Fernando Pessoa, Christoph Meckel

De Portugese dichter en schrijver Fernando António Nogueira Pessoa werd geboren in Lissabon op 13 juni 1888. Zie ook alle tags voor Fernando Pessoa op dit blog.

Uit: Fernando Pessoa, Heimwee naar vereeuwiging

Sonnet XXIV

Er is iets in mij dat het licht al zag
Voordat de zon in het heelal bestond
En, knarsend, onze eigen gele dag
Verbinding met het absolute vond.
Door nachtgepeins, gelijk een sleets gewaad,
Sleep ik achter mij aan dit oud verleden
Dat, stil en weids, de bleke dageraad
Van al het mogelijke aan zag treden.
Het gaat nog verder terug dan Gods geboorte,
Zonder geboorte kwam de wereld later.
Die is mij als na een gefluisterd woord
De redeloze echo van geschater.
Dat zij een doel heeft, heb ik steeds voorvoeld,
Maar doel hebben blijkt al wat zij bedoelt.

 

Sonnet XXV

We are in Fate and Fate’s and do but lack
Outness from soul to know ourselves its dwelling,
And do but compel Fate aside or back
By Fate’s own immanence in the compelling.
We are too far in us from outward truth
To know how much we are not what we are,
And live but in the heat of error’s youth,
Yet young enough its acting youth to ignore.
The doubleness of mind fails us, to glance
At our exterior presence amid things,
Sizing from otherness our countenance
And seeing our puppet will’s act-acting strings.
An unknown language speaks in us, which we
Are at the works of, fronted from reality.

 

Sonnet XXV

Zelf in en van het lot ontberen wij
Uitwendigheid waaraan de ziel zich toont.
Het lot gaat slechts voor onze dwang opzij
Omdat het lot ook in dat dwingen woont.
De waarheid laat zich niet meer achterhalen,
Hoezeer wij niet zijn wat wij zijn. Ons leven
Wordt in de gloed geleefd van jeugdig falen,
Al is haar dadendrang ons om het even.
De dubbelheid ontbreekt ons voor het kijken
Hoe wij aanwezig zijn met ons bezit,
Proberend op het andere te lijken,
Het zien hoe onze wil aan touwtjes zit.
Wij zijn een taal die niemand heeft geleerd,
Als woorden van de wereld afgekeerd.

 

Fernando Pessoa (13 juni 1888 – 30 november 1935)
Hommage aan Fernando Pessoa-Lissabon door José Guimare, 2008

 

De Duitse dichter, schrijver en graficus Christoph Meckel werd geboren op 12 juni 1935 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Christopher Meckel op dit blog.

 

Wie zou er plaats kunnen nemen

Wie zou er plaats kunnen nemen
in de gerechtigheid
met zijn bagage, zijn spotvogel, zijn naam
verzekerd van de vriendschap van het brood en ervan verzekerd
dat het water zijn aanblik verdraagt
en dat liefde hem respecteert –
wie zou bij de pilaren kunnen uitrusten en zeggen:
hier ben ik, opgesloten
in zout en licht.

Hij zet in haar geen fauteuil op zijn plaats.
Door haar beschuldiging
verbijsterd en gehavend
zit hij nog steeds gehurkt langs de kant van de weg
en telt zoals de kat zijn zeven levens
meedogenloos, hongerig
niets biedt hem troost.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Christoph Meckel (Berlijn, 12 juni 1935)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13e juni ook mijn blog van 13 juni 2020 en eveneens mijn blog van 13 juni 2019 en ook mijn blog van 13 juni 2017 en mijn blog van 13 juni 2015 deel 1 en eveneens deel 2.

Christoph Meckel

De Duitse dichter, schrijver en graficus Christoph Meckel werd geboren op 12 juni 1935 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Christopher Meckel op dit blog.

Flüstern

Dass du sie geküsst hast, am Ufer mit ihr
gegangen bist, und der Mond war da –
Dass du ihr Kleider gekauft hast, Röcke und Leibchen
Geschmeide und Goldkram wie mir, und Sommerhüte
Wein von den Hügeln und Löffelchen Silber –

Und dass du ihr Namen geschenkt hast
Nachttropfen meiner Seele, Vogel Blau –
dass, du mit ihr unterwegs warst im hellen Juni
verschollen im Herbst, in Irdisch-Unkraut –

Aber dass du mit ihr geflüstert hast
in der Nacht, die Kerze brannte, die Eule schrie –
Es ist das Geflüster. Es ist das Geflüster.

