Steffen Popp

De Duitse dichter en schrijver Steffen Popp werd geboren op 18 juli 1978 in Greifswald. Zie ook alle tags voor Steffen Popp op dit blog.

 

BUKOLISCHE POSTKARTEN II

Das sich Verwandeln der Orte ins uns
alt wie die Sphinx, und wir sind sie, sind
unser Fernsein in ihnen.

Alles soll groß werden, aufschäumen
aber die Nacht konzentriert sich
auf einen winzigen Gegenstand.

Technik will denken, aber Steine tragen
sich an ihrer Grenze, wie Schlaf.

Ein Sicherung vor dem Herzen
schaltet das Licht aus
in deinem Rücken die Pyramidenlampe
oben die kleinen Sterne.

 

Schneeode, später Schnee

O schwarzer Schlaf, o Axt
o große Trauer, Herz
ich ging hinaus, über das Gras
ich ging hinaus um deine Augen.

Filzstift, Baumpilz, Hydra
ich ging hinaus, ich ging hinaus
über das Gras, um deine Augen.

Achte auf kleines Gewölk
achte auf Tote, ihren besonderen Traum
achte auf Vögel, die Spannung der Haut
das Schlagen, die Stimme, das Lied.

Dieses Gefühl überwintert
in deinem Handschuh, leise schnaufend
wie ein zu großes Tier
unter dem Waldboden.

Einmal im Schnee, gräbst du es aus
und findest Knochen

ich ging hinaus um deine Augen
ich ging hinaus um deine Augen

da sind die Toten, das Weltall
da sind die Vögel, das Lied.

 

Von Zinnen

Sage war alles, Packpferd (mit ihm durch Gebirge)
Futtersack (und Paris April). Hain, Gemüsehain des
geistig Verheerten. Hirschen. Enormes Er (Bottrop
Bingen). … schrieb Ihnen glühende Briefe, Madame.
Glühende Sachbearbeiterin – Schweifstern, Gau.

Semantisch nicht mal träumen. Rodete Strunk (heiße
Tränen). Liebe wollte Antike, Grube war Trumpf
– Gugelhupf, Unterschlupf, Grmpf. Brütendes Rind
das heißt ca. 60 Pelikane mit massiven Kehlsäcken.

Hufe (uralte Sentenz). Zeugen (vermutlich Splitt).
Schneid einem Sittich die Krallen, halt ihn ins Licht.

 

Sneeuwode, late sneeuw

Oh zwarte slaap, oh bijl
Oh groot verdriet, hart
Ik ging naar buiten over het gras
Ik ging naar buiten, omwille van je ogen.

Viltstift, boomschimmel, hydra
Ik ging naar buiten, ik ging naar buiten
over het gras, omwille van je ogen.

Let op kleine wolkjes
let op dode mensen, hun bijzondere droom
let op vogels, de spanning van de huid
het getjilp, de stem, het lied.

Dit gevoel overwintert
in jouw handschoen, zachtjes hijgend
als een te groot dier
onder de bosbodem.

Eenmaal in de sneeuw graaf je het op
en vind botten

Ik ging naar buiten omwille van je ogen
Ik ging naar buiten omwille van je ogen
daar zijn de doden, het universum
daar zijn de vogels, het lied.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Steffen Popp (Greifswald, 18 juli 1978)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e juli ook mijn blog van 18 juli 2020 en eveneens mijn blog van 18 juli 2019.

Tsead Bruinja, Judith Beveridge

De Nederlandse dichter Tsead Bruinja werd geboren in Rinsumageest op 17 juli 1974. Zie ook alle tags voor Tsead Bruinja op dit blog.

 

Het geld het fruit en de familie

als ze nat van de regen thuiskomt op de dag dat haar vakantiegeld net binnen is
jij je hand op haar heupen legt en de kleine huidplooi zachtjes in de
muis van je hand kruipt je tegen haar billen duwt je haar het hematasje
uit handen neemt het op tafel legt
en haar voorzichtig naar de trap manoeuvreert

dat ze dan een beetje tegensputtert
dat je haar in haar nek zoent
aan haar bloesje frunnikt

en je vader belt zonder zijn naam te zeggen

een stem waar je al tweeëndertig jaar naar luistert
maar die je niet meteen herkent

vijftien jaar oud

zes uur ’s ochtends en over een uur de bus
een oud washandje of een sportsok
in een broodtrommel
onder het bed
de wehkamp

wat je ruikt is niet de vis die rot
maar de vis die fermenteert

dat ze lacht naar haar portemonnee naast de fruitschaal

en ik me als een kat
in mijn nekvel
gegrepen voel

door het geld het fruit
en de familie

 

