Procession de la Fête-Dieu 35 (Max Jacob), Frans Roumen

 

Bij Sacramentsdag

 

La Procession de la Fête-Dieu door Maurice Le Bel, tussen 1925 en 1950

 

Procession de la Fête-Dieu 35

Processionnez autour du
Temple
Processionnez autour de moi moi je me pioche et me contemple cherchant le feu du feu de joie, cherchant
Dieu près de ma fenêtre, conquérant patiemment ses yeux.
Processionnez autour de
Dieu
Je suis gourmand qu’il me pénètre.

Comme on rencontre une colline
Tu t’élèves à mon horizon.
Qu’est-ce la terre ? une cantine puanteur et séquestration.

Processionnez ! j’attends le
Vin
Cataracte dans mon eau trouble !
Je suis métal et vous burin
Vous, le souffle et moi le buccin et ce qui me touche
Vous touche.

Quand
Dieu eut inventé l’animal et la plante et la terre

qui germe et l’océan qui chante et le droit pour
Adam de
Lui désobéir.

Il lui dit maintenant, homme fais-moi mourir.

Et quand on eut posé sur
Dieu mort une pierre

Dieu rejaillit et parcourut le ciel jusqu’à
Son
Père.

Qu’aujourd’hui et pour l’Éternité me soient chers

le miracle et
Dieu qui m’ont révélé l’enfer

alors que cet enfer me gangrenait déjà,

sous la trompeuse gloire et tous ses falbalas.

Attablé à la vie et sans troubles remords

qui ? sauf
Dieu ? m’aurait dit l’envers de mes décors ?

En me donnant la
Foi, il m’a donné la crainte.

Enfer !
Enfer ! je puis sortir de ton étreinte.

J’allais tout doucement à la rouge fournaise

hélas ! je ne pensais la vie que pour mes aises.

Et maintenant je sais l’épouvante et les cris

qui sont pour le pécheur, en serais-je surpris ?

Enfer tu n’es pas loin, ni
Satan qui me guette

je ne redoute pas ta fosse et tes tempêtes.

Je suis gardé par
Dieu
Ieo
Haamiach,

par mon ange gardien, le délicieux cornac

j’ai les livres des
Saints, la
Bible, l’Evangile

les pardons de l’Église me sont un ferme asile.

 

Max Jacob (12 juli 1876 – 5 maart 1944)
De Saint-Corentin kathedraal in Quimper, de geboorteplaats van Max Jacob

 

En als toegift bij een andere verjaardag:

 

Rooilaan langs de Maas

Eerst dient de horizon zich weidser aan,
zo zonder bomen die het uitzicht zeven.
Dit werd pas ’s winters even vrij gegeven,
om er dan snel een loofdoek voor te slaan.

Een kleine bal, een zwarte volle maan,
lijkt al wat in de verte is gebleven.
De bomen zijn steeds ijler weggedreven.
Van dichterbij zie ik een pony staan.

Daar ging ik met de hond elk jaargetijde,
tot vreemde mannen ons met vuur beroofden
van deze gang die ons voor kort bevrijdde

van kooi en tijd. En ik herinner mij de
begeerde schaduw die het zonlicht doofde,
het herfstgeruis dat eeuwigheid beloofde.

 

Frans Roumen, Uit: Elk woord van mij is zonde,
Uitgeverij Berend Immink, Nijmegen 1984)

 

Frans Roumen (Wessem, 16 juni 1957)
De Maas in Maastricht door Jan Kusters, 2009

Maria (Jacobus Revius), Thomas Mann, Nikki Giovanni

 

Bij het feest van Maria, Moeder van de Kerk

Prettige Pinksterdagen!

 

Maria omringd door de apostelen tijdens het “Pinksterwonder”, Meester van het Heilige Altaar van Salem, eind 15e eeuw

 

Maria

Gezegend is de maagd de kroon van alle maagden,
De tempel van Gods Zoon en wezenlijke kracht,
De schone dageraad waardoor ons nu toe-lacht
De Zonne waar zo dik de Vaderen naar vraagden.

Gelukkig, meer als die die ooit de Heer behaagden,
De zuster van haar kind, de dochter van haar dracht,
De bruid van die ze zelf ter wereld heeft gebracht
In wiens ontvangenis beid’ aard’ en hemel waagden.

Wel zalig zijn voorwaar haar ongeraakte borsten
Waarnaar de bronne zelf des levens plach te dorsten:
Wel zalig is de schoot daarin hij heeft gerust:

Maar zalig bovenal zijn zulke die haar leven
(Gelijk Maria dee) tot zijne dienst begeven
En hebben in zijn woord haar hertelijke lust.

 

Jacobus Revius (november 1586 – 15 november 1658)
De Lebuinuskerk in Deventer, de geboorteplaats van Jacobus Revius

 

De Duitse schrijver Thomas Mann werd geboren in Lübeck op 6 juni 1875. Zie ook alle tags voor Thomas Mann op dit blog.

