Kijk, Socrates, ieder mens is vruchtbaar en heeft een bepaalde potentie, zowel lichamelijk als geestelijk, en wanneer hij op een bepaalde leeftijd is gekomen verlangt onze natuur te baren en te verwekken. Het is een goddelijke gebeurtenis en in een sterfelijk wezen is dat het onsterfelijke element: zwangerschap en verwekking.“

 


Gerard Koolschijn (Den Haag, 21 november 1945)

Isaac Bashevis Singer, Marilyn French, Margriet de Moor, Kerstin Preiwuß, Veza Canetti, Freya North

De Amerikaans-Poolse schrijver Isaac Bashevis Singer werd geboren op 21 november 1904 als Isaac Hertz Singer in Radzymin, Polen. Zie ook alle tags voorIsaac Bashevis Singer op dit blog.

Uit: Der Büßer (Vertaald door Gertrud Baruch)

„Im Jahre 1969 hatte ich zum ersten Mal Gelegenheit, die Klagemauer zu sehen, über die ich schon so viel gehört hatte. Sie sah etwas anders aus als die auf den Holzdeckel meines Gebetbuches geschnitzte Klagemauer. Da waren Zypressen zu sehen, hier jedoch konnte ich keinen einzi­gen Baum entdecken. Jüdische Soldaten bewachten den Zugang. Es war hellichter Tag, und zahlreiche Juden ver­schiedenster Art hatten sich hier eingefunden. Aschkena­sim und Sefardim waren da. Jugendliche mit schulterlan­gen Schläfenlocken, bekleidet mit Kniehosen, rabbini­schen Hüten und flachen Schuhen, unterhielten sich in ungarisch gefärbtem Jiddisch miteinander. Umringt von Neugierigen, hielt ein weiß gekleideter sefardischer Rabbi­ner in hebräischer Sprache eine Predigt über den Messias. Manche Besucher sagten das Totengebet auf, manche psalmodierten das Achtzehngebet. Einige schlangen sich Gebetsriemen um den Arm, andere wiegten den Ober­körper, während sie Psalmen rezitierten. Bettler baten mit ausgestreckter Hand um Almosen, manche feilschten sogar mit ihren Wohltätern. Vierundzwanzig Stunden am Tag betrieb hier der Allmächtige sein Geschäft.
Ich stand da und betrachtete die Mauer und die benach­barten, von Arabern bewohnten Straßen. Die Häuser, so schien es mir, hielten sich wie durch ein Wunder aufrecht, eins überragte das andere, und alle reckten sich und drän­gelten, um eine bessere Aussicht auf die Steinmauer zu haben, die als Erinnerung an den heiligen Tempel stehen­geblieben ist. Die Sonne brannte, er herrschte eine trockene Hitze, und überall roch es nach Wüste, uralter Zerstörung und jüdischer Ewigkeit.

Plötzlich kam ein schmächtiger Mann, der einen Kaftan und einen Samthut trug, auf mich zu. Dort, wo sein Man­tel auseinanderklaffte, war ein breiter Gebetsschal zu se­hen, dessen Fransen ihm fast bis zu den Knien reichten. Er hatte einen weißlichen Bart, aber ein jugendliches Ge­sicht. Seine Augen, so dunkel wie schwarze Kirschen, bezeugten, daß er ein junger, früh ergrauter Mann war.“

 

Isaac Bashevis Singer (21 november 1904 – 24 juli 1991)

Portret door Sylvia Ary, 1935

Lees verder “Isaac Bashevis Singer, Marilyn French, Margriet de Moor, Kerstin Preiwuß, Veza Canetti, Freya North”

Heinrich von Kleist, Arthur Quiller-Couch, Wilhelm Waiblinger, Voltaire, Franz Hessel

Vandaag precies 200 jaar geleden stierf de Duitse dichter en schrijver Heinrich von Kleist. Kleist schoot op die dag bij de Kleine Wannsee in het zuidwesten van Berlijn eerst zijn vriendin Henriette Vogel en daarna zichzelf dood. Zie ook alle tags voor Heinrich von Kleist op dit blog.

Das letzte Wort an Ulrike

An Ulrike von Kleist, 21. November 1811.

An Fräulein Ulrike von Kleist Hochwohlgeb. zu Frankfurt a. Oder.

