Felix Timmermans, Josef Haslinger, Barbara Frischmuth, Jean Cocteau, Michael Blake, Jacqueline Harpman, Jean Raspail, Tin Ujević, Marcel Achard

De Vlaamse schrijver Felix Timmermans werd op 5 juli 1886 geboren te Lier. Zie ook alle tags voor Felix Timmermans op dit blog.

Uit:Boerenpsalm

“Ik ben maar een arme boer en al heb ik veel miserie gehad, toch is het boerenleven het schoonste leven dat er bestaat. Ik wil nog met geenen koning verwisselen.
God, ik dank U dat Gij van mij een boer hebt gemaakt!
Ginder in die hut ben ik geboren. Wij waren met vijftien open bekken, en al kregen we soms meer kletsen dan eten, ’t was toch een jeugdige tijd en we wierden kerels lijk boomen.
Een groot huishouden is een lust.
Ik houd van een trossel kinderen. Een goede boom moet veel vruchten geven.
Aan mijn vrouw heb ik ook nooit een kindeken geweigerd. Kweeken is onze roep. Kinderen zoowel als savooien. Dan weet ge voor wat ge leeft en voor wie ge werkt. Onze Vader en ons Moeder zijn er ook niet van gestorven. Op haar tachtig jaar was ze nog recht lijk een panlat en droeg ze fluitend een zak patatten de schelf op. Onze Vader was krom gewerkt als een vraagteeken. Toen ze hem kistten zat hij of wel recht in zijn kist of staken zijn beenen in de lucht. Ze hebben hem moeten kraken, ten minste ik heb hem gekraakt. De anderen hadden schrik. De oude Mejonkvrouw van ’t kasteel, waar wij van huurden, kwam hem dikwijls vragen om hovenier bij haar te worden. Weinig werk, goede pree, en een deel in de winst van ’t fruit.
– Zwam! zei hij. Een boer moet een boer blijven, anders verstopt de gang van de wereld.
Daarom kon hij zoo duvelen en chagrijnig zijn, omdat er van ons allemaal maar één goesting had om den boerenstiel te doen.
Ik heb broers en zusters in Antwerpen en Brussel, twee zitten er in Amerika, een in ’t Fransch, een zot te Geel, dat kan in beste families voorkomen, en een is broeder bij de blootevoetpaters van Dendermonde. Dien zien we enkel als ze in zijn klooster centen noodig hebben.
Daarom zei onze Va altijd tegen mij: Onze wortel. Ik bleef. Ik kon het veld niet verlaten. Dat is zoo een genie. Het veld trekt u aan. Ge houdt ervan en ge weet niet waarom.
Want alles fijn nagegaan, Mijnheer pastoor heeft gelijk, als hij zegt dat het veld een soort van vijand is, een reus, zegt hij, die ons dag in, dag uit tegenwerkt.
Men moet er met lijf en ziel tegen ingaan. Hebt gij al nagegaan wat er moet gedaan worden om brood op uw tafel te krijgen?”

 

 
Felix Timmermans (5 juli 1886 – 24 januari 1947)
Affiche voor de film uit 1989

Lees verder “Felix Timmermans, Josef Haslinger, Barbara Frischmuth, Jean Cocteau, Michael Blake, Jacqueline Harpman, Jean Raspail, Tin Ujević, Marcel Achard”

Neil Simon, Paul de Wispelaere, Christine Lavant, Sébastien Japrisot, Walter Wippersberg, Rob van Erkelens, Robert Desnos, Nathaniel Hawthorne, Lionel Trilling

De Amerikaanse toneelschrijver Neil Simon werd op 4 juli 1927 geboren in New York. Zie ook alle tags voor Neil Simon op dit blog.

Uit: The Odd Couple

“ROY. She can do it, you know.
OSCAR. What?
ROY. Throw you in jail. For non-support of the kids.
OSCAR. Never. If she can’t call me once a week to aggravate me, she’s not happy. (Crosses to bar.)

