Stephen Fry, Charles Wright

De Engelse komiek, schrijver, acteur en presentator Stephen John Fry werd geboren in Londen op 24 augustus 1957. Zie ook alle tags voor Stephen Fry op dit blog.

Uit: More Fool Me

“So I now must consider how to present to you this third edition of my life. It must be confessed that this book is an act as vain and narcissistic as can be imagined: the third volume of my life story?
There are plenty of wholly serviceable single¬-volume lives of Napoleon, Socrates, Jesus Christ, Churchill and even Katie Price. So by what panty¬-dribbling right do I present a weary public with yet another stream of anecdote, autobiography and confessional?
The first I wrote was a memoir of childhood, the second a chronicle of university and the lucky concatenation of circumstances that led to my being able to pursue a career in performing, writing and broadcasting. Between the end of that second book and this very minute, the minute now that I am using to type this sentence, lies over a quarter of a century of my milling about on television, in films, on radio, writing here and there, getting myself into trouble one way or another, becoming a representative of madness, Twitter, homosexuality, atheism, annoying ubiquity and whatever other kinds of activity you might choose to associate with me.

I am making the assumption that in picking up this book you know more or less who I am. I am keenly aware – how could I not be? – that if one is in the public eye then people will have some sort of view. There are those who thoroughly loathe me. Even though I don’t read newspapers or receive violent abuse in the street, I know well enough that there are many members of the British public, and I daresay the publics of other countries, who think me smug, attention¬-seeking, false, complacent, self-regarding, pseudo-¬intellectual and unbearably irritating: diabolical. I can quite see why they would. There are others who embarrass me charmingly by their wild enthusiasm; they shower me with praise and attribute qualities to me that seem almost to verge on the divine.
I don’t want this book to be riddled with too much self¬-consciousness. There is a lot to say about the end of the 1980s and early 1990s, and you may find the way I go about it to be meandering. I hope a chronology of sorts will emerge as I bounce from theme to theme. There will inevitably be anecdotes of one kind or another, but it is not my business to tell you about the private lives of others, only of my own. I consider myself incompetent when it comes to the business of living life.
Maybe that is why I am committing the inexcusable hubris of offering the world a third written autobiography. Maybe here is where I will find my life, in this thicket of words, in a way that I never seem to be able to do outside the bubble I am in now as I write. Me, a keyboard, a mouse, a screen and nothing else. Just loo breaks, black coffees and an occasional glance at my Twitter and email accounts. I can do this for hours all on my own. So on my own that if I have to use the phone my voice is often hoarse and croaky because days will have passed without me speaking to a single soul.
So where do we go from here?
Let’s find out.”

 

Stephen Fry (Londen, 24 augustus 1957)

 

De Amerikaanse dichter Charles Wright werd geboren op 25 augustus 1935 in Pickwick Dam, Tennessee. Zie ook alle tags voor Charles Wright op dit blog.

 

Addendum

Onder de steen ademt de hagedis,
Zijn tong 3 semafoor
In de knipperende duisternis;

Diep in de ribben van de eikenhouten kooi
Verschijnt de uil als een nieuwe maan;

Balancerend op het dak van de rivierbedding
Komt de vis, die denkt op te stijgen, in verzet,
Bang dat deze slok eindeloos zal zijn…

——————

Noch het flikkeren van de steen,
Noch het oog van de uil,
Noch de regenboog langs de visflank
Zal de weg wijzen.

Maar daar, waar het vuur rijpt
(Waar het vuur rijpt als een bron),

Zal het pad opengaan, de Engel wenkt,
En wij zullen volgen. Want licht is alles.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Charles Wright (Pickwick Dam, 25 augustus 1935)

 

Zie voor de schrijvers van de 24e augustus ook mijn blog van 24 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 24 augustus 2019 en ook mijn blog van 24 augustus 2018.

Koos Dijksterhuis, Wolfgang Hilbig

De Nederlandse schrijver, journalist en dichter Koos Dijksterhuis werd geboren op 23 augustus 1962 in Amersfoort. Zie ook alle tags voor Koos Dijksterhuis op dit blog.

 

God der Wrake

Voor oorlog maakt de Heer zich altijd vrij
Hij steunt zijn door hemzelf beloofde land
En helpt Hezbollah onderwijl een hand
Die hebben immers Allah aan hun zij?

De vrede is voorlopig niet nabij
Daarvoor kiest God helaas te veel partij

 

Mijn hemel

Ik ben uw God, Ik ben de God der wrake
Ik hoop dat u Mijn tien geboden weet
En dat u ze frequent met voeten treedt
Zodat Ik fijn amok met u kan maken

Ik zend u met plezier een serie plagen
Ik maak u ziek, Ik slacht uw zonen af
En mocht u voor de tien geboden slagen
Heb Ik voor u Mijn allerergste straf

U wordt, indien u zich onthoudt van zonden
Zonder pardon de hemel ingehaald
Die plek bereikt u louter zwaar geschonden
Ik pers u door het oogje van de naald

Voorwaar, het is zoals Ik u vertel:
Mijn hemel is nog erger dan de hel

 

Lamsvlees

Het was rond zessen dat ik bij haar kwam
voor haar befaamde chili con rollade
con ossehaas, gehakt en karbonade
con spek en kip en worst; ik vrat me lam

Het viel me zwaar, al smaakte het niet vies
want wat is chili sin lamlendespies?