Alarm

iemand sprak hem aan en de aap lachte minzaam voordat hij
iets terug zei minzaam alsof hij een marmot aan fred oster gaf

het is eigenlijk gewoon sjoelen met de ogen dicht dit praten
wachten op de bus met je rug naar de weg

elk schijfje als een man in een druk café blij
dat hij de wc bereikt heeft

een vuilnisman parkeert zijn truck
naast de pianozaak

een nieuwe minnaar een huis waar je hopelijk
een stoel of bank in verschuiven mag

dan een gezicht met een lui half dichtgeknepen en een gewoon oog
drie tempi die in dat orkest een andere maat de mond die rustig spreekt
het ene oog dat normaal knippert en het andere dat onregelmatig

hun opstelling is kortom
een fiasco

hier moeten wel twee mensen spreken denk je
hier moeten wel twee ongelijke stellingen worden geuit
terwijl je mond en ogen aan elkaar probeert te verbinden

denk erom wat je met je jassen doet

en in de straat weer dat autoalarm

 

Tsead Bruinja (Rinsumageest, 17 juli 1974)

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Australische dichteres en schrijfster Judith Beveridge werd geboren in 1956 in Londen, Engeland. Zie ook alle tags voor Judith Beveridge op dit blog.

 

De saffraanplukkers

Het is noodzakelijk om 150.000 krokussen te plukken
om één kilo saffraan te verkrijgen.

Binnenkort hurkt ze weer boven elke krokus,
voelt hoe de weegschaal, bepaald door het lot, door tegenslag
een ontzagwekkend zware last is: een tegenwicht

tegen de tijd. Binnenkort werpt de zon zijn schaduwen
op de gezichten van haar kinderen. Zij kent
vergelijkingen: hoeveel stigma’s brengen elke dag in balans

met de volgende; hoeveel dagen delen
die ene maaltijd op; hoeveel rondjes van een glanzende
tafel moet de zon afleggen voordat genoeg geel

een lepelvol zwaar maakt. Ze spreidt een doek uit,
roept naar de concurrerende nullen van haar kinder-
monden. Een schortvol wordt haar standaard –

en die paarse velden van oneerlijke equivalentie.
Altijd dat gewicht in haar schort: de onopdeelbare
honger die nooit de lichtheid van bloemen heeft.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Judith Beveridge (Londen, 1956)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e juli ook mijn blog van 17 juli 2023 en ook mijn blog van 18 juli 2020 en eveneens mijn blog van 18 juli 2019.

Andrea Wolfmayr, Steffen Popp

De Oostenrijkse schrijfster en politica Andrea Wolfmayr werd geboren op 16 juli 1953 in Gleisdorf. Zie ook alle tags voor Andrea Wolfmayr op dit blog.

Uit: Mama!! Wie es ist. Wie es war.

„Der Hund nebenan kläfft, ein Besucherhund, ich zucke zusammen, innerlich, weil ich weiß, dass es Melissa aufregt und dass sie demnächst mit der Nachbarin reden will, die ist Hundezüchterin und kriegt oft Besuch von anderen Hundebesitzern, es ist also nur ein Besuchshund, der so laut ist und immer kläfft, die eigenen sind ganz manierlich, sie folgen und sind still. Ich denke an Mama. Und was mir alles hochkommt. Was alles rein soll ins Buch. Und warum ich anfange zu vergessen. Warum ich mit den Dingen nicht mehr zurechtkomme, warum ich sie vernachlässige, die Blumen zum Beispiel, die Pelargonien. Der Oleander kriegt gelbe Blätter und seine Blüten, die schönen weißen Blüten, sind braun geworden und verwelken vorzeitig, vom Regen versehrt, ich hab mich nicht darum gekümmert. Die Kinder waren da. Ein abgerissenes Pflaster liegt auf dem Terrassenboden. Den Boden hab nicht ich verlegen lassen, sondern Ingeborg, meine Schwester, als sie noch hier wohnte, das Muster gefällt mir nicht. In den Fugen wächst Gras und Moos. Manchmal reiße ich es aus, manchmal vergesse ich drauf. Alles verkommt. Alles verschlampt. Weil ich es nicht mehr schaffe. Ich werde älter.
Ich rede innerlich mit ihr, nicht mehr so oft wie früher, aber allmählich, im Älterwerden, immer öfter. Und ich rede mit mir selbst. Manchmal laut. Ich höre mich reden. Und ich denke nach. Ich wollte, sage ich zu den Geschwistern, ich wollte immer so sein wie Mama und ich dachte, ich sei wie sie. Könne das alles schaffen, Familienmutter, Matriarchin, Fluchtburg. Alles machen. Alles sein. Supermutter. Beruf und Haushalt und Kinder und Mann. Und Politik.
Alles schaffen. Engagement und Freundinnen. Stark. Und unentwegt freundlich, freudig, sich immer und sichtlich freuend, wenn eins der Kinder kommt. Unangemeldet, immer unangemeldet – wir melden uns doch nicht an bei unserer Mutter, warum auch? Wir rechnen damit, dass sie da ist, wir rechnen mit dieser ihrer ewig herzlichen Freude über uns, egal, wann und wie und was, egal, ob sie Zeit hat oder nicht. Wir platzen in ihr Haus, ihre Küche, ihr Gebiet, ihr Leben. Wir sind da. Und sie freut sich. Wir haben uns oft genug geniert wegen dieser großen Freude. Wegen dieses Stolzes. Waren spöttisch. Lachten über die wirren Haarsträhnen überm roten Gesicht, wenn sie verschwitzt war und zerstochen von den Gelsen und Rosendornen, weil sie wieder im Garten gewühlt hat, »Garten macht so viel Arbeit! Aber ist er nicht schön?«

 

Andrea Wolfmayr (Gleisdorf, 16 juli 1953)

 

De Duitse dichter en schrijver Steffen Popp werd geboren op 18 juli 1978 in Greifswald. Zie ook alle tags voor Steffen Popp op dit blog.