Uit: Joseph und seine Brüder

„In Wirklichkeit war das Gemüt des Mondwanderers auf keine Weise geschaffen, politische Verheißungen zu empfangen oder hervorzubringen. Nichts beweist, daß er das Amurruland auch nur von vornherein als zukünftiges Gebiet seines Wirkens ins Auge gefaßt habe, als er die Heimat verließ; ja, der Umstand, daß er versuchsweise auch das Land der Gräber und der stutznäsigen Löwenjungfrau erwanderte, scheint das Gegenteil zu beweisen. Wenn er aber des Nimrods großmächtiges Staatswesen im Rücken ließ und auch das hochangesehene Reich des Oasenkönigs mit der Doppelkrone sogleich wieder mied, um ins Westland zurückzukehren, das heißt in ein Land, dessen zersplittertes Staatsleben es zu politischer Ohnmacht und Abhängigkeit hoffnungslos bestimmte, so zeugt dies für nichts weniger als für seinen Geschmack an imperialer Größe und seine Anlage zur politischen Vision. Was ihn in Bewegung gesetzt hatte, war geistliche Unruhe, war Gottesnot gewesen, und wenn ihm Verkündigungen zuteil wurden, woran gar kein Zweifel statthaft ist, so bezogen sich diese auf die Ausstrahlungen seines neuartig-persönlichen Gotteserlebnisses, dem Teilnahme und Anhängerschaft zu werben er ja von Anbeginn bemüht gewesen war. Er litt, und indem er das Maß seiner inneren Unbequemlichkeit mit dem der großen Mehrzahl verglich, schloß er daraus auf seines Leidens Zukunftsträchtigkeit. Nicht umsonst, so vernahm er von dem neuerschauten Gott, soll deine Qual und Unrast gewesen sein: Sie wird viele Seelen befruchten, wird Proselyten zeugen, zahlreich wie der Sand am Meer, und den Anstoß geben zu Lebensweitläufigkeiten, die keimweise in ihr beschlossen sind, – mit einem Worte, du sollst ein Segen sein. Ein Segen?

Jozef wordt door zijn broers herkend door Baron François Pascal Simon Gérard, 1789

Es ist unwahrscheinlich, daß mit diesem Wort der Sinn desjenigen richtig wiedergegeben ist, das zu ihm im Gesicht geschah und das seiner Lebensstimmung, der Empfindung seiner selbst entsprach. In dem Worte »Segen« liegt eine Wertung, die man fernhalten sollte von Bezeichnungen des Wesens und der Wirkung von Männern seiner Art: von Männern also der inneren Unbequemlichkeit und der Wanderung, deren neuartige Gotteserfahrung die Zukunft zu prägen bestimmt ist. Einen reinen und unzweifelhaften »Segen« bedeutet das Leben solcher Männer selten oder nie, mit denen eine Geschichte beginnt, und nicht dies ist es, was ihr Selbstgefühl ihnen zuflüstert. »Und sollst ein Schicksal sein« – das ist die reinere und richtigere Übersetzung des Verheißungswortes, in welcher Sprache es immer möge gesprochen worden sein; und ob dies Schicksal einen Segen bedeuten möge oder nicht, ist eine Frage, deren Zweitrangigkeit aus der Tatsache erhellt, daß sie immer und ohne Ausnahme verschieden wird beantwortet werden können, obgleich sie natürlich mit Ja beantwortet wurde von der auf physischem und geistigem Wege wachsenden Gemeinschaft derer, die in dem Gotte, welcher den Mann von Ur aus Chaldäa geführt, den wahren Baal und Addu des Kreislaufs erkannten und auf deren Zusammenhang Joseph sein eigenes geistiges und körperliches Dasein zurückführte.“

 

Thomas Mann (6 juni 1875 – 12 augustus 1955)

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Nikki Giovanni werd geboren op 7 juni 1943 in Knoxville, Tennessee. Zie ook alle tags voor Nikki Giovanni op dit blog.

 

Nikki-Rosa

jeugdherinneringen zijn altijd vervelend
als je zwart bent
je herinnert je altijd dingen zoals wonen in Woodlawn
zonder toilet binnenshuis
en als je beroemd wordt of zo
praten ze nooit over hoe blij je was om
je moeder
helemaal voor jezelf te hebben en
hoe goed het water voelde toen je in bad ging
in van een van die
grote kuipen waar mensen in Chicago in barbecueën
en op de een of andere manier als je over thuis praat
komt nooit over hoe goed je
hun gevoelens begreep

terwijl de hele familie bijeenkomsten over Hollydale bijwoonde
en hoewel je het je herinnert
begrijpen je biografen nooit
de pijn van je vader wanneer hij zijn aandelen verkoopt
en er weer een droom verloren gaat
En hoewel je arm bent, is het geen armoede die
je stoort
en hoewel ze veel vochten
is het niet het drinken van je vader dat het verschil maakt
maar alleen dat iedereen samen is en jij
en je zus fijne verjaardagen hebben en heel goede
kerstdagen

en ik hoop echt dat geen enkele blanke ooit een reden heeft
om over mij te schrijven
omdat ze nooit begrijpen
dat Zwarte liefde Zwarte rijkdom is en zij zullen
waarschijnlijk praten over mijn moeilijke jeugd
en nooit begrijpen dat
ik al die tijd best gelukkig was