MURRAY. It doesn’t bother you? That you can go to jail? Or that maybe your kids don’t have enough clothe or enough to eat?
OSCAR. Murray . . . Poland could live for a year on what my kids leave over for lunch! . . . Can we play cards? (Refills drink.)
ROY. But that’s the point. You shouldn’t be in this kind of trouble. It’s because you don’t know how to man-age anything. I should know, I’m your accountant.
OSCAR. (Crossing to table.) If you’re my accountant, how come I need money?
ROY. If you need money, how come you play poker?
OSCAR. Because I need money.
ROY. But you always lose.
OSCAR. That’s why I need the money! . . . Listen, I’m not complaining. You’re complaining. I get along all right. I’m living.
ROY. Alone? In eight dirty rooms?
OSCAR. If I win tonight, I’ll buy a broom.
(MURRAY and SPEED buy chips from VINNIE, and Mtm-w begins to shuffle the deck for a game of draw.)
ROY. That’s not what you need. What you need is a wife.
OSCAR. How can I afford a wife when I can’t afford a broom?
ROY. Then don’t play poker.
OSCAR. (Puts down drink, rushes to ROY and they struggle over the bag of potato chips, which rips showering EVERYONE, who ALt. begin to yell at one another.) Then don’t come to my house and eat my potato chips?
MURRAY. What are you yelling about? We’re playing a friendly game.”

 

 
Neil Simon (New York, 4 juli 1927)
Jack Lemmon en Walter Matthau in de gelijknamige film uit 1968

Lees verder “Neil Simon, Paul de Wispelaere, Christine Lavant, Sébastien Japrisot, Walter Wippersberg, Rob van Erkelens, Robert Desnos, Nathaniel Hawthorne, Lionel Trilling”

Ricardo Domeneck

De Braziliaanse dichter, beeldend kunstenaar en criticus Ricardo Domeneck werd geboren op 4 juli 1977 in São Paulo. Domeneck heeft tot nu toe vier dichtbundels en twee chapbooks uitgegeven. Zijn eerste bundel met gedichten, getiteld “Carta aos anfíbios” (“Brief aan amfibieën”), verscheen in 2005 in Rio de Janeiro, uitgegeven door een kleine uitgeverij. Zijn tweede bunde “a cadela sem Logos” (“de teef zonder Logos”), volgde in 2007, dit keer bij een grote Braziliaanse uitgever, Cosac Naify, die in 2009 ook zijn derde bundel “Sons: Arranjo: Garganta” (“Sounds: Compositie: Keel”) uitgaf. Zijn laatste bundel heet “Cigarros na cama” (Sigaretten in bed), gepubliceerd in 2011. Zijn gedichten zijn opgenomen in bloemlezingen van hedendaagse Braziliaanse poëzie en hij heeft ook gepubliceerd in poëzietijdschriften als Green Integer Review. Zijn teksten zijn vertaald in het Spaans, Catalaans, Frans, Duits, Sloveens en Arabisch. Ricardo Domeneck is een van de redacteuren van de online magazines Hilda en Modo de Usar & Co. en heeft video-interviews gemaakt voor andere online magazines met artiesten en muzikanten zoals Bat for Lashes, Ellen Allien, Heinz Peter Knes en Walter Pfeiffer. Momenteel woont en werkt Ricardo Domeneck in Berlijn.

 

In which the poet celebrates his twenty-five-year-old lover
for Jannis Birsner

Wars
have outlasted your
years.
Congratulations on your success
today
in exceeding the life
expectancy
of a giraffe or bat,
cow,
boa constrictor,
or owl.
Around the world, penguins
and pigs,
conceived at the same time as you, are dying.
Saturn
has not circled the sun even
once
since you were a fertilized egg.
Stalker
who guides me along the thousand trails
to the Zone,
another winter begins to crawl,
I bury
my face in your hairless chest.
If I could,
I’d sign a contract
with Lem
or the Strugatsky brothers,
screenwriters
for our days and future nights;
for the soundtrack,
Diamanda Galás bellows
and bleats,
caws and purrs, we fornicate.
I celebrate
the mind beneath your hair,
the penis,
attached to your body, erect.
Somewhere,
a pig, your contemporary,
reaches
the zenith of his rotund
existence,
I wonder, exhausted in sweat, if lovers,
eyelashes
at last united, count sheep
before
sleep, euphoric and pregnant.