 

Gesprek met doden

Te weinig middelen om alles te denken wat er gebeurt
lot van de plant, b.v. verrot in de aarden pot.
Het intense, verveeld met onze stijlen
spuugt ons in het licht, humus voor geest, microben.

Wat is er, zegt het kind, behalve herinnering niet
aanwezig in de ruimte, onuitgespuugd in de tijd
Op deze dag leert het de woorden nougat
Honduras, centraal zenuwstelsel, dwergneus.

Het leert het woord Babel en vergeet het niet
alleen de betekenis ervan, het leert het woord schaaf,
het woord houtkrullen, het woord schaafbank.

Veelzeggend: het lot van de hamster, b.v.
van de spinnen. Het kind zegt hier slechts -kant:
Delft welsprekende graven. Praat zo met doden.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Steffen Popp (Greifswald, 18 juli 1978)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 16e juli ook mijn blog van 16 juli 2023 en ook mijn blog van 16 juli 2021 en ook mijn blog van 16 juli 2020 en eveneens mijn blog van 16 juli 2019 en ook mijn blog van 16 juli 2017 deel 2.

Badelied (Novalis), Driss Chraïbi, Steffen Popp

 

 

Baders op het strand door A. de Fleury, 1e helft 20e eeuw

 

Badelied

Auf Freunde, herunter das heiße Gewand
Und tauchet in kühlende Flut
Die Glieder, die matt von der Sonne gebrannt,
Und holet von neuem euch Mut.

Die Hitze erschlaffet, macht träge uns nur,
Nicht munter und tätig und frisch,
Doch Leben gibt uns und der ganzen Natur
Die Quelle im kühlen Gebüsch.

Vielleicht daß sich hier auch ein Mädchen gekühlt
Mit rosichten Wangen und Mund,
Am niedlichen Leibe dies Wellchen gespielt,
Am Busen, so weiß und so rund.

Und welches Entzücken! dies Wellchen bespült
Auch meine entkleidete Brust.
O! wahrlich, wer diesen Gedanken nur fühlt,
Hat süße entzückende Lust.

 

Novalis (2 mei 1772 – 25 maart 1801)
Schloss Oberwiederstedt, het geboortehuis van Novalis

 

De Marokkaanse schrijver Driss Chraïbi werd geboren in El Jadida op 15 juli 1926. Zie ook alle tags voor Driss Chraïbi op dit blog.

Uit: Gehoord, gezien, gelezen  (Vertaald door Geertrui Marks)

“Ik dank het leven. Het heeft al mijn wensen vervuld. De rest is literatuur, om niet te zeggen eenzaamheid. Op mijn leeftijd – eenenzeventig al – loop ik op mijn dooie akkertje terug over de afgelegde weg, zonder besef van ruimte en tijd. Ik wend me naar mijn verleden. Dat probeer ik althans. Een vrouw op leeftijd verklaarde blozend tegenover mijn helaas overleden Britse collega Georges Bernard Shaw dat ze dertig was. ‘Ach zo,’ antwoordde de oude man droog als altijd, ‘maar op welke leeftijd bent u geboren?’ Diezelfde vraag had hij mutatis mutandis aan mij kunnen stellen. Niet dat ik een vrouw ben, u kent me. Maar er bestaat nog steeds enige twijfel over mijn geboortedatum, een zeker verschil tussen mondelinge en schriftelijke overlevering. Aan wat geschreven staat, wordt niet getwijfeld, vooral niet als het een ambtelijk document betreft. Maar aan wat gezegd wordt…
Bekijken we de officiële versie. Ik aanschouwde het levenslicht in Marokko, in El-Jadida (Mazagan in de tijd van het Protectoraat), aan de kust. De geboorteplaats staat vast, nu de datum nog. Bij ons, ‘inboorlingen’, bestond geen burgerlijke stand. En – het is sinds de kruistochten al zo vaak geschreven en beweerd – tijd speelt in de Arabische wereld nauwelijks een rol, ook al zijn de Marokkanen verzot op horloges die stipt gelijk lopen. Maar in het Franse geschiedenisboek, datzelfde boek waarin de lof gezongen werd van mijn Gallische voorouders, stond dat ons ‘beschaving’ moest worden bijgebracht. Voor het Lycée Lyautey in Casablanca moest ik een identiteitsbewijs hebben, en dus een officiële leeftijd. In een witte djellaba en in gezelschap van twee geloofwaardige getuigen die hem nog geld schuldig waren, nam mijn vader me aan de hand mee naar het politiebureau. Het was een verzengend hete middag in het begin van de Tweede Wereldoorlog. Tegenover de commissaris verklaarde hij plechtig dat ik Driss heette, met dubbel s graag, Idriss in het Arabisch maar je zegt Driss, dat ik echt zijn zoon was en dat hij tevreden over me was, ja, meneer, braaf, gehoorzaam en leergierig…
‘Zijn leeftijd, zegt u? Tja. Het was oogsttijd, toen hij met Gods hulp ter wereld kwam.’
‘Welke oogst?’ vroeg de commissaris die dikke parels zweette. ‘Gerst, haver, maïs, harde tarwe?’
‘Harde tarwe,’ zei mijn vader.”