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Nikki Giovanni (Knoxville, 7 juni 1943)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 6e juni ook mijn blog van 6 juni 2020 en eveneens mijn blog van 6 juni 2019 en ook mijn blog van 6 juni 2015 deel 2.

Naam uit het vuur (Huub Oosterhuis), Federico García Lorca

 

Prettige Pinksterdagen!

 

Nederdaling van de Heilige Geest op Pinksteren door Hendrick Bloemaert, 17e eeuw

 

Naam uit het vuur

Naam uit het vuur, één eeuwig, Hij alleen,
riep smeekte dreigde zweeg. Riep weer, om antwoord.
Roept water uit de rots, slaat vuur uit steen.

En weer zijn stem – een lichtval uit de wolken.
Tien woorden licht. Daar stonden wij, nog krom van slavernij,
de minsten van de volken.

Een hand van stormwind werd op ons gelegd.
Vuurtongen stonden boven onze hoofden.
Een ander leven werd ons aangezegd.

Van toen af dragers van een visioen
leerden wij, dood na dood opnieuw geboren,
verlangen naar zijn woord, en het te doen.

Er kwam een dag die niets dan einde was.
Van God verlaten hingen wij aan kruisen,
het visioen verwaaid als stof en as.

De wereld draaide verder, dood na dood.
Een kuil vol knoken. Doorgekraste namen.
Na vijftig dagen kwam de ademstoot.

Die schikte onze stukken weer tot een;
blies onbevlekte huid over ons heen.
De Naam riep: Mensenkind, sta op je voeten.

Daar stonden wij, om nu voorgoed te gaan
tot aan de verste randen van de aarde
en naar zijn woord te doen wat moet gedaan.

Adem van onbegonnen nieuw begin,
heilige stormwind, laat niet af, doorvuur ons.
Spreek moed, volharding, wijsheid, vrede in.

 

Huub Oosterhuis (Amsterdam, 1 november 1933)
De St. Nicolaaskerk in Amsterdam door Hendrik Cornelis Kranenburg, 1934

 

De Spaanse dichter en toneelschrijver Federico Garcia Lorca werd geboren op 5 juni 1898 in Fuente Vaqueros, Granada. Zie ook alle tags voor Federico Garcia Lorca op dit blog.

 

Kerseboom in bloei

In maart
reis je naar de maan.
Je laat je schaduw hier.

De weilanden worden
onwerkelijk. Het regent
witte vogels.

Ik raak verdwaald in je bos
en schreeuw: Open u, Sesam!
Ik lijk wel een kind! Die schreeuw:
Open u, Sesam!

 

Vertaald door Marije Dekkers

 

Federico García Lorca (5 juni 1898 – 19 augustus 1936)
Borstbeeld van Federico García Lorca in Almeria

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 5e juni ook mijn blog van 5 juni 2020 en eveneens mijn blog van 5 juni 2019 en ook mijn blog van 5 juni 2017 deel 1 en eveneens deel 2.

The Evening Of The Visitation (Thomas Merton), Walt Whitman

 

Bij Maria Visitatie

 

Maria Visitatie door Domenico Ghirlandaio, 1491

 

The Evening of the Visitation

Go, roads, to the four quarters of our quiet distance,
While you, full moon, wise queen,
Begin your evening journey to the hills of heaven,
And travel no less stately in the summer sky
Than Mary, going to the house of Zachary.

The woods are silent with the sleep of doves,
The valleys with the sleep of streams,
And all our barns are happy with peace of cattle gone to rest.
Still wakeful, in the fields, the shocks of wheat
Preach and say prayers:
You sheaves, make all your evensongs as sweet as ours,
Whose summer world, all ready for the granary and barn,
Seems to have seen, this day,
Into the secret of the Lord’s Nativity.

Now at the fall of night, you shocks,
Still bend your heads like kind and humble kings
The way you did this golden morning when you saw God’s
Mother passing,
While all our windows fill and sweeten
With the mild vespers of the hay and barley.

