Adrienne Rich, Paul Gellings, Friedrich Rückert, Jakob van Hoddis

De Amerikaanse dichteres Adrienne Rich werd 16 mei 1929 geboren te Baltimore. Zie ook alle tags voor Adrienne Rich op dit blog.

 

 

Living In Sin

 

She had thought the studio would keep itself;

no dust upon the furniture of love.

Half heresy, to wish the taps less vocal,

the panes relieved of grime. A plate of pears,

a piano with a Persian shawl, a cat

stalking the picturesque amusing mouse

had risen at his urging.

Not that at five each separate stair would writhe

under the milkman’s tramp; that morning light

so coldly would delineate the scraps

of last night’s cheese and three sepulchral bottles;

that on the kitchen shelf amoong the saucers

a pair of beetle-eyes would fix her own–

envoy from some village in the moldings…

Meanwhile, he, with a yawn,

sounded a dozen notes upon the keyboard,

declared it out of tune, shrugged at the mirror,

rubbed at his beard, went out for cigarettes;

while she, jeered by the minor demons,

pulled back the sheets and made the bed and found

a towel to dust the table-top,

and let the coffee-pot boil over on the stove.

By evening she was back in love again,

though not so wholly but throughout the night

she woke sometimes to feel the daylight coming

like a relentless milkman up the stairs.

 

 

 

Miracle Ice Cream

 

Miracle’s truck comes down the little avenue,

Scott Joplin ragtime strewn behind it like pearls,

and, yes, you can feel happy

with one piece of your heart.

 

Take what’s still given: in a room’s rich shadow

a woman’s breasts swinging lightly as she bends.

Early now the pearl of dusk dissolves.

Late, you sit weighing the evening news,

fast-food miracles, ghostly revolutions,

the rest of your heart.

 

 

 

Rural Reflections

 

This is the grass your feet are planted on.

You paint it orange or you sing it green,

But you have never found

A way to make the grass mean what you mean.

 

A cloud can be whatever you intend:

Ostrich or leaning tower or staring eye.

But you have never found

A cloud sufficient to express the sky.

 

Get out there with your splendid expertise;

Raymond who cuts the meadow does not less.

Inhuman nature says:

Inhuman patience is the true success.

 

Human impatience trips you as you run;

Stand still and you must lie.

It is the grass that cuts the mower down;

It is the cloud that swallows up the sky.

 

 

 

 

Adrienne Rich (Baltimore, 16 mei 1929)

 

Lees verder “Adrienne Rich, Paul Gellings, Friedrich Rückert, Jakob van Hoddis”

Judith Hermann, Peter Shaffer, Raymond Federman, W.J.M. Bronzwaer, Frits van Oostrom

De Duitse schrijfster Judith Hermann werd geboren op 15 mei 1970 in Berlijn-Tempelhof. Zie ook alle tags voor Judith Hermann op dit blog.

 

Uit: Nichts als Gespenster

 

„Ruth sagte »Versprich mir, daß du niemals etwas mit ihm anfangen wirst«. Ich erinnere mich, wie sie aussah dabei. Sie saß auf dem Stuhl am Fenster, die nackten Beine hochgezogen, sie hatte geduscht und sich die Haare gewaschen, sie trug nur ihre Unterwäsche, ein Handtuch um den Kopf geschlungen, ihr Gesicht sehr offen, groß, sie sah mich interessiert an, eher belustigt, nicht ängstlich. Sie sagte »Versprich mir das, ja?«, und ich sah an ihr vorbei aus dem Fenster, auf das Parkhaus auf der anderen Straßenseite, es regnete und wurde schon dunkel, die Parkhausreklame leuchtete blau und schön, ich sagte »Also hör mal, warum sollte ich dir das versprechen, natürlich fange ich nichts mit ihm an«. Ruth sagte »Ich weiß. Versprich es mir trotzdem«, und ich sagte »Ich verspreche es dir«, und dann sah ich sie wieder an, sie hätte es nicht sagen sollen.
Ich kenne Ruth schon mein Leben lang.
Sie kannte Raoul seit zwei oder drei Wochen. Er war für ein Gastspiel an das Schauspielhaus gekommen, an dem sie für zwei Jahre engagiert war, er würde nicht lange bleiben, vielleicht hatte sie es deshalb so eilig. Sie rief mich in Berlin an, wir hatten zusammen gewohnt, bis sie wegen des Engagements umziehen mußte, wir konnten nicht gut damit umgehen, voneinander getrennt zu sein, sie rief mich eigentlich jeden Abend an.