 

Koos Dijksterhuis (Amersfoort, 23 augustus 1962)

 

De Duitse dichter en schrijver Wolfgang Hilbig werd geboren in Meuselwitz op 31 augustus 1941. Zie ook alle tags voor Wolfgang Hilbich op dit blog.

 

Aqua alba

Ach de hele tuin overspoeld door de maan –
en scholen vissen langs de weg
licht als veren als trillende lichtmessen.
Ze kennen de weg, ze kennen de troost
van saamhorigheid.
En de witte hortensia’s bloeien de hele nacht –
zelfs wanneer de maan zijn afgrond afdaalt
ze blijven schijnen: wit en groen als fosfor
en watergeesten
wanneer de vissen door het hek ontsnappen
hebben eindelijk een thuis hier in deze bloei.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Wolfgang Hilbig (31 augustus 1941 – 2 juni 2007)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 23e augustus ook mijn blog van 23 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 23 augustus 2018 en ook mijn blog van 23 augustus 2016 en ook mijn blog van 23 augustus 2015 deel 2.

Griet Op de Beeck, Wolfgang Hilbig

De Vlaamse schrijfster en columniste Griet Op de Beeck werd geboren in Turnhout op 22 augustus 1973. Zie ook alle tags voor Griet Op de Beeck op dit blog.

Uit: Gezien de feiten

“Het inzicht was vers, het dampte nog. Olivia trok haar zwarte jurk recht en keek naar haar dochter. De ogen gezwollen, de neus rood rond de vleugels van al dat gewrijf met papieren zakdoekjes, een likje gemist snot glanzend bij haar bovenlip, Roos had het moeilijk, Olivia wou dat ze iets kon doen. Roos greep haar arm, haakte in en troonde haar mee door het gangpad. De kist verdween
de lijkwagen in, en zij bleven achter in de tochtige hal van de kerk.
Het was Roos die vond dat mensen ná de dienst de kans moesten krijgen om te condoleren. Olivia had het liever vooraf zien gebeuren, maar ze wilde er ook geen punt van maken. Ze liet zich gewillig omhelzen door nichten die ze in geen jaren had gezien, schudde handen met mensen van wie ze de naam niet kende, tolereerde tranen van wandelclubleden van wie ze wist dat ze Ludo niet konden uitstaan en luisterde minzaam naar adviezen van zestigplussers die beweerden te weten wat het was. Zelfs Carmen, die haar met een door prozac geïnspireerde glimlach wist te melden dat een fijne serviceflat in een rusthuis nemen de ideale manier was om niet alleen te hoeven zijn, stond ze manhaftig te woord. Het hoorde er nu eenmaal bij. En Roos had het zo moeilijk.
‘Ik weet echt niet hoe ik verder moet,’ zei ze, ‘zo zonder papa.’
Olivia kneep haar ogen dicht, knikte instemmend en legde een hand op haar dochters rug.
Roos had de locatie gekozen voor de koffietafel. Vier lange rijen tegen elkaar geschoven tafels op rode stenen vloeren, en dan de hunne dwars aan het hoofd, in zwierige bochten gedrapeerde gordijnen, een vals plafond met een tegelpatroon en aan de muren toepasselijk neutrale aquarellen van vergezichten. En in dat kader aten honderdzevenendertig genodigden zoals het in de brochure stond: een broodassortiment wit en bruin, met pistolets en sandwiches met boter, vier stuks per persoon, en divers beleg: kaas, gerookte en gekookte ham, kippenwit, fricandon, gehakt. Er was koffie en thee naar believen en de zaal en de bediening waren inbegrepen. En dat voor zeventienenhalve euro per persoon, plus de vier euro extra voor taartjes: confituur, frangipane en rijst. Roos vond dat geen geld, voor het afscheid van haar vader. Voor Olivia was het een pittige rekening, maar zij ging niet lastig doen.”

 

Griet Op de Beeck (Turnhout, 22 augustus 1973)

 

De Duitse dichter en schrijver Wolfgang Hilbig werd geboren in Meuselwitz op 31 augustus 1941. Zie ook alle tags voor Wolfgang Hilbig op dit blog.

 

Berlijn. Ondermaans

De tijd is teruggekeerd naar Berlijn
en de oplichters paraderen in de Oranienburger Strasse
en wijzen naar de lucht om middernacht: de tijd
is terug uit ballingschap.