You moon and rising stars, pour on our barns and houses
Your gentle benedictions.
Remind us how our Mother, with far subtler and more holy
influence,
Blesses our rooves and eaves,
Our shutters, lattices and sills,
Our doors, and floors, and stairs, and rooms, and bedrooms,
Smiling by night upon her sleeping children:
O gentle Mary! Our lovely Mother in heaven!

 

Thomas Merton (31 januari 1915 – 10 december 1968)
De Eglise Saint-Pierre in Prades, Frankrijk, de geboorteplaats van Thomas Merton

 

De Amerikaanse dichter Walt Whitman werd geboren op 31 mei 1819 in Westhills, Long Island, New York. Zie ook alle tags voor Whalt Whitman op dit blog.

 

Te denken aan tijd

[8]

Langzaam bewegende zwarte lijnen gaan onophoudelijk over de aarde,
De noorderling wordt gedragen en de zuiderling wordt gedragen… en zij aan de Atlantische kust en zij aan de Pacific, en zij daartussenin, en door het hele land van de Mississippi… en over de hele aarde.

De grote meesters en de kosmos zijn goed als ze gaan… de helden en weldoeners zijn goed,
De bekende leiders en uitvinders en de rijke eigenaars en de vromen en voornamen mogen goed zijn,
Maar er is een groter belang dan dat… er is een precies belang van alles.

De onuitroeibare horden van de onwetenden en slechten zijn niet niets,
De barbaren van Afrika en Azië zijn niet niets,
Het gewone volk van Europa is niet niets… de Amerikaanse inboorlingen zijn niet niets,
Een zambo of een voorhoofdloze Crowfoot of een Camanche is niet niets,
De geïnfecteerden in het immigrantenziekenhuis zijn niet niets… de moordenaar of de valse persoon is niet niets,
De eeuwige opeenvolging van oppervlakkige mensen is niet niets als zij gaan,
De hoer is niet niets… de bespotter van godsdienst is niet niets als hij gaat.

Ik zal gaan met de rest… we hebben voldoening:
Ik heb gedroomd dat we niet zoveel zullen veranderen… en ook de wet van ons is niet veranderd;
Ik heb gedroomd dat helden en weldoeners onder de huidige en oude wet zullen vallen,
En dat moordenaars en dronkaards en leugenaars onder de huidige en oude wet zullen vallen;
Want ik heb gedroomd dat de wet waaronder ze nu vallen genoeg is.

En ik heb gedroomd dat de voldoening niet zoveel veranderd wordt… en dat er geen leven is zonder voldoening.
Wat is de aarde? wat zijn lichaam en ziel zonder voldoening?

Ik zal gaan met de rest,
We kunnen niet op een gegeven moment worden stopgezet… dat is geen voldoening;
Om ons een goed ding of een paar goede dingen te laten zien voor een eindige periode – dat is geen voldoening;

Het kan niet anders of wij zijn van het onvernietigbare ras van de besten, ongeacht tijd.
Zo niet zouden al deze dingen slechts wederkeren tot as van mest;
Als maden en ratten ons zouden beëindigen, dan wantrouwen en verraad en dood.

Wantrouw je de dood? Als ik de dood zou wantrouwen zou ik nu moeten sterven,
Denk je dat ik vriendelijk en goedgekleed zou kunnen lopen naar vernietiging?

Vriendelijk en goedgekleed loop ik,
Waarheen ik loop kan ik niet definiëren, maar ik weet dat het goed is,
Het hele universum maakt duidelijk dat het goed is,
Het verleden en het heden maken duidelijk dat het goed is.

Hoe mooi en perfect zijn de dieren! Hoe perfect is mijn ziel!
Hoe perfect de aarde, en het kleinste ding op aarde!
Wat goed genoemd wordt is perfect, en wat zonde wordt genoemd is even perfect;
De planten en mineralen zijn allemaal perfect… en de onpeilbare stromen zijn perfect;
Langzaam en zeker zijn ze hiertoe gekomen, en langzaam en zeker zullen ze nog verder gaan.

O mijn ziel! als ik besef van je heb heb ik voldoening,
Dieren en planten! als ik besef van jullie heb heb ik voldoening,
Wetten van de aarde en lucht! als ik besef van jullie heb heb ik voldoening.

Ik kan mijn voldoening niet definiëren… toch is het zo,
Ik kan mijn leven niet definiëren… toch is het zo.

 

Vertaald door Ilja Leonard Pfeijffer

 

Walt Whitman (31 mei 1819 – 26 maart 1893)


Zie voor nog meer schrijvers van de 31e mei ook mijn blog van 31 mei 2020 en eveneens mijn blog van 31 mei 2019 en ook mijn blog van 31 mei 2017 en ook mijn blog van 31 mei 2015 deel 2.