 

Schwarzgalle

Nicht wünschenswert, mit ihr
                                 auf die Inseln zu kommen,
wenn die Rückkehr von dort immer mehr
ihre Schwermut vertieft,
und zurückbleibt, was an anderen Stellen
 der erreichbaren Erde für sie
vorhanden sein sollte —

Ein Bungalow, winterfest,
                                    aus Holz und Schiefer,
Nachttropfen im Nussbaum,  
Vogelflug im September, Horizonte
vor hellen Zonen, strömendes Wasser
und was von Verwüstung nicht erreicht —

Wir ziehn weiter, mein Vogel,
                                              wir fliegen fort —

 

Erscheinung

Sie kommt, solang die Zeit an ihr festhält
im Abend des kürzesten Tags
zu ihm in das Zimmer, im offenen Mantel,
sorglos, Schuhe in Händen, im Schein der Kerze
und er erzählt ihr die Erscheinung:

sie kam, bevor die Zeit sie verbrauchte,
am Mittag des kürzesten Tags
zu mir in die Gärten, in fremden Kleidern,
unruhig, übernächtigt, die Laubfeuer rauchten,
und ich erzählte ihr die Erscheinung:

du kommst, bevor die Zeit dich verändert,
am Abend des vorletzten Tags
zu mir in die Unterkunft, mit erloschnen Haaren,
frierend im Tosen von Schutt und Flammen,
und ich erzähle dir die Erscheinung:

du kamst, bevor die Zeit dich erkannte,
im Abend der kürzesten Nacht
zu ihm in das Haus am Wasser, verwirrt, betrunken,
taumelnd im Zwielicht der Eisblumenfenster,
und ich erzählte dir die Erscheinung:

sie erschien, bevor die Zeit sie entrückte,
am Morgen des kürzesten Tags
im Gaslicht der Flurbeleuchtung, vor seiner Suite
wortlos, unbewegt, in Handschuh und Schleier,
und er erzählte ihr die Erscheinung:

 

Aankondiging

AAN ALLE BEZOEKERS!
Op het beursterrein zijn
georganiseerde bedelaars en dieven actief.
Wij adviseren u om goed op uw geld te letten.
AAN ALLE REIZIGERS!
In de omgeving van de luchthaven zijn
georganiseerde ontvoerdersbendes actief.
Wij adviseren u om in uw bagage te verdwijnen.
AAN ALLE LEVENDEN!
In het theater van de vrede zijn
georganiseerde bendes van moordenaars actief.
We adviseren om onzichtbaar te blijven.
AAN ALLE DODEN!
Op de puinhopen scharrelen
Aanwervingsteams voor het volgende leven rond.
Wij adviseren u om te blijven liggen.
BLIJFT U LIGGEN
.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Christoph Meckel (12 juni 1935 – 29 januari 2020)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 12e juni ook mijn blog van 12 juni 2020 en eveneens mijn blog van 12 juni 2019 en ook mijn blog van 12 juni 2016 deel 2.

William Styron, Christoph Meckel

De Amerikaanse schrijver William Styron werd op 11 juni 1925 in Newport News in de staat Virginia geboren. Zie ook alle tags voor William Styron op dit blog.

Uit: The Long March

“But in training here in the States in peacetime (or what, this sweltering summer in the early 1950s, passed as peacetime) one had felt no particular need for that type of self-defense, and the slick nude litter of intestine and shattered blue bones, among which forks and spoons peeked out like so many pathetic metal flowers, made a crazy, insulting impact at Culver’s belly, like the blow of a fist. And on the other hand (and the pulsing ache at his brow now as he vomited helplessly onto his shoes lent confirmation to what he’d been trying to deny to himself for months): he was too old, he was no longer an eager kid just out of Quantico with a knife between his teeth. He was almost thirty, he was old, and he was afraid.
Lieutenant Culver had been called back to the marines early that spring. When, one Saturday morning, his wife had thrown the brown envelope containing his orders onto the bed where he lay sleeping, he experienced an odd distress which kept him wandering about, baffled and mumbling to himself, for days. Like most of his fellow reserves he had retained his commission after the last war. It was an insouciant gesture which he had assumed would in some way benefit him in case of an all-out conflict, say, thirty years hence, but one which made no provisions for such an eventuality as a police action in Korea. It had all come much too soon and Culver had felt weirdly as if he had fallen asleep in some barracks in 1945 and had awakened in a half-dozen years or so to find that the intervening freedom, growth, and serenity had been only a glorious if somewhat prolonged dream. A flood of protest had welled up in him, for he had put the idea of war out of his mind entirely, and the brief years since Okinawa had been the richest of his life. They had produced, among lesser things, a loving, tenderly passionate wife who had passed on to their little girl both some of her gentle nature and her wealth of butter-colored hair; a law degree, the fruits of which he had just begun to realize, even though still somewhat impecuniously, as one of the brightest juniors in a good New York law firm; a friendly beagle named Howard whom he took for hikes in Washington Square; a cat, whom he did not deign to call by name, and despised; and a record-player that played Haydn, Mozart and Bach.
Up until the day that his orders came— the day that he tried to forget and the one that Betsy, his wife, soon bitterly referred to as “the day the roof fell in“—they had been living in a roomy walk-up in the Village and experiencing the prosaic contentment that comes from eating properly, indulging themselves with fair moderation in the pleasures of the city, and watching the growth of a child. This is not to say that they were either smug or dull.”

