Sint Nicolaas 1938 (A. Marja), Hanif Kureishi, Christina Rossetti

 

 

 

Sint Nicolaas 1938

Weer doen wij ons aan marsepein tegoed:
al ligt de wereld machteloos te bloeden,
God zal òns feest, òns Neerland wel behoeden.
o, Sinterklaas, wij waren braaf en zoet!

Verstop de krant, die riekt naar rook en bloed:
nòg walmt de puinhoop, nòg zwiept ginds de roede
en striemt den Jood, wij kunnen ‘t niet verhoeden…
o, speculaas, o, marsepein, zo zoet!

Vanavond deert ons vluchteling noch beul,
wij zoeken slechts bij koek en snoepgoed heul,
en lezen, voor ‘t naar bed gaan, ‘t woord des Heren,

dat ons, als steeds, weer ernstig stemt en sticht,
maar verder vrijlaat en tot niets verplicht
zolang wij koek en snoepgoed niet ontberen.

 

A. Marja (8 maart 1917 – 10 januari 1964)
Portret door door Willy Rieser, z. j.

 

De Britse schrijver en regisseur Hanif Kureishi werd geboren op 5 december 1954 in Bromley, Kent. Zie ook alle tags voor Hanif Kureishi op dit blog.

Uit: The Buddha of Suburbia

“Dad had been in Britain since 1950 — over twenty years — and for fifteen of those years he’d lived in
the South London suburbs. Yet still he stumbled around the place like an Indian just off the boat, and
asked questions like, ‘Is Dover in Kent?’ I’d have thought, as an employee of the British Government, as a Civil Service clerk, even as badly paid and insignificant a one as him, he’d just have to know these things. I sweated with embarrassment when he halted strangers in the street to ask directions to places that were a hundred yards away in an area where he’d lived for almost two decades.
But his naivete made people protective, and women were drawn by his innocence. They wanted to
wrap their arms around him or something, so lost and boyish did he look at times. Not that this was
entirely uncontrived, or unexploited. When I was small and the two of us sat in Lyon’s Cornerhouse
drinking milkshakes, he’d send me like a messenger pigeon to women at other tables and have me
announce, “My daddy wants to give you a kiss.”
Dad taught me to flirt with everyone I met, girls and boys alike, and I came to see charm, rather than
courtesy or honesty, or even decency, as the primary social grace. And I even came to like people who
were callous or vicious provided they were interesting. But I was sure Dad hadn’t used his own gentle
charisma to sleep with anyone but Mum, while married.
Now, though, I suspected that Mrs Eva Kay — who had met Dad a year ago at a ‘writing for pleasure’
class in an upstairs room at the King’s Head in Bromley High Street — wanted to chuck her arms around him. Plain prurience was one of the reasons I was so keen to go to her place, and embarrassment one of the reasons why Mum refused. Eva Kay was forward; she was brazen; she was wicked.
On the way to Eva’s I persuaded Dad to stop off at the Three Tuns in Beckenham. I got off the bus; Dad had no choice but to follow me. The pub was full of kids dressed like me, both from my school and from other schools in the area. Most of the boys, so nondescript during the day, now wore cataracts of velvet and satin, and bright colours; some were in bedspreads and curtains.”

 

Hanif Kureishi (Bromley, 5 december 1954)

 

De Engelse dichteres en schrijfster Christina Georgina Rossetti werd geboren in Londen op 5 december 1830. Zie ook alle tags voor Christina Rossetti op dit blog.

 

Bergop

Gaat deze weg soms helemaal bergop?
Als ik me niet vergis.
En is het een dag lopen tot de top?
Totdat het donker is.

Maar is er daar een slaapgelegenheid?
Ja, voor de lange uren van de nacht.
En in het duister vind ik die altijd?
Je ziet het eer je het verwacht.

Zal ik ook andere mensen daar ontmoeten?
Ja, hen die jou zijn voorgegaan.
Moet ik dan kloppen daar of stampen met mijn voeten?
Ze zullen je er heus niet laten staan.

En is het fijn daar als ik moe ben van het lopen?
Ze hebben daar voor jou hun best gedaan.
En mag men op een goede nachtrust hopen?
Ja, iedereen van overal vandaan.

 

Vertaald door H. F. H. Reuvers

 

Christina Rossetti (5 december 1830 – 27 december 1894)
Cover biografie

 

Zie voor de schrijvers van de 5e december ook mijn blog van 5 december 2018.

