In Memoriam V. S. Naipaul

 

In Memoriam V. S. Naipaul

De Britse schrijver Sir Vidiadhar Surajprasad Naipaul, beter bekend als V.S. Naipaul, is gisteren op 85-jarige leeftijd in Londen overleden. Sir Vidiadhar Surajprasad Naipaul werd geboren op 17 augustus 1932 in Chaguanas, Trinidad en Tobago. Zie ook alle tags voor V. S. Naipaul op dit blog evenals de oudere berichten.

Uit: A House for Mr. Biswas

„That will be easy,’ Bissoondaye said, speaking with emotion for the first time.
‘On the twenty-first day the father must see the boy.
But not in the flesh.’
‘In a mirror, pundit?’
‘I would consider that ill-advised. Use a brass plate. Scour it well.’
‘Of course.’
‘You must fill this brass plate with coconut oil–which, by the way, you must make yourself from coconuts you have collected with your own hands–and in the reflection on this oil the father must see his son’s face.’
He tied the almanac together and rolled it in the red cotton wrapper which was also spattered with sandalwood paste. ‘I believe that is all.’
‘We forgot one thing, punditji. The name.’
‘I can’t help you completely there. But it seems to me that a perfectly safe prefix would be Mo. It is up to you to think of something to add to that.’
‘Oh, punditji, you must help me. I can only think of hun.’
The pundit was surprised and genuinely pleased. ‘But that is excellent. Excellent. Mohun. I couldn’t have chosen better myself. For Mohun, as you know, means the beloved, and was the name given by the milkmaids to Lord Krishna.’ His eyes softened at the thought of the legend and for a moment he appeared to forget Bissoondaye and Mr Biswas.
From the knot at the end of her veil Bissoondaye took out a florin and offered it to the pundit, mumbling her regret that she could not give more. The pundit said that she had done her best and was not to worry. In fact he was pleased; he had expected less.
Mr Biswas lost his sixth finger before he was nine days old. It simply came off one night and Bipti had an unpleasant turn when, shaking out the sheets one morning, she saw this tiny finger tumble to the ground. Bissoondaye thought this an excellent sign and buried the finger behind the cowpen at the back of the house, not far from where she had buried Mr Biswas’s navel-string.
In the days that followed Mr Biswas was treated with attention and respect. His brothers and sisters were slapped if they disturbed his sleep, and the flexibility of his limbs was regarded as a matter of importance. Morning and evening he was massaged with coconut oil. All his joints were exercised; his arms and legs were folded diagonally across his red shining body; the big toe of his right foot was made to touch his left shoulder, the big toe of his left foot was made to touch his right shoulder, and both toes were made to touch his nose; finally, all his limbs were bunched together over his belly and then, with a clap and a laugh, released.”

 
V. S. Naipaul (17 augustus 1932 –11 augustus 2018)

In Memoriam Armando

In Memoriam Armando

De Nederlandse schilder, beeldhouwer, dichter, schrijver, violist, acteur, journalist, film-, televisie- en theatermaker is zondag op 88-jarige leeftijd overleden. Armando werd geboren op 18 september 1929 in Amsterdam. Zie ook alle tags voor Armando op dit blog.

 

Op deze plek

Hier,
op deze plek, op deze plek
waar struiken zachtjes zingen
en de straat verandert
in een schreeuw.

Op deze plek is een gesprek begraven,
en het ontstoken gebied werd verboden.

Was een overwinning mogelijk?

 


Armando: Damals. 2003

 

De waarheid

Wee het veel te smalle bospad,
het stramme struikgewas,
wee de gaten in de bodem.

De jaren zijn in de boeien geslagen,
langs de straten slapen de vochtige lichamen,
stapels op een hoop verzameld.

Hier heeft iets plaatsgevonden
dat op de vage waarheid lijkt.

 


Armando (18 september 1929 – 1 juli 2018)

C. Buddingh’-prijs voor Radna Fabias

 C. Buddingh’-prijs voor Radna Fabias

De Nederlandse dichteres Radna Fabias heeft de C. Buddingh’-prijs 2018 gekregen voor de bundel “Habitus”. De prijs voor het beste poëziedebuut werd uitgereikt op het festival Poetry International in Rotterdam. Aan de prijs is een bedrag van 1.200 euro verbonden. Radna Fabias werd geboren in Curaçao in 1983 en groeide op op de Nederlandse Antillen. Ze studeerde aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht en de Universiteit van Amsterdam. Eerder won ze de poëzieprijs van de stad Oostende. In februari 2018 debuteert ze als dichteres met de bundel “Habitus”  bij uitgeverij De Arbeiderspers.