St. Thomas the Apostle (Malcolm Guite), George Oppen

 

Bij Beloken Pasen

 

Het ongeloof van St. Thomas door Matthias Stom, 1641-1649

 

St. Thomas the Apostle

“We do not know… how can we know the way?”
Courageous master of the awkward question,
You spoke the words the others dared not say
And cut through their evasion and abstraction.
Oh doubting Thomas, father of my faith,
You put your finger on the nub of things
We cannot love some disembodied wraith,
But flesh and blood must be our king of kings.
Your teaching is to touch, embrace, anoint,
Feel after Him and find Him in the flesh.
Because He loved your awkward counter-point
The Word has heard and granted you your wish.
Oh place my hands with yours, help me divine
The wounded God whose wounds are healing mine.

 

Malcolm Guite (Ibadan, 12 november 1957)
Oritamefa Baptist Church in Ibadan, Nigeria

 

De Amerikaanse dichter George Oppen (eig. George Oppenheimer) werd geboren op 24 april 1908 in New Rochelle, New York. Zie ook alle tags voor George Oppen op dit blog.

 

Vijf gedichten over poëzie

1- HET GEBAAR

De vraag is: hoe houd iemand een appel vast
Die van appels houdt

En hoe gaat iemand om met
Vuil? De vraag is

Hoe houdt iemand iets
In gedachten waar hij greep op

Wil krijgen en hoe houdt de verkoper
Een prul vast dat hij van plan is

Te verkopen? De vraag is
Wanneer zullen er geen honderd

Dichters zijn die dat gebaar verwarren
Met een stijl.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

George Oppen (24 april 1908 – 7 juli 1984)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 24e april ook mijn blog van 24 april 2021 en ook mijn blog van 24 april 2020 en eveneens mijn blog van 24 april 2019 en ook mijn blog van 24 april 2016 deel 2.

Osterhas (Wilhelm Raabe), Hanane Aad

 

Aan alle bezoekers en mede-bloggers een Vrolijk Pasen! 

 

Pasen stilleven door Stanisław Żukowski, 1915

 

Osterhas

Sprang der Osterhasen
durch die grünende Welt;
Kinder und Verliebte
suchten im sonnigen Feld.

Welch ein schönes Nest
hat mein Liebchen entdeckt!
Unterm Veilchenbusch
fein war es versteckt.

Viele schöne Eier
lagen glänzend drin,
und mein jubelndes Liebchen
kauerte neben es hin.

“Eier rosenrot!
Eier himmelblau!
Keins von ihnen schwarz!
Keins von ihnen grau!”

Die Rosenroten
waren voll Küsse;
die Himmelblauen
waren voll Lieder; –
und Dämmerung ward es,
eh’ wir nach Haus kamen!

 

Wilhelm Raabe (8 september 1831 – 15 november 1910)
De St. Martin Kirche in Eschershausen, de geboorteplaats van Wilhelm Raabe

 

De Libanese dichteres, journaliste en vertaalster Hanane Aad werd geboren op 18 april 1965 in Beiroet. Zie ook alle tags voor Hanane Aad op dit blog.

 

De omloop van de geest

’s Morgens reis ik
naar mijn eigen ster
in de ringbaan van de geest
waarin ik mijn karavanen van vermoeidheid
berg
mijn trouwe, geheime ster
wacht steeds op mij
bij de keerpunten van de tijd
op de startbaan van de storm
ik kniel voor
mijn eigen ster
in de ringbaan van de geest
ik mompel
zingzeg het lied van de essentie
dompel het grote hart vol liefde
in het bestaan
omarm de vrijheidswaan
die ik met pure tranen was
dat zij mij redt
en mij verheft
naar torens van zekerheid.

 

Vertaald door Cees Nijland

 

Hanane Aad (Beiroet, 18 april 1965)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e april ook mijn blog van 18 april 2021 en ook mijn blog van 18 april 2020 en eveneens mijn blog van 18 april 2019 en ook mijn blog van 18 april 2017 en ook mijn blog van 18 april 2015 deel 2.

An Easter Prayer (Helen Steiner Rice), George Herbert

 

Aan alle bezoekers en mede-bloggers een Vrolijk Pasen! 

 

De Verrijzenis door Tintoretto, ca, 1570

 

An Easter Prayer

God, give us eyes to see
the beauty of the Spring,
And to behold Your majesty
in every living thing.

And may we see in lacy leaves
and every budding flower
The Hand that rules the universe
with gentleness and power.

And may this Easter grandeur
that Spring lavishly imparts
Awaken faded flowers of faith
Luing dormant in our hearts.

And give us ears to hear, dear God
the Springtime song of birds
With messages more meaningful
than man’s often empty words.

Telling harried human beings
who are lost in dark despair
‘Be like us and do not worry
for God has you in his care.’

 

Helen Steiner Rice (19 mei 1900 – 23 april 1981)
De Church of the Redeemer in Lorain, Ohio, de geboorteplaats van Helen Steiner Rice

 

De Engelse priester en dichter George Herbert werd op 3 april 1593 geboren, waarschijnlijk te Black Hall (Wales). Zie ook alle tags voor George Herbert op dit blog.

