Harry Mulisch, Thomas Rosenlöcher

De Nederlandse schrijver Harry Mulisch werd geboren op 29 juli 1927 in Haarlem. Zie ook alle tags voor Harry Mulisch op dit blog.

Uit: Archibald Strohalm en het paradijs

“Archibald Strohalm trilde. Niet om de grote vlam, die vlak voor zijn voeten geel omhoog laaide: een brandend stuk papier, waarin Bronislaws weggeworpen lucifer had gesmeuld, – hij had er al even naar zitten kijken, maar de schilder zag haar nu pas. Afwezig stak hij een been naar voren en trapte haar uit, waarbij de vonken en kooldeeltjes langs zijn voet opstoven. Hij had Bronislaws schrik nauwelijks bemerkt; hij schuurde de zool van zijn schoen over de grond. Natuurlijk kwam er weer een eiergesprek. Het was of Bronislaw voelde, dat dit de enige mogelijkheid was om het zwijgen te vermijden; zelf stuurde hij in deze richting. Archibald strohalm dacht aan zijn voornemen om menselijk kontakt te krijgen met Bernard door de eieren heen, – een methode, waarvan hij zich nog geen voorstelling kon maken. Hij overwoog dat dit, mocht het lukken, wellicht een menselijkheid als gevolg zou kunnen hebben, waarbij al het buiten-eiige in het niet verdween. Zou hij nu met Boris Bronislaw misschien al een experiment in deze richting kunnen nemen?
Hilde legde haar hand op Bronislaw arm en noemde zacht zijn naam. Ze drukte haar lippen even tegen zijn slaap. Hij richtte zich snel op. ‘Wat heb ik?’ vroeg hij met opgetrokken wenkbrauwen. ‘Begrijp je dat?’ De vrouw knikte. Verwonderd en vragend zag hij haar aan. Dan fronste hij plotseling zijn wenkbrauwen en keek naar het half verbrande papier, dat omgeven was door zwarte, veerlicht wegrollende schilfertjes. Hij wendde zich naar archibald strohalm om te verklaren, maar zag dat deze daar geen behoefte aan had.
‘Dat is een goede vergelijking,’ zei archibald strohalm.
‘Wat?’ De schilder kneep aanhoudend met zijn oog, maar hij wreef over zijn gezicht en herstelde zich. Hij glimlachte even naar Hilde.
‘Dat met die lamp.’
‘Lamp? O, dat is niets. Daar draai ik mijn hand niet voor om. Heb ik je niet bezeerd, Hilde? Hier, een kusje. Maar nu is het jou beurt, Strohalm. Wat was jij aan het filosoferen? Overtref me eens als je kunt.’
‘Ik wil geen figuur slaan, Bronislaw.’
De schilder lachte weer; alleen zijn oog kwam niet tot rust. – ‘Over wat voor onderwerp ging het? Dan zal ik nog eens filosofisch improviseren en je wel even wat op weg helpen. Altijd prijs.’
Archibald strohalm trok een bijbel uit zijn zak. – ‘Hierover.’
‘Haha!’ lachte Bronislaw toen hij het woord op de zwarte kaft las. ‘Filosofeer je daar met dit weer over, neef?’
Archibald strohalm nam hem verwonderd op en keek dan om zich heen.
‘Is hij je neef?’ vroeg Hilde.
‘Nee, dat kun je niet begrijpen. Word je niet moe van het zitten, schat?’
Ondanks deze bondige afwijzing werd Hilde niet kwaad. – ‘Nee, jongen,’ zei ze.”

 

Harry Mulisch (29 juli 1927 – 30 oktober 2010)

 

De Duitse dichter en schrijver Thomas Rosenlöcher werd geboren op 29 juli 1947 in Dresden. Zie ook alle tags voor Thomas Rosenlöcher op dit blog.

 

Mozart

Een gerammel van toetsen. En de dood stampt bonk
bonk de trap op. Maar de kerel is hem al weer
gesmeerd over alle octaven,
draait grijnzend zijn hoofd om in het triolenlawaai.

Tot op de dag van vandaag loopt de dood door Wenen
en raadpleegt het Knöchelverzeichnis
en overtuigt de perplexe experts ervan
dat de nepschedel echt is.

Maar opnieuw hoort hij de onsterfelijkheidstriller
en neemt meteen de lift, treft de verkeerde aan,
die hier ook slechts oefende. Wees niet verdrietig, dood.
Je krijgt immers iedereen, ook mij. – Haast je, daar rent hij.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Thomas Rosenlöcher (Dresden, 29 juli 1947)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 29e juli ook mijn blog van 29 juli 2019 en ook mijn blog van 29 juli 2017 deel 1 en ook deel 2.