Julian Barnes, Edgar Allen Poe, Edwidge Danticat, Gustav Meyrink, Eugénio de Andrade

De Engelse schrijver Julian Barnes werd geboren op 19 januari 1946 in Leicester. Zie ook alle tags voor Julian Barnes op dit blog.

Uit: Alsof het voorbij is (Vertaald door Ronald Vlek)

“We waren met zijn drieën, en nu was hij er als vierde bij gekomen. We hadden niet verwacht ons vaste aantal ooit nog uit te breiden: kliek- en paarvorming hadden al lang geleden plaatsgevonden, en wij begonnen onze ontsnapping van school naar leven al voor ons te zien. Hij heette Adrian Finn, een lange, verlegen jongen die in het begin zijn ogen neergeslagen en zijn ideeën voor zich hield. De eerste dagen namen we weinig notitie van hem: onze school kende geen welkomstceremonieel, laat staan het andere uiterste: de ontgroening. We registreerden slechts zijn aanwezigheid en wachtten af.
De leraren waren meer in hem geïnteresseerd dan wij. Ze moesten zijn intelligentie en werkhouding peilen, uitvinden hoe hij hiervoor les had gehad, en of hij mogelijk ‘studiebeurswaardig’ zou blijken. Op de derde ochtend van dat najaarstrimester hadden we geschiedenis van Ouwe Joe Hunt, droogkomisch innemend in zijn driedelig pak, een leraar wiens systeem van orde berustte op het in stand houden van voldoende maar niet buitensporige landerigheid.
‘Jullie weten nog dat ik jullie gevraagd heb alvast iets te lezen over het koningschap van Hendrik VIII.’ Colin, Alex en ik loerden even naar elkaar, in de hoop dat de vraag niet, zoals de uitgeworpen kunstvlieg van een hengelaar, op een van onze hoofden zou neerdalen. ‘Wie zou die periode eens willen karakteriseren?’ Hij trok zijn eigen conclusies uit onze afgewende blikken. ‘Marshall misschien. Hoe zou jij het koningschap van Hendrik viii willen omschrijven?’
Onze opluchting was groter dan onze nieuwsgierigheid, want Marshall was een voorzichtig stuk onbenul dat de inventiviteit van de ware onwetendheid miste. Hij zocht eerst naar mogelijk verborgen haken en ogen in de vraagstelling voordat hij ten slotte ergens een antwoord wist op te diepen.”

Julian Barnes (Leicester, 19 januari 1946)

 

De Amerikaanse dichter en schrijver Edgar Allen Poe werd geboren op 19 januari 1809 in Boston. Zie ook alle tags voor Edgar Allen Poe op dit blog

 

The City In the Sea

Lo! Death has reared himself a throne

In a strange city lying alone

Far down within the dim West,

Where the good and the bad and the worst and the best

Have gone to their eternal rest.

There shrines and palaces and towers

(Time-eaten towers that tremble not!)

Resemble nothing that is ours.

Around, by lifting winds forgot,

Resignedly beneath the sky

The melancholy waters lie.

No rays from the holy heaven come down

On the long night-time of that town;

But light from out the lurid sea

Streams up the turrets silently-

Gleams up the pinnacles far and free-

Up domes- up spires- up kingly halls-

Up fanes- up Babylon-like walls-

Up shadowy long-forgotten bowers

Of sculptured ivy and stone flowers-

Up many and many a marvellous shrine

Whose wreathed friezes intertwine

The viol, the violet, and the vine.

Resignedly beneath the sky

The melancholy waters lie.

So blend the turrets and shadows there

That all seem pendulous in air,

While from a proud tower in the town

Death looks gigantically down.

There open fanes and gaping graves

Yawn level with the luminous waves;

But not the riches there that lie

In each idol’s diamond eye-

Not the gaily-jewelled dead

Tempt the waters from their bed;

For no ripples curl, alas!

Along that wilderness of glass-

No swellings tell that winds may be

Upon some far-off happier sea-

No heavings hint that winds have been

On seas less hideously serene.

But lo, a stir is in the air!

The wave- there is a movement there!

As if the towers had thrust aside,

In slightly sinking, the dull tide-

As if their tops had feebly given

A void within the filmy Heaven.

The waves have now a redder glow-

The hours are breathing faint and low-

And when, amid no earthly moans,

Down, down that town shall settle hence,

Hell, rising from a thousand thrones,

Shall do it reverence.

 

Edgar Allen Poe (19 januari 1809 – 7 oktober 1849)

Daguerreotypes van Edgar Allan Poe door Michael Deas

 

De Amerikaanse schrijfster Edwidge Danticat werd geboren in Port-au-Prince op Haïti op 19 januari 1969. Zie ook alle tags voor Edwidge Danticat op dit blog.

 

Uit: Create Dangerously

“According to our principles I should have committed suicide in that situation,” Drouin reportedly declared in a final statement at his secret military trial. “Chandler and Guerdès [two other Jeune Haiti members] were wounded . . . the first one asked . . . his best friend to finish him off; the second committed suicide after destroying a case of ammunition and all the documents. That did not affect me. I reacted only after the disappearance of Marcel Numa, who had been sent to look for food and for some means of escape by sea. We were very close and our parents were friends.”