 

Vleugels van Pasen

Toen U de mens met al zijn rijkdom schiep,
Verloor hij snel die schatten weer;

En toen zijn tijd verliep,
Viel hij, o Heer,
Heel diep.
Uw Hand
Zorgt weer dat ik
Verrijzen zal en dan
Zal jub’len als de leeuwerik,
Omdat wie diep valt, hoger vliegen kan.

Al in mijn jeugd begon voor mij de pijn;
Ziekte en schande deed mij zeer.
Gestraft, voor mijn venijn
Werd ik, o Heer,
Heel klein.
Uw Hand
Verlost mij nu;
De hele dag jubel ik van
Uw opstanding, ik vlieg met U,
Omdat na smart, ik hoger vliegen kan.

 

Vertaald door Arie van der Krogt

 

George Herbert (3 april 1593 – 1 maart 1633)
George Herbert op Bemerton door William Dyce, 1860

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 17e april ook mijn blog van 17 april 2021 en ook  mijn blog van 17 april 2020 en eveneens mijn blog van 17 april 2019 en ook mijn blog van 17 april 2017 deel 2.

The Empty Tomb (Clara Ann Thompson), Thomas Olde Heuvelt, Sarah Kirsch

 

Bij Stille Zaterdag

 

Het lege graf door Michail Vasiljevitsj Nesterov, 1889

 

The Empty Tomb

Calv’ry’s tragedy is ended;
They have laid Him in the tomb,
And with jealous care, His enemies have sealed it;
But they cannot keep Him there,
For an earthquake rends the air,
And an angel rolls away the stone that closed it.

None are there to greet the Savior,
As He leaves the open tomb,
All forgotten are the promises He gave them;
And the women wend their way
To the tomb, ero it is day;
Not in faith, for death’s sad emblems bring they with them.

Oh, the darkness of that morning,
When they stood before His tomb,
With the spices and the ointments to anoint Him!
And I hear sad Mary say:
” They have taken Him away,
And I know not, and I know not where they’ve laid Him. “

Oh, ye ones of faithless doubting!
Know ye not what Jesus said,
While in life, His toil to you was freely given?
Now ye stand, with hearts of woe,
While your bitter tears doth flow,
Knowing not your Lord and Savior has arisen.

Then the Savior speaks to Mary,
And at first, she knows Him not,
For her eyes are darkened by her doubts and sadness;
Then, He speaks to her again,
Gently calls her by her name,
And she greets her risen Lord with wondrous gladness.

Often in the Christians’ struggle,
When the battle rages sore,
And on ev’ry side the bitter foes assail them,
E’en like her, they sadly say: —
” They have taken Him away,
And I know not, and I know not where they’ve laid Him. “

And, like her, with bitter weeping,
As they face the empty tomb,
All His promises and wondrous deeds forgotten,
If they’d turn, they’d find Him near,
With such loving words of cheer,
That they’d know ’twas doubt, that made them feel forsaken.

 

Clara Ann Thompson (22 januari 1869 – 18 maart 1959)
De United Church of Christ in Sycamore. Rossmoyne, de geboorteplaats van Clara Ann Thompson behoort tot de Sycamore Township in Ohio.

 

De Nederlandse schrijver Thomas Baudelet Olde Heuvelt werd geboren in Nijmegen op 16 april 1983. Zie ook alle tags voor Thomas Olde Heuvelt op dit blog.

Uit: Orakel

“Al zal het dan nooit wat worden, had hij gedacht, terwijl hij met zijn adem het raam besloeg en er hartjes in tekende die meteen weer vervluchtigden, laat me dan in ieder geval van je houden.
Dramaqueen, zou Emma bijna zeker hebben gezegd, als ze hem zo had kunnen zien.

Zijn moeder stond erop dat hij zijn parka en wanten aan zou trekken, waardoor hij er een beetje belachelijk uitzag – ‘Net het Michelinmannetje,’ lachte ze tot zijn ongenoegen – maar zodra Luca zijn Cannondale uit de schuur had gehaald en de Parklaan op fietste, was hij toch dankbaar dat hij ze had. De kou beet in zijn warme, onvoorbereide wangen, die op slag gevoelloos werden. Goed, het was een Hollandse december en het vroor maar een graad of twee, maar tot dan toe was het najaar buitengewoon zacht geweest en het verschil in gevoelstemperatuur maakte dat hij rilde tot op het bot. Hij trok zijn capuchon strakker aan en begon stevig te trappen om warm te worden.
Het schemerde nog en in de mist zag alles er een beetje vreemd uit. De bomen en de geparkeerde auto’s waren vormen die pas herkenbaar werden als je er heel dichtbij was, en lichten zweefden dof en geheimzinnig in het niets. In de mist verschenen en verdwenen dingen, dacht Luca. Het had iets griezeligs.