 

William Styron (11 juni 1925 – 1 november 2006)

 

De Duitse dichter, schrijver en graficus Christoph Meckel werd geboren op 12 juni 1935 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Christopher Meckel op dit blog.

 

Spreken over het gedicht

Het gedicht is niet de plaats waar schoonheid wordt gecultiveerd.

Er wordt hier gesproken over zout, dat brandt in de wonden.
Er wordt hier gesproken over de dood, over vergiftigde talen.
Over vaderlanden die op ijzeren schoenen lijken.
Het gedicht is niet de plaats waar de waarheid wordt versierd.

Er wordt hier gesproken over bloed dat uit de wonden stroomt.
Over de ellende, over de ellende, over de ellende van de droom.
Over verwoesting en uitvaagsel, over gammele utopieën.
Het gedicht is niet de plaats waar de pijn wordt genezen.

Er wordt hier gesproken over woede en begoocheling en honger,
(De stadia van verzadiging worden hier niet bezongen).
Er wordt hier gesproken over eten, gegeten worden,
over zwoegen en twijfel; hier is de kroniek van het lijden.
Het gedicht is niet de plaats waar het sterven verzacht,
waar de honger gestild, waar de hoop gepoëtiseerd wordt.

Het gedicht is de plaats van de dodelijk gewonde waarheid.
Vleugels! Vleugels! De engel valt, de veren
Vliegen afzonderlijk en bloederig in de storm van de geschiedenis!

Het gedicht is niet de plaats waar de engel wordt gespaard.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Christoph Meckel (12 juni 1935 – 29 januari 2020)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 11e juni ook mijn blog van 11 juni 2020 en eveneens mijn blog van 11 juni 2019 en ook mijn blog van 11 juni 2017 deel 2.

Dolce far niente, Marge Piercy, Louis Couperus, Nikki Giovanni

 

Dolce far niente

 

Gorse and Wild Roses, Sannox door Nancy Turnbull, z.j.

 

More Than Enough

The first lily of June opens its red mouth.
All over the sand road where we walk
multiflora rose climbs trees cascading
white or pink blossoms, simple, intense
the scene drifting like colored mist.

The arrowhead is spreading its creamy
clumps of flower and the blackberries
are blooming in the thickets. Season of
joy for the bee. The green will never
again be so green, so purely and lushly

new, grass lifting its wheaty seedheads
into the wind. Rich fresh wine
of June, we stagger into you smeared
with pollen, overcome as the turtle
laying her eggs in roadside sand.

 

Marge Piercy (Detroit, 31 maart 1936)
Zomers tafereel in Detroit

 

De Nederlandse schrijver Louis Couperus werd op 10 juni 1863 geboren in Den Haag. Zie ook alle tags voor Louis Couperus op dit blog.