Ich vermißte sie. Ich saß in der Küche, die jetzt leer war bis auf einen Tisch und einen Stuhl, ich starrte auf die Wand, während ich mit ihr telefonierte, an der Wand hing ein kleiner Zettel, den sie dort irgendwann aufgehängt hatte, »tonight, tonight its gonna be the night, the night«. Ich dachte ständig darüber nach, ihn abzureißen, aber dann tat ich es nie.“

 

 

 

Judith Hermann (Berlijn-Tempelhof, 15 mei 1970)

Lees verder “Judith Hermann, Peter Shaffer, Raymond Federman, W.J.M. Bronzwaer, Frits van Oostrom”

Jo Gisekin, Jens Sparschuh, Karl-Markus Gauß, Eoin Colfer, Gaby Hauptmann, Dante Alighieri

De Vlaamse dichteres Jo Gisekin werd geboren in Gent op 14 mei 1942. Zie ook alle tags voor Jo Gisekin op dit blog.

 

Vader

Vaders zijn er altijd geweest met het
beheerste gebaar in de armen. Het broze
in elk van hun vingers. Het kind op schoot.
Onuitgepakt cadeau met verstrengelde
beentjes. Als mastiek ontrold.

Ze zijn van tel in het huiselijk bestaan. Ze
schuiven gordijnen open. Hun kijk op akkers
in bloei. Wrijven het dekentje glad en
smoren gevaren ondergronds. Een pluim op de hoed.
Ze denken dieper na hoe ze het armpje
of het hoofd moeten steunen.
Ze aarzelen bij elke stap. Gaan wijdbeens
op de voorplecht staan. In evenwicht.
Ze tellen ribben en
tenen en waken bij het gewicht in de wieg.
Geen wind mag in de zeilen slaan.

Het interval van de adem verschuift in hun
oor. Ze zoeken naar maat en volgen de
weg die de sluimer inslaat tot aan
de slaap.
Rust is aan vaders nooit besteed. Ze timmeren
een dak boven het hoofd van het kind: de herfst
wordt dramatisch dit jaar.
Ze springen in laarzen en dammen het land.
Geen watersnood binnen de oevers.
Liever eelt op de hand.

Vaders zijn tot alles in staat. Ze tekenen
hun zelfportret uit op het kind.
Het geringste voortbestaan.

 

De nacht is veel te groen

De nacht is veel te groen
om krekels van het
blauw te onderscheiden

waar is het licht
dat leeggezogen weiden
uit hun stramme schaduw dwingt?

Je hoort geen stilte
die luider snikt
dan legers meeldraden
– ze vechten voor wat licht –

schrijf met glazen woorden
de scherven op hun dode bloemenmond.

de tijd eet geld met hopen
en af en toe
zich rond.

 


Jo Gisekin (Gent, 14 mei 1942)

Lees verder “Jo Gisekin, Jens Sparschuh, Karl-Markus Gauß, Eoin Colfer, Gaby Hauptmann, Dante Alighieri”

Krister Axel, Evelyn Sanders, Walter E. Richartz, Karin Struck, Kasper Peters, Arjen Bakker

De Amerikaanse dichter en musicus Krister Axel werd geboren op 14 mei 1974 in Parijs.Zie ook alle tags voor Krister Alex op dit blog.