De hele stad in de boeien van zilvergrijze magie
de volle maan rolt: en wij de marionetten van zijn licht —
Onwerkelijkheden die ons briljant informeren.
Wij en de doden
……..slenteren over schaduwlgreppels
we verlenen elkaar nog een laatste keer onsterfelijkheid.
O dit fel gloeiende stof tussen de investeringsruïnes
en wat voor april zo kort voor het derde millennium!
We willen niet meer blijven tellen

het groene water in de oude gebouwen brandt langzaam op.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Wolfgang Hilbig (31 augustus 1941 – 2 juni 2007)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 22e augustus ook mijn blog van 22 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 22 augustus 2019 en ook mijn blog van 22 augustus 2016 en ook mijn blog van 22 augustus 2015 deel 1 en ook deel 2.

X.J. Kennedy, Charles Reznikoff

De Amerikaanse dichter, schrijver, vertaler en bloemlezer X.J. Kennedy werd geboren in Dover, New Jersey op 21 augustus 1929. Zie ook alle tags voor X. J. Kennedy op dit blog.

 

Japanese Beetles

1 The Minotaur’s Advice

Unravel hope, but be not by it led
Or, back outside, you’ll still hang by a thread.

2 Teutonic Scholar

Twelve hefty tomes his learning demonstrate.
Now earth squats on him like a paperweight.

3 Translator

They say he knows, who renders Old High Dutch,
His own tongue only, and of it not much.

4 To a Now-type Poet

Your stoned head’s least whim jotted down white hot?
Enough confusion of my own, I’ve got.

5 Advice to an Anthologist

Extoll those bards whose very names are lost.
Like not too well the living. That kind cost.

6

Time is that dentist fond of sweet desserts
Who, drill in hand, says, Stop me if this hurts.

7

Here lies a girl whose beauty mad Time stay.
Shovel earth in. We haven’t got all day.

8 Parody: Herrick

When Vestalina’s thin white hand cuts cheese,
The very mice go down upon their knees.

 

X.J. Kennedy (Dover, 21 augustus 1929)

 

De Amerikaanse dichter Charles Reznikoff werd op 30 augustus 1894 in New York geboren. Zie ook alle tags voor Charles Reznikoff op dit blog.

 

Winterschetsen

l
Nu dat zwarte grond en struiken-
scheuten, bomen,
elk twijgje en takje- plotseling wit van sneeuw zijn,
en de aarde lichter wordt dan de lucht,

spreidt die warrige struik
van zenuwen, aders,
slagaders-mezelf-
zijn omgekrulde bladeren uit
naar de stralende lucht.

Op deze beboste heuvel,
bevlekt met sneeuw, hoor ik
alleen de smeltende sneeuw
van de twijgen vallen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Charles Reznikoff (30 augustus 1894 – 22 januari 1976)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 21e augustus ook mijn blog van 21 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 21 augustus 2019 en ook mijn blog van 21 augustus 2016 en ook mijn blog van 21 augustus 2016 deel 2.

Anneke Brassinga, Li-Young Lee

De Nederlandse dichteres, schrijfster en vertaalster Anneke Brassinga werd geboren in Schaarsbergen op 20 augustus 1948. Zie ook alle tags voor Anneke Brassinga op dit blog.

 

Jardin des Plantes

Grootheden van zeer klein kaliber: flits
van de kantjil als de wind zo gejaagd.
De zwarte panter gaapt zijn kort bestek
van messen bloot, alsof natuurlijke dood
niet allang was bedacht.

Ik sta als Orpheus voor de nacht,
een schim, kantjil in een panterpupil.

 

Een zee ach zonder water

Een zee ach zonder water
waaraan ik me ontwring
als aan een natte rok…
is dat al
een te zwaar bestaan?
Niets is zo waar.
Wie draagt me daar
die vreselijke vrijheid in?
Wat moet ik in dat naakte
licht, onzienlijk?
Liever blijf ik
tierend ten ondergaan.

 

Kom

Stenen hebben een hart van brand.
De tweede regel is verdampt
in wind zo hard dat ik in elke hand
een steen moet dragen
staand op de kraterrand.
De eerste regel ging verloren
in mist boven de weg, rook-
slinger door het land.
Vuurslag, geweld van vallen.

Ontelbaar maal toeval, gestapeld
wegwijzer naar meer, verder, altijd
dezelfde afval van stenen en verzen.
Wie de weg volgt, over puin klimt
groeit met de berg bij elke stap.
Wie afdaalt van de kraterrand
zeult met gemis aan binnenkant.
Kom waar wind stil ligt:
ik laat mijn stenen waaien.

 

Anneke Brassinga (Schaarsbergen, 20 augustus 1948) 

 

De Amerikaanse dichter Li-Young Lee werd geboren op 19 augustus 1957 in Jakarta, Indonesië. Zie ook alle tags voor Li-Young Lee op dit blog.

 

Kussen

Er is niets dat ik daaronder niet kan vinden.
Stemmen in de bomen, de ontbrekende pagina’s
van de zee.

Alles behalve slaap.

En de nacht is een rivier als brug over
de sprekende en luisterende banken,

een fort, onverdedigd en ongeschonden.

Er is niets dat er niet onder past:
fonteinen verstopt met modder en bladeren,
de huizen van mijn jeugd.