 

richtlijnen voor vergelding

noem het ding bij de naam: beest
draag je kroon

leer alles over dwangvoer
draag je kroon

maak een voodoopop
geef hem drie poten
zie hem hinkelen
draag je kroon

laat minstens tien jaar lang de woede
aankoeken de nagels groeien
slik veel calcium
verlaat de toren

vijl de nagels elke nacht bij het ontwaken – kalm – tot scherpe harken
draag je kroon

Snijd de draak open met je harken
(puntig sexy scherp en vinnig)
draag je glitterende feestjurk

zeg
‘maar je hebt woorden, beest, gebruik ze’
draag je kroon

laat het hurken laat het
hoesten tot het teruggeeft
wat niet van hem was

 

adam spoelt aan

op zondagochtend op het kerkplein
in de stad – het is herfst er ligt blad
het toeval is van overheidswege
afgeschaft – ik raap hem op ik dep hem
droog ik houd hem om hem om hem
heen schrijf ik een zin waarin zijn knapzak past

adam rekt zich uit de verdrinking
heeft hem goed gedaan wat is hij
schoon hij heeft zes maskers hij
draagt er één dat heeft hij mee
uit de woestijn waar hij alleen was toen
intact nog en droog

 


Radna Fabias (Curaçao, 1983)

In Memoriam Tom Wolfe

In Memoriam Tom Wolfe

De Amerikaanse schrijver en journalist Tom Wolfe is maandag op 87-jarige leeftijd in een ziekenhuis in New York overleden. Dat heeft zijn agent dinsdag bekendgemaakt. Wolfe werd wereldberoemd door onder meer de roman The Bonfire of the Vanities. Tom Wolfe werd geboren op 2 maart 1931 in Richmond, Virginia. Zie ook alle tags voor Tom Wolfe op dit blog.

Uit: Back To Blood

“Magdalena had never seen this many old men—practically all were middle-aged or older—wearing sneakers. Just look—there and there and over there—not just sneakers but real basketball shoes. And for what? They probably think all these teen togs make them look younger. Are they kidding? They just make their slumping backs and sloping shoulders and fat-sloppy bellies … and scoliotic spines and slanted-forward necks and low-slung jowls and stringy wattles … more obvious.
To tell the truth, Magdalena didn’t particularly care about all that. She thought it was funny. Mainly, she was envious of A.A. This americana was pretty and young and, it almost went without saying, blonde. Her clothes were sophisticated, yet very simple … and very sexy … a perfectly plain, sensible, businesslike sleeveless black dress … but short … ended a foot and a half above her knees and showed plenty of her fine fair thighs … made it seem like you were looking at all of her fine fair body. Oh, Magdalena didn’t doubt for a second that she was sexier than this girl, had better breasts, better lips, better hair … long, full, lustrous dark hair as opposed to this *americana’*s sexless little blond bob, copied from that English girl, Posh Spice … She just wished she had worn a minidress, too, to show off her bare legs … as opposed to these slim white pants that mainly showed off the deep cleft of her perfect little bottom. But this “A.A.” girl had something else too. She was in the know. Advising rich people, like Fleischmann, about what very expensive art to buy was her business, and she knew all about this “fair,” officially called Art Basel Miami Beach, but to those in the know, as A.A. would quickly let you know, it was known as Miami Basel. She could fire off 60 in the know cracks a minute.
At this very moment, A.A. was saying, “So I ask her—I ask her what she’s interested in, and she says to me, ‘I’m looking for something cutting-edge … like a Cy Twombly.’ I’m thinking, ‘A Cy Twombly?’ Cy Twombly was cutting-edge in the nineteen-fifties! He died a couple of years ago. Most of his contemporaries are dead by now! You’re not cutting-edge if your whole generation is dead or dying. You may be great. You may be iconic, the way Cy Twombly is, but you’re not cutting-edge.”
She didn’t address any of this to Magdalena. She never looked at her. Why waste attention, much less words, on some little nobody who probably doesn’t know anything anyway? The worst part of it was that she was right. Magdalena had never heard of Cy Twombly. She didn’t know what “cutting-edge” meant, either, although she could sort of guess from the way A.A. used it. And what did iconic mean? She hadn’t the faintest idea. She bet Norman didn’t know, either, didn’t understand the first thing Miss All-Business sexy A.A. had just said, but Norman created the sort of presence that made people think he knew everything about anything anybody had to say”

 
Tom Wolfe (2 maart 1931 – 14 mei 2018)

In Memoriam F. Starik

In Memoriam F. Starik

De Nederlandse dichter en schrijver, beeldend kunstenaar, zanger en fotograaf F. Starik is vrijdag op 59-jarige leeftijd overleden. Dat heeft zijn uitgever bekendgemaakt. F. Starik werd geboren in Apeldoorn op 1 juli 1958. Zie ook alle tags voor F. Starik op dit blog.