Jussi Adler-Olsen, Conrad Aiken

De Deense schrijver Carl Henry Valdemar Jussi Adler-Olsen werd geboren op 2 augustus 1950 in Kopenhagen. Zie ook alle tags voor Jussi Adler-Olsen op dit blog.

Uit: Natriumchloride (Vertaald door Kor de Vries)

“Na de noodoproep verstreken er slechts vijf minuten voor de ambulance het grasveld opdraaide in dc richting van dc chaos die op je netvlies werd gebrand. Rond het dampende gat lagen zes levenloze lichamen en een scherpe stank van verbrand vlees vermengde zich met de ozongeur die na de blikseminslagen nog steeds in de lucht hing. “Allemaal achteruitgaan!”riep een van de ambulancebroeders naar het groepje studenten dat was toegesneld uit de universiteit aan de andere kant van de weg en bij de aanblik als aan de grond genageld stond. Zijn collega trok hem aan zijn mouw. “We kunnen hier niets doen, Martin, maar kijk daar eens!” Hij wees naar een oudere man wiens knieën langzaam in het doorweekte gras wegzakten. “Waarom stonden ze zo dicht bij elkaar en waarom is de bliksem niet in de bomen ingeslagen?” jammerde de man toen ze dichterbij kwamen. Hoewel de regen met bakken uit de hemel kwam en de jas van de man als een natte doek aan hem vastplakte, sloeg hij geen acht op iets anders dan op wat er zojuist was gebeurd. Martin draaide zich om naar de universiteitsgebouwen, waar meerdere sirenes en blauwe zwaailichten aankondigden dat er verscheidene ambulances en politievoertuigen onderweg waren.
“We geven hem iets kalmerends voor het nog tot een hersenbloeding komt”, zei hij tegen zijn collega. Martin knikte at kneep zijn ogen samen. Door de stortregen heen werd hij twee vrouwen gewaar die op hun hurken bij een aangroeiende waterplas aan de windsingel raten. “Kom snel!” riepen ze en Martin greep zijn tas en begon te rennen. “Volgens mij ademt ze”, steunde de ene vrouw, terwijl ze haar hand om de nek van het zevende slachtoffer hield. Afgezien van de zat zwartgeblakerde kleding van de bewusteloze vrouw leek ze niet direct zo heftig verbrand als de andere slachtoffers. “Ik denk dat ze hier door de blikseminslag naartoe is geslingerd
, zei de vrouw met trillende stem. “Kun je haar redden? Terwijl Martin het tengere lichaam wegtrok bij de waterplas die steeds dieper werd, nam het geschreeuw achter hem toe. Nu hadden zijn toegesnelde collega’s geconstateerd dat ze niets konden uitrichten. De bliksem had alle zes motsen gedood die in de regen dicht op elkaar hadden gestaan. Martin legde de vrouw in de stabiele zijligging en voelde haar pols, die langzaam en zwak was, maar stabiel leek te zijn. Op het moment dat hij opstond en naar zijn collega’s wenkte dat ze met een brancard moesten komen sidderde haar lichaam. Een paar korte, diepe inademingen deden haar borstkas spannen en in een plotselinge beweging kwam ze omhoog op haar ellebogen en keek ze om zich heen. “Waar ben ik?” vroeg ze met rood dooraderde ogen.”

 

Jussi Adler-Olsen (Kopenhagen, 2 augustus 1950)

 

De Amerikaanse schrijver en dichter Conrad Potter Aiken werd geboren in Savannah, Georgia op 5 augustus 1889. Zie ook mijn blog van 5 augustus 2010 en eveneens alle tags voor Conrad Aitken op dit blog.

 

De beeldhouwer

Als uit graniet de kunstenaar
een kikvors, roos of vleugel maakt,
komt uit de harde steen zowaar
iets zachts tevoorschijn, teer en naakt.
In dit geval nam hij zijn hart,
dat als een steen werd mettertijd,
en beitelde met pijn en smart
in jarenlange eenzaamheid.
Werd het een vleugel of een roos,
een kikker op een lelieblad … ?
een meisjeshoofd kwam na een poos
uit wat hij onder handen had:
met heel veel haren, naar het scheen,
de ogen waren half dicht,
zo keek zij slaperig langs je heen
naar een denkbeeldig vergezicht.
Het mooie kind vond ons te min,
zij overdacht met trotse lach:
zij was een bloem, in zekere zin,
en bracht haar schoonheid aan de dag.
Gelijk een boom die nimmer weent,
maar schittert in een bliksemflits,
waar al het andere versteent,
zag zij zichzelf en anders niets.
Zo werd het stenen hart een hoofd
dat men vereert, beweent of … breekt.
Medusa had hij zich beloofd,
maar liever nog een slang gekweekt.