En de nacht begint als de vingers van mijn moeder
de draad loslaten
die ze hebben vastgemaakt en losgemaakt
om de zoom van ons rafelige verhaal aan te raken.

De nacht is de schaduw van mijn vaders handen
die de wekker zet voor het weer opstaan.

Of is de wekker ontrafeld, zijn de cijfers gevlucht?

Er is niets dat daar niet zijn thuis heeft gevonden:
afgedankte vleugels, verloren schoenen, een gebroken alfabet.
Alles behalve slaap. En de nacht begint

bij de eerste onthoofding
van de jasmijn, zijn verleidelijke geur
eindelijk verlost van begrafeniskleren.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Li-Young Lee (Jakarta, 19 augustus 1957)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 20e augustus ook mijn blog van 20 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 20 augustus 2019 en ook mijn blog van 20 augustus 2017 deel 1 en ook deel 2 en eveneens deel 3.

 Jonathan Coe, Li-Young Lee

De Engelse schrijver Jonathan Coe werd geboren op 19 augustus 1961 in Birmingham. Zie ook alle tags voor Jonathan Coe op dit blog.

Uit: Middle England

“Prevents accidents, I suppose,” said Benjamin. His father grunted sceptically. Benjamin turned on the radio, tuned as usual to Radio Three. He was in luck: the slow movement of Faure’s Piano Trio. The melancholy, unassuming contours of the melody not only seemed a fitting accompaniment to the memories of his mother that were filling his mind today (and, presumably, Colin’s), but also seemed to mirror, in sound, the gentle curves of the road, and even the muted greens of the landscape through which it carried them. The fact that the music was recognizably French made no difference: there was a commonality here, a shared spirit. Benjamin felt utterly at home in this music. “Turn that racket off, can’t you?” Colin said. “Can’t we listen to the news?” Benjamin let the last thirty or forty seconds of the movement play out, then switched to Radio Four. It was the PM programme and immediately they were plunged into a familiar world of gladiatorial combat between interviewer and politician. In one week’s time there would be a general election. Colin would vote Conservative, as he had done in every British election since 1950, and Benjamin, as usual, was undecided, except in the sense that he had decided not to vote. Nothing they were likely to hear on the radio in the next seven days would make any difference. Today’s big story seemed to be that the prime minister, Gordon Brown, fighting for re-election, had been caught on microphone describing a potential supporter as “a sort of bigoted woman,” and the media were making the most of it. “The prime minister has shown his true colours,” a Conservative MP was saying, gleefully. “Anyone who expresses these legitimate concerns is simply a bigot, in his view. And that’s why we can never have a serious debate about immigration in this country.” “But isn’t it true that Mr. Cameron, your own leader, is every bit as reluctant—” Benjamin turned the radio off without explanation. For a while they drove in silence. “She couldn’t stand politicians,” Colin said, bringing some subterranean train of thought to the surface, and not needing to specify who he meant by “she.” He spoke in a low voice, thick with regret and repressed emotion. “Thought they were all as bad as each other. All on the fiddle, every one of them. Fiddling their expenses, not declaring their interests, holding down half a dozen jobs on the side…” Benjamin nodded, while remembering that in fact it was Colin himself, not his late wife, who was obsessed with the venality of politicians. It was one of the few subjects on which this habitually taciturn man could become talkative, and perhaps it would be better to let this happen now, to stop him from being distressed by more painful thoughts. But Benjamin rebelled against the idea.”

 

 Jonathan Coe (Birmingham, 19 augustus 1961)

 

De Amerikaanse dichter Li-Young Lee werd geboren op 19 augustus 1957 in Jakarta, Indonesië. Zie ook alle tags voor Li-Young Lee op dit blog.

 

Alleen eten

Ik heb de laatste jonge uien van het jaar geplukt.
De tuin is nu kaal. De grond is koud,
bruin en oud. Wat is er nog over van de dagvlammen
in de esdoorns in de hoek van mijn
oog. Ik draai me om, een rode kardinaal verdwijnt.
Bij de kelderdeur was ik de uien,
drink dan uit het ijzige metalen kraantje.

Eens, jaren geleden, liep ik naast mijn vader
tussen de afgewaaide peren. Ik kan me niet herinneren
wat we zeiden. We hebben misschien in stilte gewandeld. Maar
ik zie nog steeds hoe hij naar links boog – een hand steunend
op de knie, en krakend een rotte peer op tilde en
voor mijn ogen hield. Daarin draaide een horzel
waanzinnig rond, geglazuurd in langzaam, glinsterend sap.

Het was mijn vader die ik vanmorgen
vanuit de bomen naar me zag zwaaien. Ik riep
hem bijna, totdat ik dichtbij genoeg kwam
en de schop geleund zag staan, waar ik hem had
achtergelaten, in de flikkerende, diepgroene schaduw.