 

Lege mannen

Vandaag denk ik aan de mannen
die in cafés lijken te wonen, altijd
als je onderweg bent zie je ze zitten
aan een tafel, alleen, ze roken.

Sommige van die mannen groeten je
dat is al een eer, ze bewaren hun hand
voor zielsverwanten, je herkent
hun zoekende blik van grote afstand.

Kijk ze haastloos drinken, zuinig en bedaard,
de dag is jong, de nachten oud, er moet nog veel
gezwegen, stug rokend uit het raam gestaard

tijd moet stuk. De straat is maar een straat,
rumoer dat tegen ruiten slaat, regen, altijd regen,
geen notie van uitzicht op een uitzicht, geen.

 

Zweef

Als kind kon ik ’s nachts het raam uit vliegen
ik spreidde mijn armen en dreef door de nacht
als een meeuw op de wind, het was niet moeilijk en niet zwaar
ik spreidde simpelweg mijn armen en zweven maar.

Freud zegt hierover: een gesublimeerd verlangen naar macht
ach, wist ik veel, ik was een kind, ik was veertien jaar.

Nu hoor ik vaak een bel gaan in mijn hoofd
soms de zoemer van de buitendeur, soms
het schorre belletje van boven
sinds ik geen wekker meer bezit
rinkel ik mezelf wakker in de nacht
of zegt iemand keihard hallo in mijn oor
het klinkt zeer levensecht maar
nooit staat er iemand naast mijn bed.

Ik ben het zelf die de bel produceert
die de wekker wekt
zichzelf telefoneert
ik ben het zelf die hallo zegt

vliegen doe ik allang niet meer.

 

Dode hoek

Mensen die je kent, mensen
die je best had kunnen kennen.
Een mevrouw die op een schoolplein stond
om haar kinderen weg te brengen, op te halen,
net als jij daar wachtte, soms met iemand sprak
maar meestal in gedachten – een gezicht
dat je als je het ergens anders tegenkwam
in verwarring bracht.

Zoals je winkeliers
alleen maar in hun winkel snapt.
Daarbuiten klopt iets niet.

Een gezicht dat jaren later
zomaar ergens op een fietspad fietst,
je was het jaren kwijt,
je weet het weer,
hebt bijna spijt.

 
F. Starik (1 juli 1958 – 16 maart 2018)

Ida Gerhardt Poëzieprijs 2018 voor Menno Wigman

Ida Gerhardt Poëzieprijs 2018 voor Menno Wigman

De Ida Gerhardt Poëzieprijs 2018 is postuum toegekend aan dichter Menno Wigman, voor zijn bundel “Slordig met geluk”. Wigman overleed op 1 februari op 51-jarige leeftijd. Menno Wigman werd geboren in Beverwijk op 10 oktober 1966. Zie ook mijn blog van 10 oktober 2010 en ook mijn blog van 10 oktober 2008 en eveneens alle tags voor Menno Wigman op dit blog

Herostratos

Er tikken pissebedden in mijn hoofd.
Ze naaien mijn gedachten op.
Ik denk al dagen aan een daad, zo groot,
zo hevig en dramatisch dat mijn naam
in alle kranten komt te staan. 

Napoleon, las ik, was kleurenblind
en bloed was voor hem groen als gras.
En Nero, die bijziend was, hield het  spel
in zijn arena bij door een smaragd. 

Nu even stilstaan. Moet je horen: ik
ga straks de straat op, ik besta het, schiet
me leeg en verf de feeststad groen. 

Nog voor het eind van het festijn
zal ik de grootste zoekterm zijn. 

 

Vliegtuiggedachten

Het donker had mijn vaders kleren aan
toen ik vannacht een vliegtuig nam.
Ik ging gelaten de douane door
en zat vertreurd te staren door het raam.
Het donker, vader, had je kleren aan.

We stegen op. Een wolk, toen nog een wolk,
zo kwam je jaren na je dood weer door.
Ik vroeg me af waar je nu overnacht,
dacht aan je stem, ons huis, je hoofd en zag
een sneeuwwoestijn waar niemand woont.