Uit De lof der luiheid

“Maar slapen is het onbewuste! Wat ik wil, is bewust te rusten, bewust rustig te zijn, lui te zijn zonder geheimzinnige, pijnlijke zenuwwroeging; lang, als Orlando, lui te kunnen neêrliggen, zonder dadelijk te denken: ja, nu rust ik…. maar wat zal ik straks doen?
Wat ik heerlijk vind, is wakker te worden en dan nog lang na te liggen. Maar meestal word ik te laat wakker, als dezen morgen, en klopt Salvatore en komt met scheerwater binnen, en zegt:
– De signore is al naar zee, en heeft gevraagd of de signorino ook gauw kwam, zoodra hij wakker was. De signore heeft den signorino niet wakker willen maken.
De signorino, dat ben ik. Hoewel ik ouder ben dan Orlando, blijf ik voor de bedienden, de signorino. Let wel, dat ze nooit Orlando den signorino hebben genoemd – misschien, toen zijn vader nog leefde. Maar ik heb dien tijd nooit gekend. Ik ben echter dadelijk de signorino geweest en zal dien blijven, al wordt ik zestig jaar. Nu is het ook om verschil te maken, dat zij mij zoo noemen, en dan ook nog uit sympathie. Het woord beteekent zoo wel meneertje als jongenheer.
Orlando heeft gevraagd of ik dadelijk kwam, maar daar ik scheerwater heb gekregen, scheer ik mij even. Dat is het eenige toilet, dat ik maak. In pyama haast ik naar buiten, de brokkelsteenen trap af, naar de zee, langs agave en cypres. De morgen is nog koel, al heb ik ook de eerste parelen frischheid voorbij laten gaan.
Daar zie ik Orlando! Hij zwemt al. Hij zwemt met de rustige gratie, waarmeê hij alles doet, geheel naakt: dit is zijn strand, niemand stoort hem hier. Zoo als hij zwemt, is het als of hij, zwemmende, rust; als of hij zwemmende lui is. Of het hem nooit vermoeien zal, of het zijn natuur is te zwemmen: zóo zijn armen te bewegen en beenen, is hem nauwlijks krachtinspanning, schijnt het, – is even kalm wat spelen in het water. Als ik de lof der luiheid wil zingen, moet ik een indruk geven kunnen van het zwemmen van Orlando. Het is niet zwemmen: het is harmonisch zich in het water bewegen, met de beweging vereischt aan dat element. Als ik flaneer langs de straat, kan ik wel tegelijkertijd lui zijn, niet waar? Nu, zoo flaneert Orlando al zwemmende.
O, zoo zal ik nooit zwemmen. Nu ben ik naakt in de zee geloopen, maar ik spat, ik plas, ik sla met mijn armen, ik trap met mijn beenen, ik proest. Dat alles vermoeit, na een pooze. Toch heb ik Orlando bereikt, en wij drijven naast elkaar, op den rug. Ik kijk in den hemel, en voel mij, naast hem, kalm worden.”

 

Louis Couperus (10 juni 1863 – 16 juli 1923)
Standbeeld op het Lange Voorhout in Den Haag.

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Nikki Giovanni werd geboren op 7 juni 1943 in Knoxville, Tennessee. Zie ook alle tags voor Nikki Giovanni op dit blog.

 

Knoxville Tennessee

Van de zomer hou ik altijd
Het meest
Je kunt verse maïs eten
Uit papa’s tuin
En okra
En groenten
En kool
En veel
Barbecue
En karnemelk
En zelfgemaakt ijs
Bij de picknick van de kerk
En luisteren naar
Gospelmuziek
Buiten
Op de wijdingsdag
Van de kerk
En naar de bergen gaan met
Je grootmoeder
En op blote voeten lopen
En het warm hebben
Altijd
Niet alleen als je naar bed gaat
En slaapt

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Nikki Giovanni (Knoxville, 7 juni 1943)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 10e juni ook mijn blog van 10 juni 2020 en eveneens blog van 10 juni 2019 deel 1 en eveneens deel 2.

Maarten Doorman, Marie Howe

De Nederlandse dichter, schrijver, criticus en filosoof Maarten Doorman werd geboren op 9 juni 1957 in Medina Sidonia (Spanje). Zie ook alle tags voor Maarten Doorman op dit blog.

 

Sevilla

Virgen con miriñaque,
virgen de la Soledad,
abierta como un inmenso
tulipán.
En tu barco de luces
vas
por la alta marea
de la ciudad

(Federico García Lorca)

 

Maandag

Ik kwam te laat, een dag
en de verwachte palmen stonden grotesk
in gaten in het trottoir.
De nauwelijks uitgeslapen stad
lag weinig pittoresk afgewend
van het station, maar de okselwarmte
van Guadalquivir en Darsenas
dreef mij van hier
haar drogere lawaai in.

’s Nachts in de trein had ik
gewaakt en zoals zo vaak na zulke uren
klonk verward geschreeuw op straat
als klinkklare muziek.
Bij de kathedraal zag ik een flard
van een processie, een beeld op een stapel
bloemen. Verder was in alle herrie
van de heilige week
nog weinig te bekennen.

Ik hoorde het noeste bonken op de rails
’s middags weer
in een omfloerste trom.
Adieu had ik gezegd, ik kom terug
en ik had mijn liefde stom op het perron
laten staan: de trein reed me weg.

In het gangpad verhaalde een jezuïet
mij in smedige taal
hoe hij van wondvocht leefde.
Hij omgordde zich ook met mijn verdriet
en vanaf toen vreesde ik
dat je alleen verlaten kunt worden,
niet zelf
weg kunt gaan.