De witte rijst stoomt, bijna klaar. Zoete doperwtjes
gebakken in uien. Garnalen gestoofd in sesam
olie en knoflook. En mijn eigen eenzaamheid.
Wat wil ik, een jonge man, nog meer.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Li-Young Lee (Jakarta, 19 augustus 1957)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e augustus ook mijn blog van 19 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 19 augustus 2019 en ook mijn blog van 19 augustus 2017 deel 2.

Marc Degens, Ted Hughes

De Duitse schrijver Marc Degens werd geboren op 18 augustus 1971 in Essen. Zie ook alle tags voor Marc Degens op dit blog.

Uit: Eriwan. Aufzeichnungen aus Armenien

Weihnachten und Silvester verbrachten wir in Berlin. Ich hatte mir für Armenien eine superwarme, eierschalenfarbene Daunenjacke mit Pelzkragen gekauft, in der ich wie ein Hiphop-Sänger aussah, außerdem Spikes, die man sich unter die Schuhe schnallen konnte. Zudem genossen wir im Spreewald ein Wellness-Wochenende mit Candle-Light-Dinner in Deutschlands größer Streusiedlung – das Solebad war nur wenige Hausnummern von unserem Hotel entfernt, dennoch dauerte der Fußmarsch durch Regen und Kälte über eine halbe Stunde. Als wir Mitte Januar nach Armenien zurückkehrten, herrschten minus neunzehn Grad. Bianca, die ein paar Tage vor uns nach Eriwan zurückgekehrt war, hatte am Flughafen knapp drei Stunden auf ihre Koffer warten müssen, weil am Flugzeug die Ladeklappen des Gepäckraums zugefroren waren, bei uns ging zum Glück aber alles glatt. Rasch konnten wir unsere Koffer in Empfang nehmen und auch in unserer Wohnung war alles in bester Ordnung.
Trotz Temperaturen bis minus fünfundzwanzig Grad war der Winter bislang erträglich gewesen und weniger schlimm als befürchtet. Mit dem Gasofen im Wohnzimmer und den drei Stromradiatoren in Küche, Bad und Schlafzimmer ließ sich die Wohnung gut heizen, auch die mit Glasfaserfolie umwickelten überirdischen Wasserrohre vor der Tür trotzten der Kälte. Allerdings mussten wir dafür auch mit äußerst schlechtem Gewissen Tag und Nacht den Wasserhahn im Bad ein wenig laufen lassen.
Als zusätzlichen Kälteschutz hingen wir in der Diele einen schweren Vorhang auf, verschoben dabei die Garderobe und entdeckten im Fußboden ein faustgroßes Loch, das wir notdürftig mit einem unserer dicksten Sockenpaare stopften. Am nächsten Morgen fanden wir in der Küche ein ausgehöhltes Brot. Anscheinend hatten wir in der Wohnung eine Maus oder eine Ratte. Schon öfters hatten wir nachts in unserer Wohnung Geräusche gehört, die wie Drahtspannen klangen und erst jetzt kam uns in den Sinn, dass es sich dabei auch um Tier handeln konnte, das bei uns hauste. Gayane erzählte, dass unsere Vormieterin vor einem Jahr mit Mäusen zu kämpfen hatte und diese mit Fallen erfolgreich besiegt hatte. Der Brotraub blieb leider kein Einzelfall. Wenige Nächte später wurden die Erdnussbälle, die wir völlig überteuert auf dem Markt gekauft hatte, angeknabbert, und Tage später verschwanden die Koriander-Vorräte aus unserer Küche. Die Mäuse hier schienen echt alles zu fressen. Oder die Ratten.“

 

Marc Degens (Essen,  18 augustus 1971)

 

De Engelse dichter en schrijver Ted Hughes werd geboren op 17 augustus 1930 in Mytholmroyd, Yorkshire. Zie ook alle tags voor Ted Hughes op dit blog.

 

Fulbright-studenten

Waar was het, op de Strand? Een uitstalling
Van nieuwsberichten, op foto’s.
Om de een of andere reden viel hij me op.
Een foto van de intake van dat jaar
Van Fulbright-studenten. Net aankomend –
Of aangekomen. Of sommigen van hen.
Zat jij er tussen? Ik heb het bestudeerd.
Niet te minutieus, benieuwd
Wie van hen ik zou ontmoeten.
Ik herinner me die gedachte. Niet
Je gezicht. Ongetwijfeld heb ik vooral
De meisjes afgezocht. Misschien heb ik je opgemerkt.
Misschien heb ik je getaxeerd, me belachelijk gevoeld.
Registreerde je lange haar, losse golven –
Je Veronica Lake-pony. Niet wat die verborg.
Het zal wel blond zijn geweest. En je grijns.
Je overdreven Amerikaanse
Grijns voor de camera’s, de rechters, de vreemden, de bangmakers.
Toen vergat ik het. Toch herinner ik me
De foto: de Fulbright-studenten.
Met hun bagage? Het lijkt onwaarschijnlijk.
Zouden ze als team zijn gekomen? ik liep
Met zere voeten, onder de hete zon, over hete trottoirs.
Heb ik toen een perzik gekocht? Dat is zoals ik ‘t me herinner.
Van een kraam bij Charing Cross Station.
Het was de eerste verse perzik die ik ooit had geproefd.
Ik kon bijna niet geloven hoe lekker.
Op mijn vijfentwintigste was ik opnieuw met stomheid geslagen
Door mijn onbekendheid met de simpelste dingen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Ted Hughes (17 augustus 1930 – 28 oktober 1998)
Hier met dochtertje Frieda en zoontje Nicholasin 1966

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e augustus ook mijn blog van 18 augustus 2018 en ook mijn blog van 18 augustus 2017 en ook mijn blog van 18 augustus 2016 en ook mijn blog van 18 augustus 2013 deel 1 en ook deel 2.