 

After the Derby

 

God I’ve waited for this
The rush of sounds this madness
Of purpose in such perfect stealth
And when I understand the greatness
Of this world in simple terms
The presence of kindred spirits
Moments of authenticity
The birth of a revolution

 

 

The Arrival

 

Strong words like big rocks
Leaning against each other this
Garden of giants
You came ashore like an eclipse
And blinded us all. In
The shape of a promise
The wings of a summer day
Spread their feathers across the sky
It was like magic, unpolished
From some ancient place
And it didn’t rain
As if the clouds couldn’t speak
The illusion of innocence
But the heart knows better
Cold to the touch, yet
Hot like a black stove
In the sun

 

 

Krister Axel (Parijs, 14 mei 1974)

 

Lees verder “Krister Axel, Evelyn Sanders, Walter E. Richartz, Karin Struck, Kasper Peters, Arjen Bakker”

Hagar Peeters, Bertus Aafjes, August Vermeylen, Andrej Voznesensky, Eva Demski

De Nederlandse dichteres en schrijfster Hagar Peeters werd geboren in Amsterdam op 12 mei 1972. Zie ook alle tags voor Hagar Peeters op dit blog.

 

Je bewoont al jaren

Je bewoont al jaren
alle kamers in mijn hoofd.
Het lukt maar niet
je te verdrijven.

Ik heb er andere namen
in gestopt, maar geen
wil zo beklijven
als die van jou.

Ik vind hem terug in het
merk kleren dat ik koop,
je speelt mee in alle
films die ik zie

en zo vaak roept iemand je
op straat dat ik
me afvraag hoe het kan
dat je uniek bent
en toch zo gangbaar.

Je speelt denk ik niet
in films, en mijn hoofd
bewonen doe je zeker niet.
Was het maar waar. Je woont

ergens in een huisje aan zee
en tuurt daar uit het raam.
Je wacht. Op mij. Maar
je vergat mijn naam.

 

”Kijk eens”

hengelt haar rechterbeen
onophoudelijk in de lucht,
hinken vliegensvlug haar vingers
rond het linker op en neer
en gaan in één armbeweging over
naar haar haren.
Haar handen likt ze alsof,
en strijkt ermee langs haar gezicht.
Steeds hoger kruipt haar rokje
maar daar gaat het nu niet om.
Het gaat erom, dat zij de vlieg nadoet.

 

 

Hagar Peeters (Amsterdam, 12 mei 1972)

 

Lees verder “Hagar Peeters, Bertus Aafjes, August Vermeylen, Andrej Voznesensky, Eva Demski”

Sabine Imhof, Werner Bräunig, Farley Mowat, Dante Gabriel Rossetti, Cäsar Flaischlen, Edward Lear

De Zwitserse dichteres Sabine Imhof werd geboren in Brig in 1976. Zie ook alle tags voor Sabine Imhof op dit blog.

 

patentrezept für einen gelungenen regentag

ein schiff aus papier im rinnstein
ein loch im schuh und deshalb nasse socken
der verliebte junge steht vor einer pfütze und denkt daran

er hat geld für eine handvoll zucker
die frau im kiosk löst kreuzworträtsel
hofft auf eine urlaubsreise für zwei und denkt daran

ihr mann macht liebe mit einem fernseher
bevor er ihn aus dem fenster wirft
er zieht die gardinen zu und denkt daran

zwei harmlose diebe verpassen den krimi
trinken den besten kaffee der stadt hinter glas
sie reden nicht viel und denken daran

die bedienung hat nichts zu verlieren
schminkt sich im trüben licht auf der toilette
sie ist wunderschön und denkt daran

der liebhaber träumt von der sehnsucht
er nimmt ein mittel gegen die zeit
er denkt daran und verliert

schläft ein am bauch einer schnurrenden katze.

 


Sabine Imhof (Brig, 12 mei 1976)

Lees verder “Sabine Imhof, Werner Bräunig, Farley Mowat, Dante Gabriel Rossetti, Cäsar Flaischlen, Edward Lear”

Diana Raznovich, Andrej Amalrik, Maurice Carême, Massimo Bontempelli, Nicolaas Anslijn

De Argentijnse schrijfster, theatermaakster en caricaturiste Diana Raznovich werd geboren op 12 mei 1945 in Buenos Aires. Zie ook alle tags voor Diana Raznovich op dit blog.

Uit: Herbstzeitlose  (Vertaald door Gerd-Rainer Prothmann)

 

“GRISELDA Und es ist Karneval?
ROSALIA Es ist Donnerstag, der 22. September. Und ich habe vor einem Monat

eine Freundin, die Señorita, die bei mir lebt, sagen wir meine Mieterin,

eingeladen, die ganze Nacht mit mir wach zu bleiben.