 

Vertaald door H. F. H. Reuvers

 

Conrad Aiken (5 augustus 1889 – 17 augustus 1973)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 2e augustus ook mijn blog van 2 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 2 augustus 2018 en ook mijn blog van 2 augustus 2017 en ook mijn blog van 2 augustus 2011 deel 2.

Sinterklaas – Kapoentje (Simon Franke), Hanif Kureishi, Christina Rossetti

 

Bij Sinterklaas

 

Illustratie uit Sinterklaas – Kapoentje door Freddie Langeler, 1928

 

Uit: Sinterklaas – Kapoentje

Het was in de stad een gedraaf van belang,
een hollen, een haasten, een jachten.
Men had in de winkels geen helpers genoeg
en moest er soms urenlang wachten.
De knecht van Sint-Niklaas ging overal rond,
naar winkels in stad en land
en kocht wat hij zag voor Sint-Nicolaas op,
om straks te geven met gulle hand.
Hij glom van de pret, en zo zwart als hij was,
hij had toch een kleur van het jachten.
Hij riep in het Moors, “voor het feest van mijn heer!”
en de ogen van Pieterman lachten.
Hij telde de blinkende goudstukken uit
en liet ze op tafel rinkelen.
Hij sloeg op zijn buidel, een buidel zo groot
en liet daar de tientjes in klinken.
En toen in de stad niets te kopen meer was,
geen bouwdoos, geen poppen, geen boeken,
toen ging hij terug naar ’t hotel van de Sint
om ’t eerste de stal te bezoeken.
Hij poetste de schimmel en roste hem glad
en wreef met een doek zijn benen,
gaf hem een extra schep haver uit ’t vat
en ook nog twee grote penen.
Toen bracht hij de Sint, die moe was, naar bed…
En overal werden de schoentjes gezet….

 

Simon Franke (18 maart 1880 – 24 september 1957)
De stoomboot legt aan in Volendam. Middelie, de geboorteplaats van Simon Franke behoort tegenwoordig to de gemeente Edam-Volendam.

 

De Britse schrijver en regisseur Hanif Kureishi werd geboren op 5 december 1954 in Bromley, Kent. Zie ook alle tags voor Hanif Kureishi op dit blog.

Uit: Intimacy

“It is the saddest night, for I am leaving and not coming back. Tomorrow morning, when the woman I have lived with for six years has gone to work on her bicycle, and our children have been taken to the park with their ball, I will pack some things into a suitcase, slip out of my house hoping that no one will see me, and take the tube to Victor’s place. There, for an unspecified period, I will sleep on the floor in the tiny room he has kindly offered me, next to the kitchen. Each morning I will heave the thin single mattress back to the airing cupboard. I will stuff the musty duvet into a box. I will replace the cushions on the sofa.
I will not be returning to this life. I cannot. Perhaps I should leave a note to convey this information. “Dear Susan, I am not coming back …” Perhaps it would be better to ring tomorrow afternoon. Or I could visit at the weekend. The details I haven’t decided. Almost certainly I will not tell her my intentions this evening or tonight. I will put it off. Why? Because words are actions and they make things happen. Once they are out you cannot put them back. Something irrevocable will have been done, and I am fearful and uncertain. As a matter of fact, I am trembling, and have been all afternoon, all day.
This, then, could be our last evening as an innocent, complete, ideal family; my last night with a woman I have known for ten years, a woman I know almost everything about, and want no more of. Soon we will be like strangers. No, we can never be that. Hurting someone is an act of reluctant intimacy. We will be dangerous acquaintances with a history. That first time she put her hand on my arm — I wish I had turned away. Why didn’t I? The waste; the waste of time and feeling. She has said something similar about me. But do we mean it? I am in at least three minds about all questions.
I perch on the edge of the bath and watch my sons, aged five and three, one at each end. Their toys, plastic animals and bottles float on the surface, and they chatter to themselves and one another, neither fighting nor whingeing, for a change. They are ebullient and fierce, and people say what happy and affectionate children they are. This morning, before I set out for the day, knowing I had to settle a few things in my mind, the elder boy, insisting on another kiss before I closed the door, said, “Daddy, I love everyone.”