 

Vertaald door Hilary Kaplan

 

 
Ricardo Domeneck (São Paulo, 4 juli 1977)

Franz Kafka, Christopher Kloeble, Dorota Masłowska, Joanne Harris, Gerard den Brabander, Tom Stoppard, Andreas Burnier, David Barry, William Henry Davies

 De Duitstalige schrijver Franz Kafka werd geboren op 3 juli 1883 in Praag, toen een stad gelegen in de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije. Zie ook alle tags voor Franz Kafka op dit blog.

Uit:Tagebücher 1910 – 1923

Sonntag, den 19. Juli 1910
(…)

„Meine Unvollkommenheit ist, wie ich sagte, nicht angeboren, nicht verdient, trotzdem ertrage ich sie besser, als andere unter großer Arbeit der Einbildung mit ausgesuchten Hilfsmitteln viel kleineres Unglück ertragen, eine abscheuliche Ehefrau zum Beispiel, ärmliche Verhältnisse, elende Berufe, und bin dabei keineswegs schwarz vor Verzweiflung im Gesicht, sondern weiß und rot.
Ich wäre es nicht, wenn meine Erziehung so weit in mich gedrungen wäre, wie sie wollte. Vielleicht war meine Jugend zu kurz dazu, dann lobe ich ihre Kürze noch jetzt in meinen Vierzigerjahren aus voller Brust. Nur dadurch war es möglich, daß mir noch Kräfte bleiben, um mir der Verluste meiner Jugend bewußt zu werden, weiter, um diese Verluste zu verschmerzen, weiter, um Vorwürfe gegen die Vergangenheit nach allen Seiten zu erheben und endlich ein Rest von Kraft für mich selbst. Aber alle diese Kräfte sind wieder nur ein Rest jener, die ich als Kind besaß und die mich mehr als andere den Verderben der Jugend ausgesetzt haben, ja ein guter Rennwagen wird vor allen von Staub und Wind verfolgt und überholt, und seine Räder fliegen über die Hindernisse, daß man fast an Liebe glauben sollte.
Was ich jetzt noch bin, wird mir am deutlichsten in der Kraft, mit der die Vorwürfe aus mir herauswollen. Es gab Zeiten, wo ich in mir nichts anderes als vor Wut getriebene Vorwürfe hatte, daß ich bei körperlichem Wohlbefinden mich auf der Gasse an fremden Leuten festhielt, weil sich die Vorwürfe in mir von einer Seite auf die andere warfen, wie Wasser in einem Becken, das man rasch trägt.
Jene Zeiten sind vorüber. Die Vorwürfe liegen in mir herum wie fremde Werkzeuge, die zu fassen zu zu heben ich kaum den Mut mehr habe. Dabei scheint die Verderbnis meiner alten Erziehung mehr und mehr in mir von neuem zu wirken, die Sucht, sich zu erinnern, vielleicht eine allgemeine Eigenschaft der Junggesellen meines Alters, öffnet wieder mein Herz jenen Menschen, welche meine Vorwürfe schlagen sollten, und ein Ereignis wie das gestrige, früher so häufig wie das Essen, ist jetzt so selten, daß ich es notiere.“

 

 
Franz Kafka (3 juli 1883 – 3 juni 1924)
In 1923/24

Lees verder “Franz Kafka, Christopher Kloeble, Dorota Masłowska, Joanne Harris, Gerard den Brabander, Tom Stoppard, Andreas Burnier, David Barry, William Henry Davies”

Frans Budé, Hermann Hesse, Wisława Szymborska, Erik Vlaminck, Pierre H. Dubois, Axel Brauns, Friedrich Klopstock

 

Bij de start van de Tour de France

 


Miguel Indurain

 

Nabij de Apostelhoeve

Hoe hier beneden in 1992 de Tour de France passeerde.
De straffe wind van het peloton deed de druiven even
wankelen, blozen, duizelen, daarna dansen aan hun stokken.