GRISELDA Du hast recht. Entschuldige. Ich bin eingeschlafen. Sag mir, was ich zu

tun habe. Was trinkst du in deinen schlaflosen Nächten?

ROSALIA Milch.

GRISELDA Milch?

ROSALIA Whisky.

GRISELDA Importierten?

ROSALIA Gib du dich mit ‘m einheimischen zufrieden.

GRISELDA Importierten!

ROSALIA geht hinaus. GRISELDA schläft wieder ein. Beim

Zurückkommen sieht ROSALIA sie schlafen. Sie schenkt ihr ein und weckt

sie.

ROSALIA Ich hab ’n Termin bei Félix.

GRISELDA Du hast immer ’n Termin bei Félix.

ROSALIA Immer zu einer anderen Zeit.

GRISELDA Welche Zeit?

ROSALIA Um halb vier nachmittags.

GRISELDA Dann versäumst du das Teletheater.

ROSALIA Ich werde da sein. Du wirst schon sehn. Ich muss zu Félix. Jupiter steht

schlecht über meinem Mond, aber diese Woche befreie ich mich. Ich habe

beschlossen, eine andere zu werden.

GRISELDA Ich auch. Gib mir noch mehr Whisky”.

 

 

Diana Raznovich (Buenos Aires,12 mei 1945)

Lees verder “Diana Raznovich, Andrej Amalrik, Maurice Carême, Massimo Bontempelli, Nicolaas Anslijn”

In Memoriam Clark Accord

In Memoriam Clark Accord

De Surinaamse schrijver Clark Accord is woensdag op 50-jarige leeftijd overleden. Hij was ernstig ziek. Accord stierf in het OLVG-ziekenhuis in Amsterdam.  Accord is maandag nog door de Surinaamse president onderscheiden met de Ere-orde van de Gele Ster. Die wordt toegekend ’voor verdiensten voor de staat en het volk’. Clark Accord werd op 6 maart 1961 geboren in Paramaribo. Zie ook mijn blog van 6 maart 2011.

 

Uit: Shirley in Allochtonie

 

„In tegenstelling tot de centrale markt brengen hier voornamelijk Marronvrouwen hun waar aan de man. Rondom liggen de meest uiteenlopende producten uitgestald: pimpadoti, bita, luwanguteté, sangafu, dibriká, enzovoorts – stuk voor stuk garanderen ze de spirituele gezondheid.   “Als je ’t om vier uur ’s nachts inneemt, dan heb je om zeven uur effect. De rest van de dag hoef je je geen zorgen meer te maken.”    “Hoef ik voor de rest van de dag dan niet meer te gaan?”    “Als het goed is niet…” Ze kijkt om zich heen. “Meestal niet,” verbetert ze zichzelf. “Het kan zijn dat je er nog één of twee keer last van hebt.” Alsof het heel breekbaar is, reikt ze me het doorschijnende plastic flesje met de bruingroene vloeistof aan. Die nacht kom ik om drie uur ’s nachts thuis drijfnat van een tropische regenbui. Het zien van het flesje op de aanrecht maakt mij in één slag nuchter. Terwijl ik mijn natte kleding op de achterveranda neerleg, bereid ik mij voor op de aanranding van mijn smaakpapillen. Langzaam schroef ik de witte dop van het flesje. Ik haal een paar keer diep adem en sla de inhoud met tegenzin achterover. Ik wacht. Het protest van mijn lichaam blijft uit. Ik herken de smaak van melasse.“

 


Clark Accord (6 maart 1961 – 11 mei 2011)

 

 

Jan Hendrik Leopold

De Nederlandse dichter  en classicus Jan Hendrik Leopold werd geboren in ’s-Hertogenbosch op 11 mei 1865. Zie ook mijn blog van 11 mei 2010 en eveneens alle tags voor J. H. Leopold op dit blog.

Om mijn oud woonhuis peppels staan

Om mijn oud woonhuis peppels staan
‘mijn lief, mijn lief, o waar gebleven’
een smalle laan
van natte blaren, het vallen komt.

Het regent, regent eender te horen
‘mijn lief, mijn lief, o waar gebleven’
en altijd door en
den treuren uit, de wind verstomt.