 

Driss Chraïbi (15 juli 1926 – 1 april 2007)

 

De Duitse dichter en schrijver Steffen Popp werd geboren op 18 juli 1978 in Greifswald. Zie ook alle tags voor Steffen Popp op dit blog en ook mijn blog van 18 juli 2010.

 

Auratische veldstudies

I

Onmerkbaar stijlvormende wind uit het Noordwesten
en de garagedeur vormen een vloeiende rechthoek

het emotionele project, ontstemd
hangt het voor ons, in de lucht, ademt moeizaam

wij proberen de structuren van de liefde
in conversatie te binden, op lange boswandelingen
door mist.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Steffen Popp (Greifswald, 18 juli 1978)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e juli ook mijn blog van 15 juli 2020 en eveneens mijn blog van 15 juli 2019 en ook mijn blog van 15 juli 2017 deel 2.

Volker Kaminski, Steffen Popp

De Duitse schrijver Volker Kaminski werd op 14 juli 1958 in Karlsruhe geboren. Zie ook alle tags voor Volker Kaminski op dit blog.

Uit: RUA 17

Es war das Vergessen, das sie lähmte. Er nahm den Bleistift und schrieb in sein Notizbuch: Das Vergessen ist allgegenwärtig, es hüllt uns ein wie eine Nebelwolke und löscht unsere Erinnerungen. Er wusste zum Beispiel nicht mehr, wie viele Tage er im CAMP verbracht hatte, obwohl sein Aufenthalt erst wenige Wochen zurücklag. Und er konnte auch nicht sagen, warum die anderen ihn Meister nannten, obwohl das sicher nicht sein richtiger Name war. Andauernd kämpften sie mit Lücken in ihrem Gedächtnis, die sie sich nicht erklären konnten. Am vergesslichsten war Oma Ka, die zurzeit bei ihnen einquartiert war. Sie wartete immerzu auf den Assistenten. Der Assistent sang ihr mit gedämpfter Stimme Lieder vor, die sie vor langer Zeit gekannt hatte. Welches Leben Oma Ka geführt, in welchen Häusern sie gewohnt, wie sie ihre lange Lebenszeit verbracht hatte, wusste keiner, am wenigsten sie selbst. Auch der Assistent konnte ihr die fehlenden Erinnerungen nicht zurückbringen, doch er drang mit seiner Stimme tief in ihr Gehirn ein und aktivierte dort Wort- und Bildsequenzen, bei deren Auftauchen Oma Ka freudig jauchzte. Kein Mensch im Haus wusste, wie Bildsequenzen aktiviert und Erinnerungsströme gesteuert wurden. Als Schüler hatte Meister zwar die obligatorischen Kurse besucht, in denen ihnen Aufbau und Funktionsweise des SYSTEMS in groben Zügen vermittelt wurden. Aber danach war er mit der Technik nicht mehr in Berührung gekommen. Heute Nachmittag war ihm in seinem Arbeitszimmer, dein kleinsten Raum der Wohnung, der Verdacht gekommen: Unser Vergessen ist Programm. In allen Häusern der Straße, des Viertels, des ganzen Bezirks gab es die gleichen Schilder in den Wohnungsfluren, denen die Bewohner wie einem Haussegen zu folgen schienen: sanft und träge. Inzwischen waren diese Holztafeln von einer Staub-schicht bedeckt, so dass man kaum noch die eingravierten Buchstaben entziffern konnte. Meister hatte einmal die Mitbewohner gefragt, wer von ihnen wisse, was auf dein Schild über der Tür stand. Keiner konnte eine Antwort geben.
Am frühen Abend trat ein blau gekleideter Assistent in sein Arbeitszimmer, stellte sich dicht hinter Meister und wartete einen Moment. „Vielleicht habe ich es noch nicht erwähnt …”, begann er mit weicher Stimme. „Keine Vorreden«, sagte Meister und wandte sich ihm unwillig zu, „was gibt es Neues?” Der Assistent blickte ihn freundlich an. „Nichts Ungewöhnliches. Es ist alles normal, fehlerfrei und sicher.”

 

Volker Kaminski (Karlsruhe, 14 juli 1958)

 

De Duitse dichter en schrijver Steffen Popp werd geboren op 18 juli 1978 in Greifswald. Zie ook alle tags voor Steffen Popp op dit blog.