Auxerrois, Riesling en Thurgau namen het op tegen
het geweld van Indurain, Delion en Lino. Zag je zonder
één amientje Breukink demarreren? De wijnhoeve
en de roes van zomerlicht, alles paste volmaakt ineen:

het voorbijtrekken van de jakkerende renners, bezweet
maar in droomversnelling, de steeds hoger klimmende
wolken boven zachtgele muren van mergel, het springerige
riviertje dat zich ongekend snel voortspoedde, de alles

overspoelende vreugde wat later bij de eindstreep.
Ontkurk alvast een Cuvé XII Brut en les je nieuwsgierigheid.

 

 
Frans Budé (Maastricht, 28 december 1945)
De Apostelhoeve nabij Maastricht.

Lees verder “Frans Budé, Hermann Hesse, Wisława Szymborska, Erik Vlaminck, Pierre H. Dubois, Axel Brauns, Friedrich Klopstock”

Johannes Immerzeel, Alekos Panagoulis, Ota Pavel, C. C. Bergius, Arend Fokke Simonsz

De Nederlandse dichter en schrijver Johannes Immerzeel werd geboren in Dordrecht op 2 juli 1776. Zie ook alle tags voor Johannes Immerzeel op dit blog.

 

Het ouderlijk huis (Fragment)

De kommer mogt aan ’t moederhart,
De zorg in ’s vaders boezem knagen,
De boogaard weigren vrucht te dragen,
Het veldgewas zijn neêrgeslagen,
Een toekomst naadren, bang en zwart;
Het kind bleef spelen, dartlen, lagchen,
En, opgeruimd, om kusjes pragchen.

En kusjes, ja! die vond het steeds,
Al kwam uit moeders oogenleden
Een pijnlijk traantje neêrgegleden,
Als tolk van hare teederheden
En tevens van ’t besef des leeds:
Maar leekten dropjes op zijn wangen,
’t Bleef, spelend, die in ’t mondje vangen.

Geen toekomst voor ’t gelukkig kind!
Het heden ketent al zijn zinnen:
’t Ziet door zijne oudren zich beminnen,
En ’t vindt de onstoorbre rust van binnen,
Zoo lang het liefde en speelgoed vindt;
En moog men ’t voedsel karig deelen,
’t Vergeet de derving onder ’t spelen.

En mogt men ’t, in een’ hooger’ stand,
Het schitterendst verblijf bereiên,
In d’ overvloed zou ’t blijven schreijen
Om de arme schuur en schrale weiên,
Waar ’t huppelde aan de moederhand,
Zijn’ hoepel rolde en bellen blaasde,
Of, in zijn smart, op kusjes aasde.

 

Johannes Immerzeel (2 juli 1776 – 9 juni 1841)
Portret door Nicolaas Pieneman, 1830

Lees verder “Johannes Immerzeel, Alekos Panagoulis, Ota Pavel, C. C. Bergius, Arend Fokke Simonsz”

Remco Ekkers, F. Starik, Wim T. Schippers, J. J. Voskuil, Carry Slee, Denis Johnson

De Nederlandse dichter en schrijver Remco Ekkers werd geboren op 1 juli 1941 in Bergen. Zie ook alle tags voor Remco Ekkers op dit blog.

 

Het juiste moment

Als een massa zwaar lijkt, zegt Verlinde
komt dat doordat het universum zich verzet
tegen het optillen ervan. Toch wordt de tafel
opgetild, meer leeg dan vol en komt weer
op zijn pootjes terecht, licht wankelend.

Wat is het probleem als iets altijd heeft bestaan?
Drijven de sterren als schuim op de golven
van een donkere zee? Zijn wij gekomen
juist op het moment dat wij vluchtende
sterrenstelsels nog kunnen zien?

 

Onze wereld

Waarheid is een vermoeden
een besluit met rode ogen
welke tegendruk niet uitsluit
maar atomen samenperst tot
bleke kernen die passen in een
gedeelde levensvorm

wij zijn twee knikkers
wij kunnen niet dichter bij elkaar
dan tegen elkaar aan,
de grondstof voor een botsende fysica
van aantrekkingskracht tot afstoting
waarbinnen een waarheid
wordt samengesteld

krijgen dwazen een plaats
kunnen windmolens in reuzen veranderen

ik sta hier, als deze,
onze wereld niet is waar is ze dan wel?