Guillaume van der Graft, Mary Jo Salter

De Nederlandse dichter Guillaume van der Graft (eig. Willem Barnard) werd op 15 augustus 1920 geboren in Rotterdam. Zie ook alle tags voor Guillaume van der Graft op dit blog.

 

Regen op de rivier

Het regent sprakeloos, het groen wordt dieper,
het water neuriet als een jonge vrouw,
de vogels leven lachend mee, als liep er
een nachtwachtwoord blootsvoets door dag en dauw.

Het is mijn schuld niet, dat er booten fluiten!
Al is mijn evenwicht nu naar de maan,
vanavond loop ik steelsgewijs naar buiten;
ik zal het uit het water op zien gaan.

Ik zal de woorden in mijn handen wegen
en wikken tegen jouw bedauwde blik
totdat zij samenspannen om ’t verzwegen
consigne van zes letters: jij en ik.

 

Allemansgeest in de winter

Wanneer de wolken zoo verbeten naar
den einder jagen en het water droeve
versregels mompelt, vouwt de lage hoeve
de handen boven ’t hoofd. Om dit gebaar

lachen de vogels wel, maar die behoeven
zich niet te dekken tegen luchtgevaar.
Ben ik jaloers? Het tegendeel is waar:
de vogels kunnen naar de West oploeven

maar ik zie luisterend uit over het veld
en voel weer een gemis, gerustgesteld.
Op schilderijen zou de zon nu groen zijn.

Eigenlijk moest dit vers zijn bedacht
achter ginds raamkozijn te middernacht,
maar er wordt niet gestookt. Het zou geen doen zijn.

 

Nijmegen

Achter mij wuift mijn
haar op de heuvels
voor mij beweegt mijn
maanblauwe mond

boven mijn ogen
stijgen de vleugels
ik ben er tegen
ik ben Nijmegen
ik ben gewond

eerwaarde zusters
ja en amen
wandelen langzaam
langs mijn neus

ik heb geen keus
ja zeggen alle
klinkende namen
die mij invallen
amen is moe

blinkende ramen
vouwen zich toe

 

Guillaume van der Graft (15 augustus 1920 – 21 november 2010)

 

De Amerikaanse dichteres Mary Jo Salter werd geboren op 15 augustus 1954 in Grand Rapids, Michigan. Zie ook alle tags voor Mary Jo Salter op dit blog en ook mijn blog van 15 augustus 2010.

 

Een regenboog boven de Seine

Eerst geruisloos, een spray
van mist in het gezicht, een neus-
vrolijk van vocht dat nooit is
voorbestemd om een stortbui te worden.

Tot de doorweekte wolk
zich plotseling leegstort
in de Seine, met een luide
klap, dan een vallende ovatie

voor de ondoordringbare
zon – die blijft schijnen
op onze schoenen die zich vullen
als open boten en op de zeilen

van onze krantenhoedjes
die gaan scheuren, en die, signalerend
dat niemand er aan dacht
een paraplu mee te nemen,

in plaats daarvan een regenboog opzet.
Een regenboog boven de Seine,
perfect gewrocht als een teken-
brug gedroomd door een kind

in krijt, en volgens de wet
van dromen kan de verbinding,
eenmaal gemaakt, slechts verloren gaan;
wij, geen kind meer,

staan boven het rooster
van de metro die we niet
nemen, gedreun onder onze voeten, en
zuigen op wat we weten:

de triomf van deze arc-
en-ciel, het verbijsterende
van dit monumentale
prisma geslepen door motregen, is

dat het verdwijnt.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Mary Jo Salter (Grand Rapids, 15 augustus 1954)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e augustus ook mijn blog van 15 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 15 augustus 2019 en ook mijn blog van 15 augustus 2016 en eveneens mijn blog van 15 augustus 2015 deel 2 en ook deel 3.

Wolf Wondratschek

De Duitse dichter en schrijver Wolf Wondratschek werd geboren op 14 augustus 1943 in Rudolstadt. Zie ook alle tags voor Wolf Wondratscheck op dit blog.