 

Deze herinnering eindigt bij de zee

Je slentert in het zout, de zeewind, zeeolifanten
later vergat ik de geheime namen van de branding
– jouw tasten in het zand, dood hout
wat de zee er ook maar uit gooit als het weer omslaat
je bent hier niet alleen maar een vriend
een herinnering uit mijn gouden album

Wat uit je handen valt, zal het strand vormen
bewegingen vervagen, gebaren lossen op in het donker
– nacht opent nog een keer de kosmos
de sterren zijn kunstlicht, maar ze plaatsen nog een keer
zichtassen in je hoofd, dat er niet is.

Je loopt weg met zeldzame planten, stenen
voert de schildpad mee aan een blauwe draad
– ik kan het niet vaststellen, is het de wereld
in haar zinken, die dit garen van mijn huid trekt
of gewoon een verloren demon
een plastic reptiel uit de kinderjaren.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Steffen Popp (Greifswald, 18 juli 1978)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 14e juli ook mijn blog van 14 juli 2023 en ook mijn blog van 14 juli 2020 en eveneens mijn blog van 14 juli 2019 deel een en ook deel 2.

Rien Vroegindeweij, Jürgen Becker

De Nederlandse dichter en (toneel)schrijver Rien Vroegindeweij werd geboren in Middelharnis op 13 juli 1944. Zie ook alle tags voor Rien Vroegindeweij op dit blog.

 

Encore Paris

I
We waren eerder op het plein van de wereld,
in de faubourg van de zwervers,
bij de soepbedeling van de jaren zestig.

Nu, samen gekomen uit het Noorden,
eten we in restaurants en geven fooien
aan dezelfde beelden van de obers,
die in de Tuilerieën werden ingevroren.

 

II
Blindelings lopen we er op af
(deze keer zonder slaapzak),
nieuwsgierigheid of het oude café
er nog is, – is zoals het was.

Maar nee, ook dat is opgeofferd
aan de toeristengolf.
De baas, de oude Rus Popoff
moet van ergernis zijn ontploft.

(Bijtijds de zaak verkocht,
om stil te leven op het kerkhof?)

 

III
Toen we eindelijk,
na zoveel reisjes naar Parijs,
besloten een blik

te slaan op Mona Lisa,
staarden we naar
een lege wand.

‘Elle est en vacances à Japon,’
deelde een suppoost ons mede.

Later vernamen we
van de Bond van Japanse
Invaliden, dat haar leden de kans
niet hadden gekregen
haar te zien.

Daar riep een suppoost langs
de loop van zijn stengun:

‘Zij moet blijven lachen,
dat is de kunst!’

(Hiharosjima?)

 

Rien Vroegindeweij (Middelharnis, 13 juli 1944)

 

De Duitse dichter en schrijver Jürgen Becker werd op 10 juli 1932 in Keulen geboren. Zie ook alle tags voor Jürgen Becker op dit blog.

 

Zendtijd

s Middags een commentaar, maar ’s avonds trekken
sterren over het scherm die sneller zijn verschenen
dan het spoor van gedachten. Ze openen en sluiten
deuren van dit systeem waarin wij ons uiterste best
doen, tot aan de ontkenning toe. Dan plotseling hurkt

’s nachts een uil op de vensterbank, en het is
een nieuwe situatie die in het nieuws niet
wordt genoemd. Iets moet je nu

zeggen. Alles opgeslagen. Je kunt ook proberen
wat gezegd wordt te variëren; In het archief staan mensen
klaar om het na te kijken. Of de zon breekt door
de nevel die ’s ochtends tussen de heuvels ligt,
en dat zou al de volgende dag zijn waar je
aan moet beginnen zonder de nieuwssituatie te kennen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Jürgen Becker (Keulen, 10 juli 1932)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13e juli ook mijn blog van 13 juli 2020 en eveneens mijn blog van 13 juli 2019 en ook mijn blog van 13 juli 2016 en ook mijn blog van 13 juli 2014 deel 1 en ook deel 2.

Sasha Filipenko, Pablo Neruda

De Belarussische schrijver, journalist en tv-presentator Sasha Filipenko werd geboren op 12 juli 1984 in Minsk. Zie ook alle tags voor Sasha Filipenko op dit blog.

Uit: Uitgewist (Vertaald door Arie van der Ent)