 

 
Remco Ekkers (Bergen, 1 juli 1941)

Lees verder “Remco Ekkers, F. Starik, Wim T. Schippers, J. J. Voskuil, Carry Slee, Denis Johnson”

Hans Bender, George Sand, Juan Carlos Onetti, Georg Christoph Lichtenberg, Phil Bosmans, Heinrich Wiesner

De Duitse dichter, schrijver en uitgever Hans Bender werd geboren op 1 juli 1919 in Mühlhausen (Kraichgau). Zie ook alle tags voor Hans Bender op dit blog.

 

Vierzeiler

Vertraute Wörter, Rhythmen, Reime,
vier Zeilen, leicht zu verstehn.
Schön, meine Freundinnen und Freunde
bei der Lektüre lächeln zu sehn.

 

Im Louvre

An vielen Bildern geht er vorüber –
doch eben bleibt er stehen,
Fragonards Die Badenden
lang und lüstern anzusehen.

 

Wie es kommen wird

Bei mir behalten?
Oder weitersagen?
Du wirst alt sein
Und wie Hiob klagen.

 

 
Hans Bender (1 juli 1919 – 28 mei 2015)
Portret door  Eva Zippel, 2000

Lees verder “Hans Bender, George Sand, Juan Carlos Onetti, Georg Christoph Lichtenberg, Phil Bosmans, Heinrich Wiesner”

Alun Lewis

De Engelse (Welshe) dichter Alun Lewis werd geboren op 1 juli 1915 in Cwmaman, in de buurt van Aberdare in Cynon Valley, Zuid-Wales. Zijn vader en moeder werkten allebei in het onderwijs en hij had een jongere zus, Mair en twee broers. Tegen de tijd dat hij een beurs won voor de Cowbridge Grammar School, was hij al geïnteresseerd in schrijven. Hij ging verder studeren aan de Aberystwyth University en de University of Manchester. Hoewel hij in Zuid-Wales werd geboren, schreef hij alleen in het Engels. Lewis was niet succesvol als journalist en verdiende in plaats daarvan zijn brood als vervangend leraar. Hij ontmoette de dichter Lynette Roberts (wiens gedicht “Llanybri” een uitnodiging voor hem vormde om haar thuis te bezoeken), maar ze was getrouwd met een andere dichter, Keidrych Rhys. In 1939 ontmoette Lewis Gweno Ellis, een lerares, met wie hij op 5 juli 1941 trouwde. Na het uitbreken van WO II trad Lewis eerst toe tot de Royal Engineers van het Britse leger, omdat hij een pacifist was die de nederlaag van het fascisme wilde helpen bevorderen en vocht desondanks later in een infanteriebataljon. In 1941 werkte hij samen met de kunstenaars John Petts en Brenda Chamberlain aan de “Caseg broadsheets”. Zijn eerste gepubliceerde boek was de poëziebundel “Raider’s Dawn and other poems” (1942) , gevolgd door een bundel korte verhalen “The Last Inspection” (1942). In 1942 werd hij met de South Wales Borderers.naar Indiagezonden. Lewis stierf op 5 maart 1944 in Birma, waar gestreden werd tegen de Japanners. Hij werd in zijn hoofd geschoten, na het scheren en wassen, bij de latrines van de officieren, met zijn revolver in zijn hand, en stierf zes uur later aan de wond. Ondanks dat het een geval van zelfmoord was, concludeerde het leger na een onderzoek dat hij was gestruikeld en dat het een ongeluk was. Lewis’ tweede gedichtenbundel “Ha!Ha! among the trumpets. Poems in transit” werd gepubliceerd in 1945, en zijn “Letters from India” in 1946.

 

All day it has rained

All day it has rained, and we on the edge of the moors
Have sprawled in our bell-tents, moody and dull as boors,
Groundsheets and blankets spread on the muddy ground
And from the first grey wakening we have found

No refuge from the skirmishing fine rain
And the wind that made the canvas heave and flap
And the taut wet guy-ropes ravel out and snap,
All day the rain has glided, wave and mist and dream,
Drenching the gorse and heather, a gossamer stream
Too light to stir the acorns that suddenly
Snatched from their cups by the wild south-westerly
Pattered against the tent and our upturned dreaming faces.
And we stretched out, unbuttoning our braces,
Smoking a Woodbine, darning dirty socks,
Reading the Sunday papers – I saw a fox
And mentioned it in the note I scribbled home;

And we talked of girls and dropping bombs on Rome,
And thought of the quiet dead and the loud celebrities
Exhorting us to slaughter, and the herded refugees;
-Yet thought softly, morosely of them, and as indifferently
As of ourselves or those whom we
For years have loved, and will again
Tomorrow maybe love; but now it is the rain
Possesses us entirely, the twilight and the rain.