 

HENRY MILLER GEHT WIEDER AUF DEN STRICH

Die Show ist restlos ausverkauft
Die toten Typen tanzen Rock’n Roll
2001 steht an der Wand in Kreide
Ein Raumschiff wird in Elvis umgetauft

Jim Morrison kommt extra angereist aus Ostberlin
Dürer bemalt den Petersplatz
Dali versteigert Mondgestein
Dann kommt der Höhepunkt
Ein Astronaut schreit auf
Jesus trifft ein

Die Show ist restlos ausverkauft
Die toten Typen tanzen Rock’n Roll
Um Mitternacht erscheint auch Marylin
In einem Reisverschluß aus reiner Seide

Jesus bewundert sie in ihrem Kleid
A. Hitler hat fünfundzwanzig Falten im Gesicht
Buddha ist weise schweigt und zeigt die Hände
Brummbär steht neben Morrison und prophezeit das Ende
Ein Boxer aus der DDR wird Weltmeister im Schwergewicht

Die Show ist restlos ausverkauft
Die toten Typen tanzen Rock’n Roll
2001 steht an der Wand in Kreide
Ein Raumschiff wird nach dir getauft

 

Liebesgedicht auf die Mädchen, die keiner liebt

Schön war keine. Und keine hatte Idealgewicht.
Und ihre Unterwäsche war nie was Besonderes. Aber

es gibt Stunden, wo es guttut, an sie zu denken
und sich zu wundern, daß es sie gibt. Immer waren
sie da, vor allem immer, wenn man sie brauchte.
Ob nackt oder nicht, nie richteten sie Schaden an.
Sie bevorzugten das reine Vergnügen in der Sekunde
seiner Entstehung. Das Bett füllte sich mit Dankbar-
keit.
Es machte Spaß, wie sie sich mit dem begnügten,
was Spaß macht. Es passierte nicht viel. Wie gern
ich das hatte. Ich habe ihnen zugehört. Wie gern
ich zuhörte. Viel verstand ich nie. Wie gut das tat.
Trotzdem verliebte sich nie einer in sie. Auch wir
beließen es dabei, uns zu lieben. Und nie verriet
auch nur die Bewegung einer Augenbraue ein Bedauern,
daß die Welt, in die wir zurückkehrten,
Unglück prophezeit.

 

Het oude sentimentele gevoel

Chuck ligt in bed
en speelt uit verveling
met zijn ballen
en zijn lul.
Er belt een of ander meisje op
dat met hem wil praten,
hij vertelt haar, wat hij net ligt te doen,
zij moet lachen,
maar ze gelooft het niet helemaal.
Chuck voelt het oude sentimentele gevoel
in zich opkomen en denkt,
we moesten naar het zuiden rijden,
hij met haar,
een lichte razernij
zoals dit hier.
Maar ze wil niet naar het zuiden,
ze wil wat praten, zomaar.
Chuck kijkt door het raam naar buiten,
speelt verder,
zo zacht als de druk op het gaspedaal
in zijn droomauto.

 

Vertaald door S. Lapinski en Martin Reints 

 

Lente in Saturnia

De oude man stapte het huis uit.
Op de banken zaten de andere oude mannen
en de doden lagen op het kerkhof.
Hij wist dat allemaal.

Een winter lang hadden de katten geslapen
en God, lui als hij was, ook.
De sneeuw sliep zelfs terwijl hij viel.
Daarnaast was,
behalve dat er een brief aankwam,
maandenlang niets gebeurd.

Zijn kleinkinderen, las hij, studeerden in Amerika,
maar kon zich er niets bij voorstellen
en ging naar de kerk.

Hij ging regelmatig naar de kerk,
het was als eten en drinken.
Toen ging hij weer naar huis
en las de brief nog eens.

Eens, toen hij hem niet meteen vond,
verdacht hij zijn vrouw ervan hem te zijn kwijtgeraakt
en riep om haar,
totdat hij het zich herinnerde,
dat ze er niet was
en dat hij de bloemen, die nog in de vaas stonden,
op haar graf wilde leggen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Wolf Wondratschek (Rudolstadt, 14 augustus 1943)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 14e augustus ook mijn blog van 14 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 14 augustus 2018 en ook mijn blog van 14 augustus 2016 deel 1 en ook deel 2.

Antoine de Kom, Taije Silverman

De Nederlandse schrijver en dichter Antoine de Kom werd geboren in Den Haag op 13 augustus 1956. Zie ook alle tags voor antoine de kom op dit blog

 

Waaigat

Nu van dit slapend paarse huis fel geel
de blinden in het stalen zonlicht baden, denk ik
mij binnen in de luwte, op geschroeide voet verblind.

Het waait. Schemerend in lege kamers staan geklonken
tussen stenen tegels kromme struiken, zwart van blad.
Het tocht langs de met zand bestoven vensterbanken,

waar door dunne zonnestralen stof van jaren drijft.
Hier achter ’t verhoute donker van gesloten luiken
waan ik het glazen water van een baai, zie ik al strand,

en als het schaarse licht de ruwe wanden pleistert,
dan open ik de blinden, sluit de ramen, – giert
door spinnewebben en gebroken ruiten hete eilandwind.