Het huis is hol en vol duisternis
‘mijn lief, mijn lief, o waar gebleven’
gefluister is
boven op zolder, het dakgebint.

Er woont er een voorovergebogen
‘mijn lief, mijn lief, o waar gebleven’
met lege ogen
en die zijn vrede en rust niet vindt.

 

O nachten van gedragene extase

O nachten van gedragene extase
en diep gedronkene verzadiging,
als elk met zijn geluk te rade ging
en van alleenzijn langzaam wij genazen.

Te denken de ononderbroken uren
aan de volkomen overvloed van dit
verwezenlijkte; onvervreemd bezit,
dat blijven zal en ongeschonden duren;

het onbesefbare van deze gave
van ene andere en die naast ons was
ter vereenzelviging en zelve pas
het inzicht vond van banden, die begaven.

Te horen naar de rustig ingezogen
teugen des ademens en het geruis,
dat op en af het geheimzinnig huis
doorstroomde, in een eb en vloed bewogen.

En innerlijker naar de drift te horen
van de verborgen donkre hartenklop,
de wortelstok des levens; wat look op
en wat werd in de arbeidsnacht geboren?

En eindelijk het nauw te speuren zweven
van de twee wimpers, van de wonderlicht
bewerktuigde, die werden slank gezwicht
en dan oneindig slepende geheven;

waaraan wij in het donker open wisten
de andere ogen, die het nu behaald
geluk bewaakten en die onverdwaald
op oog en mond, al het dierbare rustten.

 

ZO stil, als lang nog na een onweersbui

ZO stil, als lang nog na een onweersbui
het laatste vocht zijgt van de zomertakken,
de avond valt, maar in het ronde drupt het
zo gul, zo stil:

Zo stil zinkt weemoed neder in mijn ziel,
gedachten, die een zacht verdriet meebrengen,
druppelen neer en vloeien effen uit
zo droef, zo stil.

 

 

J. H. Leopold (11 mei 1865 – 21 juni 1925)

Hardstenen reliëf bij het Erasmiaans gymnasium in Rotterdam

 

Ida Gerhardt, Rubem Fonseca, Henning Boëtius, Camilo José Cela, Rose Ausländer

De Nederlandse dichteres Ida Gerhardt werd geboren in Gorinchem op 11 mei 1905. Zie ook mijn blog van 11 mei 2010 en eveens alle tags voor Ida Gerhardt op dit blog.

Wieg

Geur van honing
en jonge melk
van een nestdiertje
dat slaapt.
Een ademhalen van dons
En speurbaar
aan de neusvleugels
de geur van wat er gebeurd is;
geboorte,
geheim.

 

De akelei (Dürer)

Toen hij het kleine plantje vond,
boog hij aandachtig naar de grond
en dan, om wortels en om mos
groef hij de fijne aarde los,
voorzichtig – dat zijn hand niets schond.
Behoedzaam rondom aangevat
droeg hij het langs het slingerpad
van bos en akker voor zich uit,
en schoof het thuis in ’t licht der ruit
zoals hij het gevonden had.

Dan, fluitende en welgezind
mengde hij zoekend eerst de tint;
diepblauw en zwart ineengevloeid,
met enk’le druppels rood doorgloeid,
dat het tot purper samenbindt.

En uur aan uur trok stil voorbij;
zó diep verzonken werkte hij,
dat het hem soms was of zijn hand
de vezels tastte van de plant-
zo glanzend kwam de omtrek vrij.

Totdat het gaaf te prijken stond:
de wortels scheem’rend afgerond,
het uitgesprongen groene blad
scherp in zijn karteling gevat
tegen de lichte achtergrond;

de bloemkroon purper violet,
de hokjes om het hart gebed
en boven de geknikte steel
de honingsporen, het juweel
vijfvlakkig: kantig neergezet.

In ’t vallend donker toefde hij
nog dralend bij zijn akelei;
dan, in het laatste licht van ’t raam
schreef hij de letters van zijn naam
en ’t jaartal glimlachend erbij.

 

 

Ida Gerhardt (11 mei 1905 – 15 augustus 1997)

 

Lees verder “Ida Gerhardt, Rubem Fonseca, Henning Boëtius, Camilo José Cela, Rose Ausländer”