And I can remember nothing dearer or more to my heart
Than the children I watched in the woods on Saturday
Shaking down burning chestnuts for the schoolyard’s merry play
Or the shaggy patient dog who followed me
By Sheet and Steep and up the wooded scree
To the Shoulder o’ Mutton where Edward Thomas brooded long
On death and beauty – till a bullet stopped his song.

 

 
Alun Lewis (1 juli 1915 – 5 maart 1944)

Czeslaw Milosz, Juli Zeh, Yaseen Anwer, José Emilio Pacheco, Assia Djebar, Jacqueline Zirkzee, Hendrik Jan Schimmel, Georges Duhamel, Thomas Lovell Beddoes

De Poolse dichter, schrijver en Nobelprijswinnaar Czesław Miłosz werd geboren in Šeteniai op 30 juni 1911. Zie ook alle tags voor Czeslaw Milosz op dit blog.

 

Campo dei Fiori

Op Campo dei Fiori in Rome
manden met olijven, citroenen,
stenen die bespat zijn met wijn,
en met restjes van bloemen.
Door kooplui op tafels gestort
het roze fruit van de zee,
donkere trossen van druiven
vallend op het perzikdons.
Hier, juist op dit plein, werd ooit
Giordano Bruno verbrand.
De beul stak de brandstapel aan,
door het nieuwsgierige plebs omringd.
Maar de vlam was amper gedoofd,
of de taveernen zaten al vol.
Op de hoofden van de kooplui
manden met olijven, citroenen.
Ik dacht aan Campo dei Fiori
bij de zweefmolen in Warszawa,
op een zachte voorjaarsavond,
terwijl vrolijke muziek weerklonk.
De melodie overstemde
de salvo’s in het getto vlakbij,
en in de zachte voorjaarslucht
stegen de paren steeds hoger.
Uit brandende huizen joeg
de wind zwarte vliegers naar ons
en zij die zweefden en draaiden
vingen de flarden op in de lucht.
Die wind van brandende huizen
woei de meisjesjurken omhoog.
En de mensen lachten erom,
die mooie zondag in Warszawa.
Voor de een kan de moraal zijn
dat het volk van Warszawa en Rome
slechts handelt en vrijt, zich vermaakt,
en brandstapels, martelaars mijdt.
Een ander concludeert wellicht
dat al wat menselijk is vergaat,
en de vergetelheid begint
nog voor de vlammen zijn gedoofd.
Ik moest toen echter denken
aan de eenzaamheid van stervenden,
aan Giordano die de treden
van het schavot beklom
en in de taal van de mensen
geen woorden kon vinden, niet één,
om afscheid te nemen van hen,
afscheid van die mensheid die bleef.
Zij zaten weer aan de wijn
en verkochten hun zeesterren,
droegen in het vrolijk rumoer
manden met olijven, citroenen.
En hij was al heel ver van hen,
er leken eeuwen verstreken,
al hadden ze maar even gewacht
terwijl hij wegvloog in vlammen.
Ook deze eenzaam stervenden,
door de wereld al vergeten,
begrijpen onze taal niet meer,
als stamt ze van een oude ster.
— Tot alles een legende is
en op een nieuwe Campo dei Fiori
na jaren een dichters woord
het oproer laat ontbranden.

 

Vertaald door Gerard Rasch

 

 
Czeslaw Milosz (30 juni 1911 – 14 augustus 2004)

Lees verder “Czeslaw Milosz, Juli Zeh, Yaseen Anwer, José Emilio Pacheco, Assia Djebar, Jacqueline Zirkzee, Hendrik Jan Schimmel, Georges Duhamel, Thomas Lovell Beddoes”