Als ik me niet vergis, papa, bewaar
je zelf geen beeld meer van je dood.
Het donker heeft ook niet je kleren aan.
Al tien jaar ben je van je huid beroofd.
Ik zoek niet langer woorden voor vergaan.

 
Menno Wigman (10 oktober 1966 – 1 februari 2018)
Cover

J.M.A. Biesheuvelprijs voor Annelies Verbeke

J.M.A. Biesheuvelprijs voor Annelies Verbeke

De Vlaamse schrijfster Annelies Verbeke krijgt de J.M.A. Biesheuvelprijs voor de beste Nederlandstalige korteverhalenbundel voor haar boek “Halleluja”. De Biesheuvelprijs wordt volledig gefinancierd met crowdfunding en de hoogte hangt daar ook van af. Aan de prijs is deze keer een geldbedrag verbonden van 7336 euro. De prijs wordt voor de vierde keer uitgereikt. In 2015 won Rob van Essen, in 2016 Marente de Moor, in 2017 Maarten ’t Hart. Annelies Verbeke werd geboren op 6 februari 1976 in Dendermonde. Zie ook alle tags voor Annelies Verbeke op dit blog.

Uit: Halleluja (De beer)

“De auteur is een beer geworden. Een oude, bruine beer.
Van het mannelijke geslacht maar impotent, zo meent hij te ontdekken, voorzichtig tastend met zijn kromme klauw.
Omdat hij vindt dat hij over zoiets open kaart moet spelen, vertelt hij het meteen aan de partner van de auteur, naast hem in bed. De partner draait zich slapend om en verstrengelt zich blindelings met de beer, zijn mond om diens rechtertepel. De beer gromt zacht en fronst.
Wankel en houterig loopt hij de trap af. Onderweg naar het toilet bemerkt hij harde, schilferige stukken huid op zijn knieën. Op zijn ellebogen eveneens. Alsof hij door zijn vacht is gebarsten. Eczeem misschien, denkt de beer, of schurft. Spierpijn heeft hij ook, en diarree. Een oude, zieke beer.
Of hij een bruine beer is, weet hij niet zeker, mogelijk is hij een kleine grizzly. Hij bestudeert zichzelf voor de badkamerspiegel: geen haar op zijn neus, geen bult op zijn rug. De voetafdruk die hij na een stap op de natte badkamermat achterlaat toont tenen die uit elkaar staan. Op vier poten bevindt zijn achterste zich hoger dan zijn schouders. Heel zeker een bruine beer. Geen grizzly. Ach, wat kan het me ook bommen, denkt de beer.
‘Gelukkig ben ik geen ijsbeer, het is een warme lente.’ Hij probeert positief te blijven. Het lukt niet. Waarom net deze metamorfose? Beter als beer ontwaken dan als insect? De beer heeft daar sterk zijn twijfels over. Hij herinnert zich een film die de auteur ooit zag, eentje uit de jaren tachtig, hij kan
niet op de titel komen, iets met een randpersonage dat een berenpak droeg na een verkrachting. Dat was hier niet het geval, tenzij de verkrachting metaforisch moest worden opgevat, maar de kop van de beer staat nu absoluut niet naar metaforen. Hij draagt ook geen berenpak, er valt niets uit te trekken.
Dat de auteur de voorbije maanden steeds grotere hoeveelheden honing had gegeten had een waarschuwing moeten zijn. Hoewel de weegschaal het tegensprak, had ze zich steeds zwaarder gevoeld. Het was onvoorstelbaar hoeveel ze in korte tijd was verloren, wat er buiten haar wil of inbreng om was opgeheven, afgerond en opgeblazen.”

 
Annelies Verbeke (Dendermonde, 6 februari 1976)

 

Nederlandse Boekhandelsprijs 2018 voor Murat Isik

Nederlandse Boekhandelsprijs 2018 voor Murat Isik

De Turks-Nederlandse schrijver Murat Isik heeft met zijn boek “Wees onzichtbaar” de Nederlandse Boekhandelsprijs 2018 gewonnen. Dat is donderdag bekendgemaakt in de Amsterdamse boekhandel Scheltema. Deze vakprijs is bestemd voor een werk dat in de ogen van Nederlandse boekverkopers meer aandacht verdient. Vorige winnaars waren Jaap Robben met “Birk” (2015), Alex Boogers met “Alleen met de goden” (2016) en Lize Spit met “Het smelt” (2017). Murat Isik werd geboren in Izmir op 11 september 1977. Zie ook mijn blog van 11 september 2010 en eveneens alle tags voor Murat Isik op dit blog.