Ich kann nicht sterben, ohne mich, zufrieden und heiter, wie ich bin, mit der ganzen Welt, und somit auch, vor allen Anderen, meine theuerste Ulrike, mit Dir versöhnt zu haben. Laß sie mich, die strenge Äußerung, die in dem Briefe an die Kleisten enthalten ist laß sie mich zurücknehmen; wirklich, Du hast an mir gethan, ich sage nicht, was in Kräften einer Schwester, sondern in Kräften eines Menschen stand, um mich zu retten: die Wahrheit ist, daß mir auf Erden nicht zu helfen war. Und nun lebe wohl; möge Dir der Himmel einen Tod schenken, nur halb an Freude und unaussprechlicher Heiterkeit dem meinigen gleich: das ist der herzlichste und innigste Wunsch, den ich für Dich aufzubringen weiß.

Stimmings bei Potsdam.

d. – am Morgen meines Todes.Dein Heinrich.”

 

Heinrich von Kleist (18 oktober 1777 – 21 november 1811)

Alexander Beyer (Kleist) en Meret Becker (Henriette Vogel) in de tv-film Die Akte Kleist

Lees verder “Heinrich von Kleist, Arthur Quiller-Couch, Wilhelm Waiblinger, Voltaire, Franz Hessel”

Nadine Gordimer, Viktoria Tokareva, Don DeLillo, Thomas Chatterton

De Zuidafrikaanse schrijfster Nadine Gordimer werd geboren op 20 november 1923 in Springs. Zie ook alle tags voor Nadine Gordimer op dit blog.

Uit: The Moment Before the Gun Went Off

“Marais Van der Vyver shot one of his farm labourers, dead.

An accident. There are accidents with guns every day of the week: children playing a fatal game with a father’s revolver in the cities where guns are domestic objects, and hunting mishaps like this one, in the country. But these won’t be reported all over the world. Van der Vyver knows his will be. He knows that the story of the Afrikaner farmer – a regional Party leader and Commandant of the local security commando – he, shooting a black man who worked for him will fit exactly their version of South Africa. It’s made for them. They’ll be able to use it in their boycott and divestment campaigns. It’ll be another piece of evidence in their truth about the country. The papers at home will quote the story as it has appeared in the overseas press, and in the back-and-forth he and the black man will become those crudely-drawn figures on anti-apartheid banners, units in statistics of white brutality against the blacks quoted at United Nations – he, whom they will gleefully call ‘a leading member’ of the ruling Party.People in the farming community understand how he must feel. Bad enough to have killed a man, without helping the Party’s,the government’s, the country’s enemies, as well.They see the truth of that. They know, reading the Sunday papers, that when Van der Vyver is quoted saying he is ’terribly shocked’, he will ‘look after the wife and children’, none of those Americans and English, and none of those people at home who want to destroy the white man’s power will believe him. And how they will sneer when he even says of the farm boy (according to one paper, if you can trust any of those reporters), ‘He was my friend. I always took him hunting with me: Those city and overseas people don’t know it’s true: farmers usually have one particular black boy they like to take along with them in the lands: you could call it a kind of friend, yes, friends are not only your own white people, like yourself, you take into your house, pray with in church and work with on the Party committee. But how can those others”

 

Nadine Gordimer (Springs. 20 november 1923)

Lees verder “Nadine Gordimer, Viktoria Tokareva, Don DeLillo, Thomas Chatterton”

Sheema Kalbasi, Ursula Ziebarth, Zinaida Hippius, Selma Lagerlöf

De Iraanse dichteres, vertaalster en mensenrechten-advocate Sheema Kalbasi werd geboren op 20 november 1972 in Teheran. Zie ook alle tags voor Sheema Kalbasi op dit blog.

 

Lessen one: A patient dies

Today in my morning round,
Another patient died.
Waiting so patiently for Him to arrive
I saw him leave the bed
With no color on his wings
Another angel at his side.
To the so called bridge of death
Distant vista.

Bleating cries within my sad heart.
Me and my body standing cold
the white uniform crying for cure
no light and the sound of secrets.
All the lectures, all the nursing clams.
the grace of death, pointing at the flying waves.

Bleached with sadness, I walked through the hall.
Deeply I cry, not for the first time
Although it is the first I meet Death.