Emma stond op het pleintje voor de snackbar te wachten met haar te grote Gazelle tussen haar benen. Toen ze hem zag stopte ze haar telefoon weg. ‘Hé Luca!’
‘Echt, fuck jouw hockey. Ik sterf van de kou.’
‘Laten we gaan dan, dommie, dan word je snel genoeg warm. Leuke parka, trouwens.’
‘Haha.’
‘Nee, ik meen het.’
Luca zág dat ze het meende – dat zag hij aan haar grote, amandelvormige ogen, die net iets verder uit elkaar stonden dan bij andere meisjes, en die niets dan genegenheid uitstraalden – en voelde zich onmiddellijk rood worden. Met haar lange beige jas, wollen sjaal, leren handschoenen en gebreide muts zag Emma er zeer zeker niet belachelijk uit. Haar fiets, die van haar zus was geweest, maakte het af: ze leek volwassen. Luca begon zich alweer te schamen, eerst voor zijn eigen voorkomen, en vervolgens voor welk effect zij op hem had. Elke keer. Luca Wolf was niet bijzonder populair maar kon onder druk altijd wel een treffend of grappig weerwoord geven, waardoor hij prima in de groep lag. Maar in bijzijn van Emma’s natuurlijke zelfverzekerdheid was het net of zijn brein soep werd.”

 

Thomas Olde Heuvelt (Nijmegen, 16 april 1983)

 

De Duitse schrijfster en dichteres Sarah Kirsch (eig. Ingrid Hella Irmelinde Kirsch) werd geboren op 16 april 1935 in Limlingerode. Zie ook alle tags voor Sarah Kirsch op dit blog.

 

Bij de witte viooltjes

Bij de witte viooltjes
In het park zoals hij mij opdroeg
Sta ik onder de wilg
Ongekamd oudje bladloos
Zie je zegt ze hij komt niet

Ach zeg ik hij heeft zijn voet gebroken
Een graatje ingeslikt, een straat
Werd plotseling omgeleid of
Hij kan niet aan zijn vrouw ontsnappen
Veel dingen belemmeren ons mensen

De wilg zwaait en kraakt
Het is mogelijk dat hij al dood is
Hij zag bleek toen hij je onder je jas kuste
Kan best wilg kan best
Dus laten we hopen dat hij niet meer van me houdt

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Sarah Kirsch (16 april 1935 – 5 mei 2013)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 16e april ook mijn blog van 16 april 2020 en eveneens mijn blog van 16 april 2019 en ook mijn blog van 16 april 2017 deel 2.

Bij het kruis (Willem de Mérode),Tomas Tranströmer

 

Bij Goede Vrijdag

 

Christus gekruisigd met de Maagd, Johannes en Maria Magdalena door Anthony van Dyck, ca. 1622

 

Bij het kruis

Dwaasheid, ergernis, kracht Gods”
PAULUS

Ik heb op Golgotha gestaan
En zag ’t gelaat van Jezus aan,
Dien men als een ellendeling
Aan ’t kruishout hing.

Daar rees zijn lichaam angstig bloot,
Zijn oogen duistrend naar den dood,
Handen en voeten smart-gekromd,
Den mond in drogen dorst verstomd.

Is dit een Heiland naar mijn wensch,
Een veeg en afgefolterd mensch?
En kan dit zwartgeronnen bloed
Een balsem zijn voor mijn gemoed?

Toen heeft mijn ziel tot U geschreid
In groote godverlatenheid:
Heb met ons beiden medelij,
O Heer, verlos Uzelf en mij.

Toen doofdet Gij der zinnen schijn
Als lampen die niet noodig zijn.
En als een lauwe regen viel
Uw bloed in mijn verlepte ziel.

Toen zag ik dwaze zwakkeling
Den Heer, Die voor den hemel hing,
Die al mijn zonden en mijn smart
Leed aan zijn doodbekropen hart.

Wat wordt Uw bitterheid mij zoet!
O Heer, er daalt een honingvloed
Van liefde uit Uw gescheurde zij.
Gij dorst en derft en lenigt mij.

Ik weet, voor wien Gij sterven woudt,
Aan dit van God vervloekte hout.
Ik moest daar hangen, ziel en lijf
Der wereld tot een tijdverdrijf.

Gij wilt U geven, en Gij sterft
Voor mij, die dikwijls van U zwerft.
Maar in mijn weergekeerd gemoed
Leeft Gij, en Gij leeft mij voorgoed.

Aanzie, aanzie mijns harten rouw
En ken, die U niet kennen wou.
En gun uw fellen moordenaar
Een woord van troost, een enkel maar.