Tomorrow I will do something that will damage and scar them.
The younger boy has been wearing chinos, a grey shirt, blue braces and a policeman’s helmet. As I toss the clothes in the washing basket, I am disturbed by a sound outside. I hold my breath.
Already!
She is pushing her bicycle into the hall. She is removing the shopping bags from the basket.
Over the months, and particularly the last few days, wherever I am — working, talking, waiting for the bus — I have contemplated this rupture from all angles. Several times I have missed my tube stop, or have found myself in a familiar place that I haven’t recognized. I don’t always know where I am, which can be a pleasurably demanding experience. But these days I tend to feel I am squinting at things upside down.”

 

Hanif Kureishi (Bromley, 5 december 1954)

 

De Engelse dichteres en schrijfster Christina Georgina Rossetti werd geboren in Londen op 5 december 1830. Zie ook alle tags voor Christina Rossetti op dit blog.

 

Lied

Wanneer ik dood ben, liefste,
zing dan geen droevig lied;
en plant geen rozen bij mijn hoofd,
en geen vergeetmeniet:
door druppels dauw en regen
is het gras groen en zacht;
en als je wilt, vergeet je me,
of denkt aan me, en lacht.

Ik voel dan niet de regen,
Ik ken dan niet de tijd;
Ik hoor dan niet de nachtegaal
die zingt alsof hij lijdt:
ik droom dan in het schemer
waar ik geen zonlicht weet;
misschien zal ‘k aan je denken,
misschien dat ‘k je vergeet.

 

Vertaald door H. F. H. Reuvers

 

Christina Rossetti (5 december 1830 – 27 december 1894)

 

Zie voor de schrijvers van de 5e december ook mijn blog van 5 december 2018.

Hanif Kureishi, Alois Brandstetter, Joan Didion, Christina Rossetti, Fjodor Tjoettsjev, Calvin Trillin, Afanasy Fet, Hans Helmut Kirst, Eugenie Marlitt

De Britse schrijver en regisseur Hanif Kureishi werd geboren op 5 december 1954 in Bromley, Kent. Zie ook alle tags voor Hanif Kureishi op dit blog.

Uit: The Buddha of Suburbia

“One day, when my father came home from work, he put his briefcase away behind the door and stripped to his vest and pants in the front room. He spread the pink towel with the rip in it on the floor. He got onto his knees – and he was by no means a flexible man – placed his arms beside his head, and kicked himself into the air.
‘I must practise,’ he said.
‘Practise for what, Dad?’
Now he was standing on his head on the pink towel. His stomach sagged. His balls and prick fell forward. The muscles on his arms swelled and he breathed energetically. My grandmother, who was not unkind but no physical radical, came into the room with a cup of tea. She looked at Dad and looked at me.
‘Practise, practise, practise,’ Dad said.
Grandma raised her grey head and called out immediately. ‘Margaret, Margaret, he’s doing it again!’
‘Leave it, grandma,’ I said. ‘Please.’
What are you, a policeman?’ she said. She called out once more. ‘Margaret! Just when we’re having our tea!’
Soon my mother hurried into the room to see the spectacle. She wore an apron and wiped her hands again and again on a tea towel.
‘Oh God, Haroon,’ she said to my father. ‘Oh God, oh God, oh God. All the front of you’s sticking out like that so everyone can see!’
She looked at me violently.
‘You encourage him to be like this!’
‘No I don’t.’
‘Why don’t you stop him then?’
She sat down and held her head. ‘Why can’t he be a normal husband?’
My grandmother blew on her tea. ‘Don’t upset yourself,’ she said. ‘That’s why he’s doing it.’
‘That’s not true,’ I said.
My mother’s voice rose. ‘Pull the curtains someone!’
‘It’s not necessary, Mum.’
‘Do it now!’
I quickly pulled the curtains on our back garden. We sat there for a while and looked at oblivious upside-down father. Neither my mother nor my grandmother smiled or said anything. When my father spoke his voice came out squashed and thin. His insides must have got pretty bent up when he did his positions.”

 

 
Hanif Kureishi (Bromley, 5 december 1954)
Hier met Salman Rushdie (links)

Lees verder “Hanif Kureishi, Alois Brandstetter, Joan Didion, Christina Rossetti, Fjodor Tjoettsjev, Calvin Trillin, Afanasy Fet, Hans Helmut Kirst, Eugenie Marlitt”