Giuseppe Ungaretti, Carry-Ann Tjong-Ayong, Fleur Adcock, Joseph Kessel, Charles Lamb

De Italiaanse dichter en schrijver Giuseppe Ungaretti werd geboren op 10 februari 1888 in Alexandrië, Egypte. Zie ook mijn blog van 10 februari 2008 en ook mijn blog van 10 februari 2009 en ook mijn blog van 10 februari 2010. 


No More Crying Out


Cease murdering the dead.

If you hope not to perish, if you

Want sound of them again,

Stop crying out, cease

The crying out of it.


They have barely heard whispering,

No more that the increase of grass

Happy where no man passes.



Vertaald door Jon Silkin



Variations On Nothing


That negligible bit of sand which slides

Without a sound and settles in the hourglass,

And the fleeting impressions on the fleshy-pink,

The perishable fleshy-pink, of a cloud…


Then a hand that turns over the hourglass,

The going back for flowing back, of sand,

The quiet silvering of a cloud

In the first few lead-gray seconds of dawn…


The hand in shadow turned the hourglass,

And the negligible bit of sand which slides

And is silent, is the only thing now heard,

And, being heard, doesn’t vanish in the dark.



Vertaald door Andrew Frisardi 



Giuseppe Ungaretti (10 februari 1888 – 2 juni 1970)



 De Surinaamse dichteres Carry-Ann Tjong-Ayong werd op 10 februari 1941 in Paramaribo, Suriname geboren. Zie ook mijn blog van 10 februari 2007 en ook mijn blog van 10 februari 2008 en ook mijn blog van 10 februari 2009 en ook mijn blog van 10 februari 2010.

Zigeunerman (aan Lorca)


Zoals de zigeuners door jouw balladen dwalen zo is je geest

vervuld van wilde hartstocht van mensen met muziek in hun aderen

met vergezichten in hun ogen en voorspellingen in hun hart

je ziet het bloed dat uit hun wonden spuit

de drang naar vrijheid in hun wilde zangen

voelt hun verlangen zoals jij verlangt, zigeunerman

je poezie is als de smachtende gitaar de jankende viool

de hoge noot die de zigeunervrouw haar mond ontsnappen laat

hun zwarte ogen boren diep tot in jouw ziel

die liefde omzet in gedichten die verwoorden

wat jouw innerlijk reeds lang geleden in de buitenlucht uitschreeuwde

liederen van bloed en dood van leven liefde hartstocht vrijheid, zigeunerman

je zangen zijn als het gehuil van wolven, als het hoefgetrappel van de zwarte


het krijsen van de adelaar het huilen van een baby in de nacht

opzwepend als de voeten van de flamencodansers

teder als de vlinders in de lucht gekoer van duiven

zigeunerman, zo rauw zo puur zo als je grond in Andalucia

zo zoet als steeds jouw mond verwondt aan wat de wereld jouw verried

als in jouw lied jouw aanklacht tot de aarde

die jouw voetstappen bewaarde in haar ruige schoonheid





Carry-Ann Tjong-Ayong (Paramaribo, 10 februari 1941)



De Nieuwzeelandse dichteres Fleur Adcock werd geboren op 10 februari 1934 in Papakura, Auckland. Zie ook mijn blog van 10 februari 2009 en ook mijn blog van 10 februari 2010. 


November ’63: eight months in London.
I pause on the low bridge to watch the pelicans:
they float swanlike, arching their white necks
over only slightly ruffled bundles of wings,

burying awkward beaks in the lake’s water
I clench cold fists in my Marks and Spencer’s jacket
and secretly test my accent once again:
St James’s Park, St James’s Park, St James’s Park.



Miramar? No, surely not — it can’t be:
the cream, clinker-built walls, the pepper tree,
the swan-plants under my bedroom window…
But if it is, I’ll open the back door
to the sun porch, with its tang of baked wood.

You’ll be lying propped on the shabby couch,
writing; you won’t be pleased to see me,
home from school already, with my panama
and my teenage grumps, though you’ll pretend
you’re a gracious mother, and I a loving daughter.

After the chiropractor’s fixed your back
and growing up improved my temper,
we’ll learn to be good friends for forty years,
most of them spent apart, vocal with letters:
glad of each other, over all the distances —

until this one, that telescopes your past,
compacting the whole time from postwar England
to your present house into a flattened slice
of Lethe; tidily deleting my teens
from your tangled brain; obliterating Miramar. 


Fleur Adcock (Papakura, 10 februari 1934)




De Franse schrijver, journalist en avonturier Joseph Kessel werd geboren op 10 februari 1898 in Clara, Entre Rios, Argentinië.  Zie ook mijn blog van 10 februari 2009 en ook mijn blog van 10 februari 2010. 

: Le lion


« Fasciné et seulement à demi conscient de mes gestes, je me penchai sur le mufle royal et, comme l’avait fait Patricia, j’effleurai du bout des ongles le triangle marron foncé qui séparait les grands yeux d’or. Un frisson léger courut dans la crinière de King. Ses pesantes babines frémirent, s’étirèrent. La

gueule s’entrouvrit et les terribles crocs brillèrent doucement.

– Regardez, regardez bien, dit Patricia, il vous sourit. Comment ne l’aurais-je pas cru ? N’avais-je pas, du ravin, entendu le rire de King ?

– J’ai choisi le meilleur moment pour vous faire rencontrer, dit Patricia. Il a bien mangé, il est repu. (Elle tapota le ventre puissant.) C’est l’heure la plus chaude. Il y a beaucoup d’ombre ici. Il est heureux. Patricia se glissa entre les pattes de devant, mêla ses cheveux en boule à la toison énorme et dit :

– Vous le voyez, ce n’était pas terrible du tout. Ni difficile.

– A condition d’être avec vous.

[ …]

De ses grands yeux d’or, King suivait nos gestes avec une attention soutenue. Quand il vit ma tête se rapprocher de celle de Patricia et ma bouche effleurer sa figure, le mufle du grand lion eut de nouveau ce mouvement que Patricia appelait un sourire. Et quand la petite fille eut repris place entre ses pattes, King lui lécha les cheveux.

– Lui, il m’embrasse souvent, dit Patricia en riant.

Ainsi, nous étions réunis tous les trois dans l’amitié de l’ombre et de la terre. »



 Joseph Kessel (10 februari 1898 – 23 juli 1979)



De Engelse dichter, schrijver en essayist Charles Lamb werd geboren in Londen op 10 februari 1775. Zie ook mijn blog van 10 februari 2009 en ook mijn blog van 10 februari 2010. 


On the Sight of Swans in Kensington Gardens

Queen-Brid that sittest on thy shining nest,
And thy young cygnets without sorrow hatchest,
And thou, thou other royal bird, that watchest
Lest the white mother wandering feet molest:
Shrined are your offspring in a crystal cradle,
Brighter than Helen’s ere she yet had burst
Her shelly prison. They shall be born at first
Strong, active, graceful, perfect, swan-like able
To tread the land or waters with security.
Unlike poor human births, conceived in sin,
In grief brought forth, both outwardly and in
Confessing weakness, error, and impurity.
Did heavenly creatures own succession’s line,
The births of heaven like to yours would shine.


Charles Lamb (10 februari 1775 – 27 december 1834)

Charles Lamb Memorial in Londen