Christopher Durang, David Shapiro, Jimmy Santiago Baca, André Aciman, Nyk de Vries, Hans Herbjørnsrud, Anton van Duinkerken

De Amerikaanse toneelschrijver Christopher Durang werd geboren op 2 januari 1949 in Montclair, New Jersey. Zie ook alle tags voor Christopher Durang op dit blog.

Uit: Laughing Wild

“Woman: I want to talk to you about life. It’s just too difficult to be alive, isn’t it, and try to function? There are all these people to deal with. I tried to buy a can of tuna fish in the supermarket, and there was this person standing right in front of where I wanted to reach out to get the tuna fish, and I waited a while, to see if they’d move, and they didn’t—they were looking at tuna fish too, but they were taking a real long time on it, reading the ingredients on each can like they were a book, a pretty boring book if you ask me, but nobody has; so I waited a long while, and they didn’t move, and I couldn’t get to the tuna fish cans; and I thought about asking them to move, but then they seemed so stupid not to have sensed that I needed to get by them that I had this awful fear that it would do no good, no good at all, to ask them, they’d probably say something like, “We’ll move when we’re goddam ready you nagging bitch” and then what would I do? And so then I started to cry out of frustration, quietly, so as not to disturb anyone, and still, even though I was softly sobbing, this stupid person didn’t grasp that I needed to get by them, and so I reached over with my fist, and I brought it down real hard on his head and screamed: “Would you kindly move asshole!!!”
And the person fell to the ground, and looked totally startled, and some child nearby started to cry, and I was still crying, and I couldn’t imagine making use of the tuna fish now anyway, and so I shouted at the child to stop crying—I mean, it was drawing too much attention to me—and I ran out of the supermarket, and I thought, I’ll take a taxi to the Metropolitan Museum of Art, I need to be surrounded with culture right now, not tuna fish.”

Christopher Durang (Montclair, 2 januari 1949)

 

De Amerikaanse dichter, criticus en historicus David Shapiro werd geboren op 2 januari 1947 in Newark, New Jersey. Zie ook alle tags voor David Shapiro op dit blog.

The Weak Poet
for Michal Govrin

When a poet is weak,
like a broken microphone,
he still has some power,
indicated by a red light.

The weak poet
is fixed to the wall
like an ordinary light.

Dependent and dismal by turns,
he is a nominalist
and a razor blade
and a light.

And the demons cry,
Cast him from the kingdom
for a copy of a copy!

Remove him
like the women who supported the temple —
slaves too free and alive.
His similes are ingenious, like science among lovers.

My friend, however early
you called, you had come
too late, again.

The weak poet
has not gone grey
but his sacrificed similes
lead nowhere.

And his I is like any other word
in the newspaper and he is cut up
like fashion.

Each window was seductive,
but even his diseases could be cured.
Your low voice alone
is major like a skepticism.

We had forgotten
the place and the stories,
and the fiery method, too familiar, too distant.

We had memorized the poems,
but only for prison.
With the first new year celebrated in chaos
above the red waters of Paradise.

Where a clayey groom
hears the bride’s voice
like a stronger world —

Sound is all
a snake can do —
and charming sense
and strangeness.

Now the old poet
loses his voice like a garden.
But finds it again, like a street in a garden.

In the injured house
made of local sun and stone —
In the city of numbers
which everyone counts and hates and wants—

We could read together in a dark city garden,
scribbling with language over
screens like lips, scribbling the first mistranslations.

David Shapiro (Newark, 2 januari 1947)

 

De Amerikaanse dichter en schrijver Jimmy Santiago Baca werd geboren in Santa Fe, New Mexico, op 2 januari 1952. Zie ook alle tags voor Jimmy Santiago Baca op dit blog.