“Als de handtekening is gezet, zegt de vrouw, een zonderling zoals elke verkoper van onroerend goed: “Gefeliciteerd! Ik ben heel blij voor u. U doet zo somber, maar dat is nergens voor nodig! Ik heb u het beste object gegeven wat prijs-kwaliteitverhouding betreft:
De makelaar haalt haar lipstick uit haar tasje en gaat met haar diepe stem verder, zonder aandacht aan de inmiddels ex-eigenaar te schenken: “Wij zitten zogezegd in een win-winsituatie. Trouwens, met wie wilt u hier gaan wonen?”
“Met mijn dochtertje: zeg ik, terwijl ik naar het kleuterschooltje op de binnenplaats kijk.
“Hoe oud is die?”
“Drie maanden”.
“Wat geweldig! Een jong gezin. Gelooft u mij, u zult me nog dankbaar zijn”.
“Waarvoor?”
“Dan vraagt u nog waarvoor?! Dat heb ik u verteld! Wat bent u toch verstrooid. U hebt maar één buurvrouw. En dat is een eenzame oude vrouw van negentig, met alzheimer. Dit is echt de jackpot. Gewoon vrienden worden en de woning op uw naam laten zetten”.
“Dank u; zeg ik om de een of andere reden, zonder op te kijken.
De flat is leeg. Geen stoel, geen bed, geen tafel. Ik rommel wat in mijn tas. De oude eigenares weet van geen weggaan. De vrouw staat bij het raam, in de tredmolen van haar herinneringen, en strijkt over de verfplooien in de vensterbank, alsof ze de was staat te strijken. Vergeefs, ik ga de hele boel hier toch veranderen.
“Blijft u vandaag alleen?”
“Ja”.
“Waar slaapt u dan?”
“Ik heb een slaapzak bij me, en een waterkoker..”
“Als u wilt, kunt u wel bij mij slapen.”
“Nee, dank u.”
De makelaar geeft zich gewonnen. Ik ben te jong voor haar. Ze voert de voormalige vrouw des huizes aan een elleboog mee en verlaat eindelijk de flat. Alleen achtergebleven ga ik op de grond zitten. Klaar, denk ik, doek. Het leven is afgelopen, het leven begint opnieuw. Het transcendente nulpunt. Op mijn dertigste heb ik een levenslot dat in tweeën is gescheurd. Ik krijg het aanbod het nog eens te proberen. Ik weet daar niets tegen in te brengen. Zelfmoord is niets voor mij; bovendien heb ik nu een dochter.
Ik ga vast vergeten waar ik die avond met mijn gedachten ben. In mijn hoofd hangt een mist, in het binnenvallende licht walst het stof. Verder is hier helemaal niets.“

 

Sasha Filipenko (Minsk, 12 juli 1984)

 

De Chileense dichter Pablo Neruda (eig. Ricardo Eliecer Neftalí Reyes Basoalto) werd geboren in Parral op 12 juli 1904. Zie ook alle tags voor Pablo Neruda op dit blog.

 

O wijdte van pijnbomen

O wijdte van pijnbomen, rumoer van brekende golven,
langzaam spel van lichten, eenzame kerkklok,
schemering, die in je ogen valt, o mijn liefste,
schelp van de aarde, in jou zingt de aarde, zingt!

In jou zingen de rivieren en mijn ziel vlucht in ze
zoals jij het verlangt en naar waar jij dat wilt.
O leg mijn weg aan op jouw boog van hoop
en uitbundig zal ik mijn pijlenzwermen afvuren.

Om mij heen zie ik je middel van nevels
en je stilte achtervolgt mijn achtervolgde uren,
daar ben jij met je armen van transparant gesteente
waar mijn kussen ankeren, mijn verlangen zich nestelt.

O je geheimzinnige stem, die de liefde kleurt en buigt
in de luide stervende avond!
Zo heb ik in de late uren op de velden
de korenaren zien buigen in de mond van de wind.

 

Vertaald door Riekus Waskowsky

 

Pablo Neruda (12 juli 1904 – 23 september 1973)
Portret door Richard Day, 2015

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 12e juli ook mijn blog van 12 juli 2020 en eveneens mijn blog van 12 juli 2019 en ook mijn blog van 12 juli 2016 en ook mijn blog van 12 juli 2015 deel 2.

Amitav Ghosh, Jürgen Becker

De Indiase schrijver Amitav Ghosh werd geboren in Calcutta op 11 juli 1956. Zie ook alle tags voor Amitav Ghosh op dit blog.

Uit: De vloek van de nootmuskaat: Boodschap aan een planeet in crisis

“Tot op heden weet niemand precies wat er in Selamon is gebeurd, die aprilnacht in het jaar 1621, behalve dat er een lamp op de grond viel in het gebouw waar Martijn Sonck, een Nederlandse functionaris, was ingekwartierd. Selamon is een dorp in de Banda-archipel, een klein cluster van eilanden in het uiterste zuidoosten van de Indische Oceaan.’ De nederzetting ligt aan het noordelijke uiteinde van Lonthor, dat ook wel eens Groot Banda (Banda Besar) wordt genoemd, omdat het het grootste eiland van het cluster is.2 ‘Groot’ is een wat overdreven benaming voor een eiland dat slechts tweeënhalve mijl lang en een halve mijl breed is, maar dat is geen onbeduidende grootte in een archipel die zo miniem is dat hij op de meeste kaarten slechts met een paar stippen is aangegeven’ Toch is Martijn Sonck hier, op 21 april 1621, aan de andere kant van de wereld, in de bale-bale van Selamon, oftewel de vergaderzaal, die hij heeft gevorderd als inkwartieringsplaats voor zichzelf en zijn begeleiders’ Sonck heeft ook de meest eerbiedwaardige moskee van de nederzetting betrokken – ‘een prachtig instituut’, gemaakt van witte steen, luchtig en schoon vanbinnen, met twee grote watervaten bij de ingang, zodat de bezoekers hun voeten kunnen wassen voordat ze naar binnen gaan. De dorpsoudsten zijn niet blij met de inbeslagname van hun moskee, maar Sonck heeft hun protesten bruusk van tafel geveegd en hun verteld dat ze genoeg andere plaatsen hebben om hun godsdienst te belijden. Dit strookt met al het andere dat Sonck heeft gedaan in de korte tijd dat hij op het eiland Lonthor is. Hij heeft de beste huizen in beslag genomen voor zijn troepen, en hij heeft ook soldaten het dorp in gestuurd om de inwoners angst aan te jagen. Maar dit zijn louter voorbereidende maatregelen, slechts bedoeld om de basis te leggen voor wat Sonck werkelijk van plan is: hij is naar Selamon gekomen met de opdracht om het dorp te vernietigen en de inwoners te verdrijven van dit idyllische eiland, met zijn weelderige bossen en sprankelende blauwe zeeën. De meedogenloosheid van dit plan is zo groot dat de dorpelingen het misschien nog niet helemaal hebben kunnen bevatten. Maar de Nederlander van zijn kant heeft geen geheim gemaakt van zijn bedoelingen; integendeel, hij heeft de oudsten duidelijk gemaakt dat hij hun volledige medewerking verwacht bij de vernietiging van hun eigen nederzetting en de verdrijving van hun dorpsgenoten. Sonck is ook niet de eerste Nederlandse functionaris die deze boodschap aan Selamon overbrengt. De dorpelingen en hun mede-Bandanezen hebben al enkele weken dreigementen en machtsvertoon moeten verduren, steeds vergezeld van dezelfde eisen: dat ze de dorpsmuren moeten afbreken, hun wapens en gereedschap moeten inleveren – zelfs de roeren van hun boten -en voorbereidingen moeten treffen voor hun aanstaande verwijdering van het eiland.”