Ik weet wel, dat Gij mij bemint,
Maar ach, een ongehoorzaam kind

Zal schreien en niet zijn gerust
Eer ’t is getroost en afgekust.

Wat wordt Uw bitterheid mij zoet.
O Heer, er is een honingvloed
Voor mij, die overal U zocht
En aan het kruis U vinden mocht.

 

Willem de Mérode (2 september 1887 – 22 mei 1939)
De Andreaskerk in Spijk, Groningen, de geboorteplaats van Willem de Mérode

 

De Zweedse dichter en schrijver Tomas Tranströmer werd geboren in Stockholm op 15 april 1931. Zie ook alle tags voor Tomas Tranströmer op dit blog.

 

WOLKBREUK BOVEN HET BINNENLAND

De regen hamert op de autodaken.
Het onweer rommelt. Het verkeer mindert vaart.
Autolichten midden op de zomerdag ontstoken.

De rook slaat neer in de schoorstenen.
Alles wat leeft duikt in elkaar, sluit de ogen.
Een naar binnen gekeerde beweging, voel het leven heviger.

De auto is bijkans blind. De man stopt,
ontsteekt zijn eigen vuur en rookt
terwijl het water langs de ruiten stroomt.

Hier op een bosweg, kronkelend en afgelegen
vlakbij een meer met waterlelies en
een langgerekte berg verdwijnend in de regen.

Daarboven liggen de steenhopen
uit het ijzeren tijdperk toen dit een plek was
voor stamtwisten, een koudere Kongo

en het gevaar dreef vee en mensen bijeen
tot een gemurmel achter muren,
achter de struiken en stenen op de bergkam.

Een donkere helling, iemand die log
omhoog klimt met zijn schild op zijn rug
daaraan denkt hij terwijl de auto staat.

Het wordt licht, hij draait het raampje open.
Een vogel fluitkletst in zichzelf
in een steeds dunnere stille regen.

Het meeroppervlak staat gespannen. De onweershemel
fluistert dwars door de lelies tegen de modder.
De ramen van het bos gaan langzaam open.

Maar de donder knalt regelrecht uit de rust!
Een oorverdovende klap. En daarna de leegte
waarin de laatste druppels dalen.

In de stilte hoort hij een antwoord komen.
Van verre. Een soort ruwe kinderstem.

Vanaf de berg stijgt een geloei op.

Een gejammer van samengekitte tonen.
Een lange hese trompet uit de ijzertijd.
Misschien vanuit zijn eigen binnenste.

 

Vertaald door J. Bernlef

 

Tomas Tranströmer (15 april 1931 – 26 maart 2015)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e april ook mijn blog van 15 april 2020 en eveneens mijn blog van 15 april 2019 en ook mijn blog van 15 april 2018 deel 3.

Palm-Sunday (Henry Vaughan)

 

Bij Palmzondag

 

Palmzondag door Albert Stevens, 1862

 

Palm-Sunday

Come, drop your branches, strow the way
Plants of the day!

Whom sufferings make most green and gay.

The King of grief, the man of sorrow
Weeping still, like the wet morrow,
Your shades and freshness comes to borrow.

Put on, put on your best array;
Let the joy’d rode make holy-day,
And flowers that into fields do stray,
Or secret groves, keep the high-way.

Trees, flowers & herbs; birds, beasts & stones,
That since man fell, expect with groans
To see the lamb, which all at once,
Lift up your heads and leave your moans!
For here comes he
Whose death will be
Mans life, and your full liberty.

Hark! how the children shril and high
Hosanna cry,
Their joys provoke the distant skie,

Where thrones and Seraphins reply,
And their own Angels shine and sing
In a bright ring:
Such yong, sweet mirth
Makes heaven and earth
Joyn in a joyful Symphony,

The harmless, yong and happy Ass,
Seen long before this came to pass,
Is in these joys an high partaker
Ordain’d, and made to bear his Maker.

Dear feast of Palms, of Flowers and Dew!
Whose fruitful dawn sheds hopes and lights;
Thy bright solemnities did shew,
The third glad day through two sad nights.

I’le get me up before the Sun,
I’le cut me boughs off many a tree,
And all alone full early run
To gather flowers to wellcome thee.

Then like the Palm , though wrong, I’le bear,
I will be still a childe, still meek
As the poor Ass, which the proud jear,
And onely my dear Jesus seek.

If I lose all, and must endure.
The proverb’d griefs of holy Job ,
I care not, so I may secure
But one green Branch and a white robe .

 

Henry Vaughan (17 april 1622 – 28 april 1695)
St. Ffraid, de parochkerk in Llansanffraid, de geboorteplaats van Henry Vaughan

 

Zie voor de schrijvers van de 10e april ook mijn blog van 10 april 2021 en ook mijn blog van 10 april 2020 en eveneens mijn blog van 10 april 2019 en ook mijn blog van 10 april 2016 deel 2.