As Children Know

Elm branches radiate green heat,
blackbirds stiffly strut across fields.
Beneath bedroom wood floor, I feel earth—
bread in an oven that slowly swells,
simmering my Navajo blanket thread-crust
as white-feathered and corn-tasseled
Corn Dancers rise in a line, follow my calf,
vanish in a rumple and surface at my knee-cliff,
chanting. Wearing shagged buffalo headgear,
Buffalo Dancer chases Deer Woman across
Sleeping Leg mountain. Branches of wild rose
trees rattle seeds. Deer Woman fades into hills
of beige background. Red Bird
of my heart thrashes wildly after her.
What a stupid man I have been!
How good to let imagination go,
step over worrisome events,
those hacked logs
tumbled about
in the driveway.
Let decisions go!
Let them blow
like school children’s papers
against the fence,
rattling in the afternoon wind.
This Red Bird
of my heart thrashes within the tidy appearance
I offer the world,
topples what I erect, snares what I set free,
dashes what I’ve put together,
indulges in things left unfinished,
and my world is left, as children know,
left as toys after dark in the sandbox.

Jimmy Santiago Baca (Santa Fe, 2 januari 1952)

 

De Amerikaanse schrijver, essayist en literatuurwetenschapper André Aciman werd geboren op 2 januari 1951 in Alexandrië in Egypte. Zie ook alle tags voor André Aciman op dit blog.

 

Uit: Noem Me Bij Jouw Naam (Vertaald door Nan Lenders)

‘Later!’ Dat woord, die stem, die houding.
Ik had nog nooit iemand ‘later’ horen gebruiken om afscheid te nemen. Het klonk nors, kortaf en laatdunkend en werd uitgesproken met de verholen onverschilligheid van iemand wie het misschien helemaal niet kan schelen of hij je ooit nog ziet of ooit nog iets van je hoort.
Het is het eerste wat ik me van hem herinner en ik hoor het hem zo nog zeggen. Later!
Ik doe mijn ogen dicht, zeg dat woord, en ben weer terug in Italië, al die jaren geleden, waar ik de met bomen gezoomde oprijlaan af loop en zie hoe hij uit de taxi stapt, fladderig blauw overhemd met wijd openstaande kraag, zonnebril, strooien hoed, overal blote huid. Opeens staat hij mijn hand te schudden, geeft me zijn rugzak aan, haalt zijn koffer uit de kofferbak van de taxi, vraagt me of mijn vader thuis is.
Het zou heel goed kunnen dat het daar, op dat moment was begonnen: dat hemd, die opgerolde mouwen, de ronding van zijn hielen die bij iedere stap weer uit zijn gerafelde espadrilles gleden alsof ze niets liever wilden dan het hete grindpad dat naar het huis leidde uittesten en die vroegen: welke kant op naar het strand?
De zomergast van dit jaar. Weer zo’n saaie.
Dan zwaait hij, bijna achteloos en met zijn rug al naar de auto gekeerd, even naar achteren met zijn vrije hand en roept onverschillig Later! naar een andere passagier in de auto met wie hij waarschijnlijk de kosten van de taxi heeft gedeeld vanaf het station. Zonder een naam erbij te noemen, zonder een geintje om wat minder de bink te lijken, niets. De ander wordt met één woord weggestuurd: kordaat, brutaal en bot – kies zelf maar, hem kan het niet schelen hoe je het noemt.
Let maar eens op, dacht ik, zo gaat hij ook van ons afscheid nemen als het zover is. Met een korzelig, achteloos later!
Maar eerst moesten we het zes lange weken met hem zien uit te houden.
Ik was volkomen geïntimideerd. Het onbenaderbare type.
Al zou ik hem best aardig kunnen gaan vinden. Van de ronding van zijn kin tot aan de ronding van zijn hiel. En vervolgens, binnen enkele dagen, zou ik hem leren haten. Deze zelfde man, wiens foto op het aanmeldingsformulier maanden eerder was opgevallen door een belofte van onmiddellijke affiniteit.”

 

André Aciman (Alexandrië, 2 januari 1951)

 

De Nederlandse dichter Nyk de Vries werd geboren in Noordbergum op 2 januari 1971. Zie ook alle tags voor Nyk de Vries op dit blog.