 

Amitav Ghosh (Calcutta, 11 juli 1956)

 

De Duitse dichter en schrijver Jürgen Becker werd op 10 juli 1932 in Keulen geboren. Zie ook alle tags voor Jürgen Becker op dit blog.

 

nu duiken de zichtbare delen

nu duiken de zichtbare delen
van de geschiedenis op, een opeenvolging van flikkerende
restanten die om zich te herinneren zijn
bewaard en tevoorschijn gehaald. Muziek
in de hoofdsteden; melancholie, spiegelschriften,
schoonheidswedstrijd. Nog ’s avonds wordt er
bij de houten hekken gehamerd, die de wind
afleiden, geur uit de ovens. De buurvrouw
zit nog in de pruimenboom. Tijdperken
worden opgeschort totdat de herinnering onrustig wordt
totdat je hoort, dwars door de slaap heen,
het rollen van de transporten. Wortels,
tabak, zonnebloemen, de tijdloze woorden
in een notitieboekje dat misschien ooit
wordt doorgegeven; nog zijn de tuinen
niet leeg. De volgorde is weer compleet
anders; beginnen kun je midden
in de zomer, onder luidsprekers tussen de bomen

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Jürgen Becker (Keulen, 10 juli 1932

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 11e juli ook mijn blog van 11 juli 2020 en eveneens mijn blog van 11 juli 2019 en ook mijn blog van 11 juli 2016 en ook mijn blog van 11 juli 2015 deel 1 en ook deel 2.

Erik Jan Harmens, Jürgen Becker

De Nederlandse dichter Erik Jan Harmens werd op 10 juli 1970 geboren in Harderwijk. Zie ook alle tags voor Erik Jan Harmens op dit blog.

 

JA EN NEE

elke vraag die mij gesteld wordt
beantwoord ik met: ‘ja én nee’

of ik het protest van boeren
tegen de uitkoopregeling voor piekbelasters snap

ja, want het gaat om bedrijven die ze met hun eigen blote handen hebben opgebouwd
en nee, want de stikstofuitstoot moet omlaag

of ik voor wapenleveranties
aan oekraïne ben

ja, want een land dat wordt binnengevallen moet zichzelf kunnen verdedigen
en nee, want ik ben tegen oorlog en geweld

door overal met ‘ja én nee’ op te antwoorden
neem ik geen stelling in
maar verláát ik er ook geen

ben ik taartbodem
en -vulling in één

ik ageer ergens tegen
én blijf eromheen dansen

in populisme
vind ik de nuance

als jager en prooi
wolf en hinde

iets vinden
én níét

zo word ik god
die de vernietiging schiep

 

U beklijft
Voor G. R.

hoe minder ik snap van de wereld
hoe meer de wereld mij niet begrijpt
net als bij dageraad gebeurt dit tegelijk
zon komt op terwijl de maan verdwijnt
u werd dwarsligger genoemd, spaak in het wiel
weggezet als verzetter-om-het-verzetten
u in kuif gepikt zag uw goede naam besmet en
klom in de pen zogezegd, haphaphap, een bijtwoord viel
het happen maakte u onbegrepen en geweerd
was u hardcore hardleers of begreep men u verkeerd?
als een vlieg aan een kleefstrip hing ik aan uw derde naam
MARIA, die bitter betekent en ook rein, wat dus kan samengaan
misschien is bitter wel het leven dat we sugarcoaten, zoeten
omdat we anders paf van gal door de dag, dag, dagen moeten
maar wat we omsuikeren houdt toch die binnenkant
die bitterheid die eronder schrijnt als hooibroeibrand
er was een hond, aan paal gebonden
die u losmaakte, verzorgde, een extra mond
wie zoiets doet is geen monster, maar een mens
die we herdenken, met woorden die noch bijten noch zoeten
die zijn en blijven
terwijl u er niet meer bent
hoe minder ik snap van de wereld
hoe meer de wereld mij niet begrijpt
mij is misschien wel u
dat maakt u universeler dan u lijkt
al leeft u alleen nog in verleden tijd
u beklijft