After months of attempting to capture the men of Jeune Haiti and after imprisoning and murdering hundreds of their relatives, Papa Doc Duvalier wanted to make a spectacle of Numa and Drouin’s deaths.

So on November 12, 1964, two pine poles are erected outside the national cemetery. A captive audience is gathered.

Radio, print, and television journalists are summoned. Numa and Drouin are dressed in what on old black-and-white film seem to be the clothes in which they’d been captured — khakis for Drouin and a modest white shirt and denim-looking pants for Numa. They are both marched from the edge of the crowd towards the poles. Their hands are tied behind their backs by two of Duvalier’s private henchmen, Tonton Macoutes in dark glasses and civilian dress. The Tonton Macoutes then tie the ropes around the men’s biceps to bind them to the poles and keep them upright.”

 

Edwidge Danticat (Port-au-Prince, 19 januari 1969)

 

De Oostenrijkse schrijver Gustav Meyrink werd op 19 januari 1868 te Wenen geboren. Zie ook alle tags voor Gustav Meyrink op dit blog.

 

Uit: Das dicke Wasser

“Im Ruderklub »Clia« herrschte brausender Jubel. Rudi, genannt der Sulzfisch, der zweite »Bug«, hatte sich überreden lassen und sein Mitwirken zugesagt. – Nun war der »Achter« komplett. – Gott sei Dank. –

Und Pepi Staudacher, der berühmte Steuermann, hielt eine schwungvolle Rede über das Geheimnis des englischen Schlages und toastierte auf den blauen Donaustrand und den alten Stephansdom (duliö, duliö). Dann schritt er feierlich von einem Ruderer zum andern, jedem das Trainingsehrenwort – vorerst das kleine – abzunehmen.

Was da alles verboten wurde, es war zum Staunen! Staudacher, für den als Steuermann all dies keinerlei Geltung hatte, wußte es auswendig: »Erstens nicht rauchen, zweitens nicht trinken, drittens keinen Kaffee, viertens keinen Pfeffer, fünftens kein Salz, sechstens – – siebtens – – – achtens – – –, und vor allem keine Liebe, – hören Sie, – keine Liebe! – weder praktische noch theoretische –!«

Die anwesenden Klubjungfrauen sanken um einen halben Kopf zusammen, weil sie die Beine ausstrecken mußten, um ihren Freundinnen vis-a-vis bedeutungsvolle Fußtritte unter dem Tisch zu versetzen.

Der schöne Rudi schwellte die Heldenbrust und stieß drei schwere Seufzer aus, die anderen schrien wild nach Bier, der kommenden schrecklichen Tage gedenkend. –

»Eine Stunde noch, meine Herren, heute ausnahmsweise, dann ins Bett, und von morgen an schläft die Mannschaft im Bootshause.«

»Mhm«, brummte bestätigend der Schlagmann, trank aus und ging. »Ja, ja, der nimmt’s ernst«, sagten alle bewundernd. –

Spät in der Nacht traf ihn die heimkehrende Mannschaft zwar Arm in Arm mit einer auffallend gekleideten Dame in der Bretzelgasse, aber es konnte ja gerade so gut seine Schwester sein. – Wer kann denn in der Dunkelheit eine anständige Dame von einer Infektioneuse unterscheiden!

Der »Achter« kam dahergesaust, die Rollsitze schnarchten, die schweren Ruderschläge dröhnten über das grüne, klare Wasser.

»Jetzt kommt der Endspurt, da schauen S’, da schauen S’!«

 

Gustav Meyrink (19 januari 1868 – 4 december 1932)

 

De Portugese dichter Eugénio de Andrade (eig. José Fontinhas) werd geboren op 19 januari 1923 in Póvoa de Atalaia. Zie ook alle tags voor Eugénio de Andrade op dit blog.

URGENTLY

It’s urgent — love.
It’s urgent — a boat upon the sea.

It’s urgent to destroy certain words,
hate, solitude, and cruelty,
some moanings,
many swords.

It’s urgent to invent a joyfulness,
multiply kisses and cornfields,
discover roses and rivers
and glistening mornings — it’s urgent.

Silence and an impure light fall upon
our shoulders till they ache.
It’s urgent — love, it’s urgent
to endure.

Vertaald door Alexis Levitin

 

The Children

Children grow in secret. They hide themselves in the depths and darker reaches of the house to become wild cats, white birches.

One day when you’re only half-watching the herd as it straggles back in with the afternoon dust, one child, the prettiest of them all, comes close and rises up on tiptoe to whisper I love you, I’ll be waiting for you in the hay.

Shaking some, you go to find your shotgun; you spend what’s left of the day firing at rooks and jackdaws, uncountable at this hour, and crows.

 

Vertaald door Atsuro Riley

Eugénio de Andrade (19 januari 1923 – 13 juni 2005)

 


Zie voor nog meer schrijvers van de 19e januari ook
mijn vorige blog van vandaag.