 

Geheim

Een geheim betekent niets. Wanneer het wordt onthuld is
het verdwenen – alsof er nooit een buitenhuis is geweest.
Aanvankelijk was iedereen nieuwsgierig, toen de deuren
opengingen, maar binnen enkele maanden was het
nieuwtje eraf. Men dacht dat men het begreep en
misschien deed men dat ook wel. Maar ik bleef zitten met
de geest die het verhullen in me had geplant. Ik zat
doodstil in mijn auto, werd ’s nachts wakker van niets. Ik
weet dat het fout is, maar soms lig ik op bed en stel me
voor dat de deuren opnieuw dichtklappen – dat de wereld
opnieuw donker wordt en alles weer een reden heeft.

 

Nyk de Vries (Noordbergum, 2 januari 1971)

 

De Noorse schrijver Hans Herbjørnsrud werd geboren op 2 januari 1938 in Heddal, Telemark. Zie ook alle tags voor Hans Herbjørnsrud op dit blog.

 

Uit: Die Brunnen (Vertaald door Ulrich Sonnenberg)

“Gegen den Strom zu laufen ist wie gegen den Wind zu laufen, ich verkürze die Schrittlänge, laufe an den Pfosten vorbei, die von der alten Hängebrücke noch stehen, und um 6:08:05 hüpfe ich von Stein zu Stein über die Mündung eines rieselnden Bachs und springe auf die breite Kiesbank, die sich entlang der Heddøla bis Grenehølen erstreckt. Mou, keiwai, gwei: Ich murmele ein Wort bei jedem Schritt, den ich auf den Kies setze: niemand, merkwürdig, Gespenst. Die Luft spült mir den Mund, der Kies knirscht und brennt unter den Füßen, und in meinen Ohren höre ich die durchdringenden Schritte von Man Lok auf dem Fußboden in Oslo. Schnell, es eilt, Man Lok entwickelt sich zu einem prächtigen Burschen, haben sie gesagt. Mou, keiwai und gwei, murmele ich wie eine Beschwörungsformel, wobei die Wörter unter den

Schuhsohlen knirschen, und hetze im Gegenwind des Stromes vorwärts.

6:11:42, bei Grenehølen drehe ich um, nehme den Joggingstein in die linke Hand und laufe mit der Strömung zurück. Der Fluss fletscht die Zähne und schnappt nach den Steinen, während er rasch über den Grund fließt, der Strom wirbelt schneller als die Zeit, unmöglich, mit ihm Schritt zu halten. Trotzdem ist es einfacher, im Sog des Flusses zu laufen, ich gehe in lange Schritte über, berühre den Boden nur kurz mit den Ballen und drücke die Beine durch, dass es in den

Kniekehlen zieht.”

 

Hans Herbjørnsrud (Heddal, 2 januari 1938)

 

De Nederlandse dichter, essayist, redenaar en literair-historicus Anton van Duinkerken werd op 2 januari 1903 geboren in Bergen op Zoom. Zie ook alle tags voor Anton van Duinkerken op dit blog.

Thuis, op het kerkhof

Tussen de zerken, lezend het verleden
Van deze kleine stad, waaruit ik kwam,
Waarheen ik telkens wederkeer, vernam
Ik achter mij stil wandelende schreden.

Verwonderd zag ik om. Even beneden
Het kruis in ’t midden draagt een vrouw een vlam.
Dit stenen beeld, vlak naast een treurwilgstam,
Stond of ’t gereed was, op mij toe te treden.

Geen levend mens was daar, maar het geluid,
Dat mij bedroog, scheen deze vrouw te wekken
En in mijn angst bracht zij de woorden uit:

‘Sla geen geloof aan klanken, die u trekken,
De waarheid is een vuur, geen ijdel woord,
Wie waarheid spreekt, die draagt een schroeiwond voort’.

Anton van Duinkerken (2 januari 1903 – 27 juli 1968)

Cover biografie


Zie voor nog meer schrijvers van de 2e januari ook
mijn blog van 2 januari 2012 deel 1 en eveneens deel 2.