Uit: Wees onzichtbaar

“Kadir amca,” zei ik nauwelijks hoorbaar. “Oom Kadir, zou ik nu alsjeblieft mogen rijden?” “Hé, die kleine roept wat,” zei Erol, die op de passagiersstoel zat. “Dat is waar ook, je moet nog een stukje rijden voordat we in Amsterdam zijn,” zei Kadir waarna hij zijn neus luid ophaalde. Trol, neem het stuur even over.” Zonder de reactie van Erol af te wachten, draaide Kadir zich om en reikte met zijn grote handen naar me. Van schrik deinsde ik achteruit terwijl de auto even zigzagde over de weg. Kadir sleurde me van mijn plek, zette me op zijn schoot en nam het stuur met een ferme beweging weer over van Erol. Daarna bracht hij zijn mond dicht bij mijn oor. Pak het stuur met twee handen vast aan de zijkanten, en kijk goed voor je.” Rookwalmen vertroebelden als mist mijn blikveld. Ik wapperde met mijn handen om mijn moment niet door een hoestbui te laten verpesten. “Stel je niet zo aan,” riep Kadir met zijn raspende stem. “Let nou maar op de weg.” De Mercedes schoot over de Autobahn. “Maak geen plotselinge bewegingen anders zul je je vader nooit meer zien.” Mijn kleine handen klemden zich stevig om het met leer omklede stuur. Ik zou ons naar mijn vader rijden. “Jaaaaa!” riep ik met een Duitse tongval. “Das ist super!” Kadir begon te lachen en woelde met zijn hand door mijn haar. “Nu heb je je vader straks een spannend verhaal te vertellen.” Na een paar minuten was het afgelopen en werd ik weer op de achterbank geplaatst, maar ik was zo blij dat ik op mijn plek bleef huppelen. Na een klein uur stopten we bij een wegrestaurant in de buurt van Groningen. Het was ijskoud. Op het parkeerterrein stonden tientallen vrachtwagens. Binnen zaten forse mannen achter dampende borden terwijl ze naar het televisietoestel staarden dat in het midden van de zaak op een verhoging stond. Er was voetbal op televisie. Zonder een moment weg te kijken van het scherm, schepten de mannen het eten van hun bord. “Kijk, Cruijff is weer terug bij Ajax,” zei Kadir tegen Erol. “Er is geen betere dan die magere.” Hij keek om zich heen. “Er komt zo wel een tafel vrij.” Mijn moeder drukte mij tegen zich aan. “We moeten even wachten,” zei ze. Het waren de eerste woorden die ze sprak sinds we in Nederland waren. “Ik ben jarig,” fluisterde mijn zus in mijn oor. “Misschien krijgen we wel taart.” Toen we eindelijk aan tafel mochten, bekeek Kadir de menukaart met een afkeurende blik en bestelde iets wat ik niet kende. Even later kregen mijn zus en ik allebei een groot bord friet met mayonaise en een glas cola. Ik had nooit eerder friet gegeten, maar de eerste hap beviel me zo goed dat ik me er als een uitgehongerde op wierp. Kadir en Erol aten niets. Ze dronken koffie en keken rokend naar de wedstrijd. Mijn moeder nam een paar frietjes van mijn bord, zuchtte diep en staarde zwijgend voor zich uit. Toen we alweer een tijdje onderweg waren, zei Erol dat het nog maar een uur rijden was.”

 

 
Murat Isik (Izmir, 11 september 1977)

In Memoriam Menno Wigman

In Memoriam Menno Wigman

De Nederlandse dichter Menno Wigman is gisteren overleden. Dat heeft zijn uitgeverij bekendgemaakt. Wigman leed aan een hartziekte. Hij is 51 jaar oud geworden. Menno Wigman werd geboren in Beverwijk op 10 oktober 1966. Zie ook mijn blog van 10 oktober 2010 en ook mijn blog van 10 oktober 2008 en eveneens alle tags voor Menno Wigman op dit blog

 

Burger King

Was er een tijd dat ik hier boven stond,
mijn mond vol Proust en Bloem, mij hoor je niet,
niet meer. Wat heeft het nog voor zin om in
een taal te denken die geen tanden heeft?
Ik sta alleen. Mijn woorden zijn naar god.