 

Erik Jan Harmens (Harderwijk, 10 juli 1970)

 

De Duitse dichter en schrijver Jürgen Becker werd op 10 juli 1932 in Keulen geboren. Zie ook alle tags voor Jürgen Becker op dit blog.

 

Reisdoel

Westfaalse heuvels, de Breisgau en vervolgens Dresden… geen week
voor ansichtkaarten en tot rust gekomen residenties; Bladerenval, laag
hangende hemel tussen de Elbe en de Rijn.

Geschuif met agenda’s, geen afscheid voor langere tijd; wat zoek je
in het zuiden? Ik dacht in de restauratiewagen aan mijn vader
en hoe hij in de jaren dertig reisde… Excelsior,
Majestic. De jongen bij het raam begrijpt niet wat
de volwassenen zeggen: Marienborn, destijds de zone –

Tussen restanten hek een leeg gebied; twee kraaien fladderen
rond een staangebleven toren. De hand
in de hartstreek, de greep naar het paspoort; er zijn
gewoonten die de trein mee-vervoert. Zorgeloze
reizigers laten hun kranten liggen.

Kijk naar buiten. De nabijheid van het landschap dat je
kunt terugwinnen. Een kans die zich elk uur
herhaalt. Hong Kong gaat langzaam verloren.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Jürgen Becker (Keulen, 10 juli 1932)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 10e juli ook mijn blog van 10 juli 2020 en eveneens mijn blog van 10 juli 2019 en ook mijn blog van 10 juli 2011 deel 2 en eveneens deel 3.

Heatwave (Ted Hughes), June Jordan, Hans Arnfrid Astel

 

 

Hot Summer Days door Rob Hain, z.j.

 

Heatwave

Between Westminster and sunstruck St. Paul’s
The desert has entered the flea’s belly.

Life shut-eyed helf-submerged Nile bulls
The buildings tremble with breath.

The mirage of river is so real
Bodies drift in it, and human rubbish.

The main thing is the silence.
There are no charts for silence.

Men can’t penetrate it. Till sundown
Releases its leopard

Over the roofs, and women are suddenly
Everywhere, and the walker’s bones

Melt in the coughing of great cats.

 

Ted Hughes (17 augustus 1930 – 28 oktober 1998)
Mytholmroyd, Yorkshire, de geboorteplaats van Ted Hughes

 

De Afro-Amerikaanse schrijfster, dichteres en politiek activiste June Jordan werd geboren op 9 juli 1936 in New York. Zie ook alle tags voor June Jordan op dit blog.

 

It’s About You: On the Beach

You have
two hands absolutely lean and clean
to let go the gold
the silver flat or plain rock
sand
but hold the purple pieces
atom articles
that glorify a color
yours is orange
oranges are like you love
a promising
a calm sin and a juice
inside
a juice
a running from the desert
Lord
see how you run
YOUR BODY IS A LONG BLACK WING
YOUR BODY IS A LONG BLACK WING

 

You Came with Shells

You came with shells. And left them:
shells.
They lay beautiful on the table.
Now they lie on my desk
peculiar
extraordinary under 60 watts.

This morning I disturb I destroy the window
(and its light) by moving my feet
in the water. There.
It’s gone.
Last night the moon ranged from the left
to the right side
of the windshield. Only white lines
on a road strike me as
reasonable but
nevertheless and too often
we slow down for the fog.

I was going to say a natural environment
means this or
I was going to say we remain out of our
element or
sometimes you can get away completely
but the shells
will tell about the howling
and the losss

 

June Jordan (9 juli 1936 – 14 juni 2002)

 

De Duitse dichter Hans Arnfrid Astel werd geboren in München op 9 juli 1933. Zie ook alle tags voor Hans Arnfrid Astel op dit blog.

 

DOBBELSTEENSPEL
of: De zevende hemel

De kubus toont de zesde hemelstreek.
Verlicht mijn nacht met jouw kaars.
De grappen stierven weg en het gelach.
Vastberaden reikt je hand naar mijn nest.
De liedjes zijn gezongen, losgemaakt
van de oever is de zachte liefdesboot.
Hij glijdt de zee in, de zevende hemel.
We roeien niet. We schenken ons de rest.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Hans Arnfrid Astel (9 juli 1933 – 12 maart 2018)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 9e juli ook mijn blog van 9 juli 2023 en ook mijn blog van 9 juli 2021 en ook mijn blog van 9 juli 2020 en eveneens mijn blog van 9 juli 2019 en ook mijn blog van 9 juli 2018 en ook mijn blog van 9 juli 2017 deel 2.