The rest of the day minding every inch of my bones,
My eyes not clear, but filled with trembling fireflies
Softly we come, softly we go,
Mute path? Not too eager?
For the farewell is on our side!

 

1 and 9

Stars

are shining close

the taste of a summer night…
a quiet night

on the skin
is the light kiss of a fallen leaf

I, barefoot and warm am walking naked.

 

Sheema Kalbasi (Teheran, 20 november 1972)

Lees verder “Sheema Kalbasi, Ursula Ziebarth, Zinaida Hippius, Selma Lagerlöf”

Sharon Olds, Mark Harris, Christoph Wilhelm Aigner, Anna Seghers

De Amerikaanse dichteres Sharon Olds werd geboren op 19 november 1942 in San Francisco. Zie ook alle tags voor Sharon Olds op dit blog.

 

The Borders

To say that she came into me,
from another world, is not true.
Nothing comes into the universe
and nothing leaves it.
My mother—I mean my daughter did not
enter me. She began to exist
inside me—she appeared within me.
And my mother did not enter me.
When she lay down, to pray, on me,
she was always ferociously courteous,
fastidious with Puritan fastidiousness,
but the barrier of my skin failed, the barrier of my
body fell, the barrier of my spirit.
She aroused and magnetized my skin, I wanted
ardently to please her, I would say to her
what she wanted to hear, as if I were hers.
I served her willingly, and then
became very much like her, fiercely
out for myself.
When my daughter was in me, I felt I had
a soul in me. But it was born with her.
But when she cried, one night, such pure crying,
I said I will take care of you, I will
put you first. I will not ever
have a daughter the way she had me,
I will not ever swim in you
the way my mother swam in me and I
felt myself swum in. I will never know anyone
again the way I knew my mother,
the gates of the human fallen.

 

Primitive

I have heard about the civilized,
the marriages run on talk, elegant and honest,

rational. But you and I are
savages. You come in with a bag,
hold it out to me in silence.
I know Moo Shu Pork when I smell it
and understand the message: I have
pleased you greatly last night. We sit
quietly, side by side, to eat,
the long pancakes dangling and spilling,
fragrant sauce dripping out,
and glance at each other askance, wordless,
the corners of our eyes clear as spear points
laid along the sill to show
a friend sits with a friend here.

 

Sharon Olds (San Francisco, 19 november 1942)

Lees verder “Sharon Olds, Mark Harris, Christoph Wilhelm Aigner, Anna Seghers”

Allen Tate, Girolamo de Rada, Elise Bürger, Veronika Aydin

De Amerikaanse dichter Alan Tate werd geboren op 19 november 1899 in de buurt van Winchester, Kentucky. Zie ook alle tags voor Alan Tate op dit blog.

 

Aeneas At Washington

I myself saw furious with blood
Neoptolemus, at his side the black Atridae,
Hecuba and the hundred daughters, Priam
Cut down, his filth drenching the holy fires.
In that extremity I bore me well,
A true gentleman, valorous in arms,
Distinterested and honourable. Then fled
That was a time when civilization
Run by the few fell to the many, and
Crashed to the shout of men, the clang of arms:
Cold victualing I seized, I hoisted up
The old man my father upon my back,
In the smoke made by sea for a new world
Saving little—a mind imperishable
If time is, a love of past things tenuous
As the hesitation of receding love.

(To the reduction of uncitied littorals
We brought chiefly the vigor of prophecy,
Our hunger breeding calculation
And fixed triumphs)

I saw the thirsty dove
IN the glowing fields of Troy, hemp ripening
And tawny corn, the thickening Blue Grass
All lying rich forever in the green sun.
I see all things apart, the towers that men
Contrive I too contrived long, long ago.
Now I demand little. The singular passion
Abides its object and consumes desire
In the circling shadow of its appetite.
There was a time when the young eyes were slow,
Their flame steady beyond the firstling fire,

I stood in the rain, far from home at nightfall
By the Potomac, the great Dome lit the water,
The city my blood had built I knew no more
While the screech-owl whistled his new delight
Consecutively dark.

Stuck in the wet mire
Four thousand leagues from the ninth buried city
I thought of Troy, what we had built her for.

 


Allen Tate (19 november 1899 – 9 februari 1979)

Lees verder “Allen Tate, Girolamo de Rada, Elise Bürger, Veronika Aydin”