Dus slof ik door de leeszaal van de straat
en blader maar wat door de Burger King,
gewoon, omdat ik leef, omdat ik hopeloos
eenvoudig eet en straks vanzelf vertrek.
– Als deze wanhoop ons Walhalla is,

als hier het echte leven staat te lezen,
mij best, ik zag genoeg. In dit verhaal
betaal je met jezelf, niet eens bedroefd,
eerder verbaasd dat alles wat zo laag
en lelijk is zo sterk en stevig staat.

 

Billboards

De domme avond, doordeweeks, doorweekt
en dierlijk als een potloodventer.
De grijze jongens in de avondbus.
Iets verderop een moeder met een snor.
En elke halte weer twee levensgrote,
neonrode vrouwenlippen die vertellen
wat er aan het leven schort.

Het einde van de regenboog! Ambrosia,
verlicht en wel, wijst ons de weg.
En wij, met onze rimpels, leugentjes,
gebreken en oneffenheden, stuk
voor stuk tot onze nek vol eigen bloed,
gebeten op geluk en overvloed,
wij rijden door de domme avond,

dromen muren om ons heen, dag in,
dag uit, en komen thuis, speuren
zenders af en gaan naar bed. Het mysterie
van het laatste onrecht! Algehele
roofzucht! Perfectie! Paringsdrift!
Nu kan, nu zal, nu moet het komen.
Ambrosia wees ons de weg.

 

Tot de bodem

Een kroeg bezoeken en naar glazen grijpen,
je geest, een luchtballon, van zandzakken bevrijden,
steeds hoger stijgen en blijmoedig verder hijsen,
de hoogste tijd, een nieuwe kroeg, je geld, je jas,
zo dweil je door de koude voorjaarsnacht en pist,
je bent een man of niet, schuimkringen in de gracht.

Ik las dat de politie bij elk waterlijk
(het gaat om meer dan vijftig doden in drie jaar)
sinds kort meteen naar open gulpen kijkt.
Hoe drank een vloek over de grachten verft.
Hoe water ’s nachts naar mensen grijpt.

Een flits van speelgoed, stranden, tuinen en tv.
Naar kades klauwen, in je kreten stikken, rond
die luchtbel, rond je hoofd, een engel die niet komt,
o de gestorven zomers in je mond.

 
Menno Wigman (10 oktober 1966 – 1 februari 2018)

 

Jan-Paul Rosenberg wint Turing Gedichtenwedstrijd 2018

Jan-Paul Rosenberg wint Turing Nationale Gedichtenwedstrijd

De Nederlandse dichter en uitgever Jan-Paul Rosenberg heeft de Turing Gedichtenwedstrijd 2017 gewonnen met het gedicht ‘Laatste foto van de vrede’. Hij ontving 10.000 euro. De prijs werd afgelopen woensdag uitgereikt in De Rode Hoed tijdens een uitzending van “Met het oog op morgen.” Na zijn studie sociologie aan de universiteit van Wageningen en stages in Catalonië en Vlaanderen nam Jan-Paul Rosenberg (Leiden, 1966) in 1992 het initiatief tot het oprichten van de onafhankelijke literaire uitgeverij Stichting Achterland, waarvan hij thans hoofdredacteur en directeur is. Diverse bloemlezingen namen deze dichter al op.

 

Laatste foto van de vrede

Ik bedoel dit letterlijk: verlaat de zoemende foto
nu het nog kan, zelfs uit de ruimte blijkt de verwoesting
onafwendbaar. De man in de kamer hiernaast is al geschiedenis.

Vanuit deze foto leidt de weg naar de ontsnapping, elke poging tot bewegen
wordt beloond. Deze waarschuwing geldt voor iedereen: pretvaders, bonusmoeders,
leenkroost; alles waarop een naam rust, een burgerservicenummer, een cliëntprofiel; alles
wat kan worden afgeluisterd dus alles wat voor evacuatie in aanmerking komt.

De laatste foto van de vrede bloedt als een oprechte, loyale Madonna. De staat stuurt een app: de elektriciteit is dood, telefoons/computers
afgesneden. Discreet duiken we onder in een tentenkamp.
Paspoorten, sleutelwoorden raken uitgebloeid.

De foto liegt niet. Nog even en dan gaat het los
begint het zoeken met honden naar overlevenden.
Tot dan steken we de koppen in het zand, trakteren we
het gouden kalf op Bach, blijven God door de vingers zien.

 

 
Jan-Paul Rosenberg (Leiden, 16 oktober 1966)