 

Blauwbaai

Warmte heeft de glazig blauwe drenkeling
doen barsten lang voor jij gezapig
langs het zonnig zeestrand jut, op zoek
naar ijs waar schuim is en dan struikel je

over een zonnebader, bruin besmeurd
met olie, half vergaan, of tast hij,
ogen dicht, rond parasol & ligstoel
tot de hand ijskoude blauwe curaçao ontmoet?

’t Is doods felle dorst die hem bevrijdde uit
de glaciale helderheid der baai, en die ’n kille
blik jou geeft, terwijl de dode op de vloedlijn

wentelt – jij gaat na ’t zien van stervens
vlijm naar plekken waar de branding sproeit,
zó walg je bij het braken van de zee te Blauwbaai.

 

Sectie o

Toekans rusten in de tamarinden
nu jij aan ’t lateriet der dagen denkt:
het rode droge stof van onverharde wegen
is niet minder dan een steevast teken,

wijzend op het vlotten van jouw langverwachte,
plotselinge dood, steenhard,
in natte diepten van een weelderig
met slingerplanten overgroeid ravijn –

jij bijt van angst je lippen stuk
en zet je schrap tegen de leuning
op een onbenoemde houten trap die krakend

naar de vochtige, blinde veranda leidt. Regen
raast en wijkt wanneer de lucht, eerst grijs,
hier opklaart, ijl en bleu in hoge leegte.

 

Antoine de Kom (Den Haag, 13 augustus 1956)

 

De Amerikaanse dichteres, vertaalster en hoogleraar Taije Silverman werd geboren in San Francisco op 13 augustus 1974. Zie ook alle tags voor Taije Silverman op dit blog.

 

De jongen met de bout

De jongen bij mijn poëzielezing wil een reliekschrijn beginnen.
Hij was misschien twaalf, zijn buik golfde om hem heen als een veiligheids-
net voor zijn lichaam, en zijn hoofd een krullende bos haar met de kleur
van saffraan. Zijn schouders hebben het blokachtige gewicht
van een keukenkastje, maar zijn stem is die van een kind,
meisjesachtig en beleefd. Zijn naam is River.

Hij vertelt me dat de bout die hij langs de oever van een rivier vond
het eerste officiële stuk van zijn reliekschrijn zal worden.
Betekenisvolle voorwerpen zijn moeilijk te vinden, zegt hij met de
komische ernst van een kind, maar ik heb deze bout. Als reddingsboei
gevormde gummen in een rij op de toonbank van de boekhandel naast presse-papiers
uit Parijs. Tijdens de V&A glimmen zijn wangen met een rijke, roze kleur

elke keer dat hij een vraag stelt: wat is uw favoriete kleur?
en gelooft u in numerologie? “River!”
roept zijn moeder als hij naar mijn diepste angst vraagt, maar hij wacht
op mijn antwoord. Ik wil vragen hoe hij weet wat een reliekschrijn
is. Ik wil weten hoe de bout eruit ziet, of hij nu veilig
in zijn zak zit en of het bordje dat ermee vastzat waarschuwde voor OVERSTEKENDE

KINDEREN of HARDE WIND. De diepste angst
van een kind is niet voor gevaar maar voor verlies, zij het een verlies dat niet kleurt
wat erna komt. Afwezigheid zonder nasleep. Hij is zo belust om te bewaren
wat hem omringt dat wie hij zal zijn zonder dat hem zo abstract als ouderdom
voor moet komen – een klein gebrek dat de simpelste reliekschrijnen
kunnen overwinnen. Ik wil het kleine, stevige gewicht van de bout voelen
in mijn hand, zijn nutteloze bedoeling vasthouden, maar mensen wachten
om mijn boek te kopen en me te vertellen hoe ze toen ze kind waren
ook hun moeders verloren, alsof we in reliekschrijnen
verdriet bewaren en niet de naar rozen geurende, kleurloze
botten van heiligen. Alsof verdriet ons als rotsen over een rivier kan dragen,
ingebed in sediment, zodat we veilig over water

kunnen lopen. Maar verdriet is het water: ik heb berichten
van antwoordapparaten bewaard en een bijna gewichtloos
stukje kurk, verschillende Post-It-briefjes en een bloemblaadje uit een rivier
van kersenbloesems op de stoep die mijn vader als kind opschepte
en voor de ogen van mijn moeder liet vliegen. Mottenkleurig,
machteloos bloemblaadje. En dan: is een boek geen reliekschrijn?

River wacht in de rij om te vragen wat hij aan zijn reliekschrijn moet toevoegen.
In plaats van mijn handtekening te zetten, noteer ik een gebruikte gum, kinderwaterverf,
en een pagina uit je dagboek met de tekst “Ik ben niets kwijt, ik ben veilig.”

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Taije Silverman (San Francisco, 13 augustus 1974)

 

Zie voor de schrijvers van de 13e augustus ook mijn blog van 13 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 13 augustus 2019 en ook mijn blog van 13 augustus 2016 en ook mijn blog van 13 augustus 2011 deel 2.