Het geluid van de trom
duwde een stoet voor zich uit
van paarse wezens, puntgemutst
en kaarsen in de hand.
Een beeld in vol ornaat
werd in de schokkerge trant
van een verschuivende wolk muggen voorbij-
gedragen. Kleine trompetten
schetterden verkouden tegen de gele huizen
en ik ontdekte dat ook triangels
kunnen klagen, dat sommige trommels
huilen als ze rond worden gedragen.

 

Dinsdag

Vandaag door Marcus gesticht
rukken de puntmutsen massaal
vanaf de Plaza de Toros, langs de
Casa de Pilatos en van de haven op
naar de kathedraal.
Een vertraagde herhaling van romeinse cohorten
brengt in Trajanus’ stad
jaarlijks weer legioenen samen.

Optochten schurken zich door nauwe straten
en schorten hun pas op
voor elkaar en voor zichzelf.
Ze schilderen couleur locale van een cent
tot een fel kabaal van lila en rood:
aan godsdienstig sentiment
stelt zich hier bloot wie slechts kuise schamelheid
van majorettes is gewend.

Terug had ik gezegd
aan het begin van deze omgedraaide thuisreis.
Terug als de beelden en hun praal
die na hun bezoek aan de kathedraal
naar hun parochie keren, op hun plaats
worden gezet.

 

Maarten Doorman (Medina Sidonia, 9 juni 1957)

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Amerikaanse dichteres Marie Howe werd geboren in 1950 in Rochester, New York. Zie ook alle tags voor Marie Howe op dit blog.

 

Wat de levenden doen

Johnny, de gootsteen is al dagen verstopt, er is waarschijnlijk een stuk gereedschap in gevallen.
En de ontstopper werkt niet, maar ruikt gevaarlijk, en de aangekoekte borden hebben zich opgestapeld

en wachten op de loodgieter die ik nog steeds niet heb gebeld. Dit is het alledaagse waarover we spraken.
Het is weer winter: de lucht is diep, eigenzinnig blauw en het zonlicht komt door

de open woonkamerramen omdat de verwarming hier te hoog staat en ik hem niet uit kan zetten.
Al weken lang nu, als ik reed, of een zak met boodschappen op straat liet vallen, en de zak scheurde,

dacht ik: dit is wat de levenden doen. En gisteren, toen ik me haastte over die
wiebelende stenen in het trottoir van Cambridge, en mijn koffie over mijn pols en mouw morste,

dacht ik het nog een keer, en later nog een keer, toen ik een haarborstel kocht: dit is het.
Toen ik parkeerde. De autodeur dichtsloeg in de kou. Wat jij die hunkering noemde.

Wat je uiteindelijk opgaf. We willen dat de lente komt en de winter voorbijgaat. Wij willen
dat wie dan ook opbelt of niet, een brief, een kus – we willen er meer en meer van en dan nog meer.

Maar er zijn momenten, als ik loop, dat ik een glimp van mezelf opvang in het vensterglas,
zeg maar, van de etalage van de videotheek op de hoek, en ik word gegrepen door een zo’n diep, warm gevoel

voor mijn eigen opwaaiende haar, schrale gezicht en losgeknoopte jas dat ik sprakeloos ben:
Ik leef. Ik herken jou.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Marie Howe (Rochester, 1950)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 9e juni ook mijn blog van 9 juni 2020 en eveneens mijn blog van 9 juni 2019 en ook mijn blog van 9 juni 2018 deel 2.

Marguerite Yourcenar, Marie Howe

De Belgisch-Amerikaanse, Franstalige schrijfster Marguerite Yourcenar werd geboren in Brussel op 8 juni 1903. Zie ook alle tags voor Marguerite Yourcenar op dit blog.

Uit: Memoirs of Hadrian (Vertaald door Grace Frick, in samenwerking met de schrijfster)

“Such indifference to contemporary fashion kept them from many an error in taste, and especially from falling into turgid rhetoric. Hellenism and the Orient were unknown, or at best regarded frowningly from afar; there was not, I believe, a single good Greek statue in the whole peninsula. Thrift went hand in hand with wealth, and a certain rusticity was always present in our love of pompous ceremony. My sister Paulina was grave, silent, and sullen; she was married young to an old man. The standard of honesty was rigorous, but we were harsh to slaves. There was no curiosity about anything whatsoever; one was careful to think on all subjects what becomes a citizen of Rome. Of these many virtues, if virtues they be, I shall have been the squanderer.
Officially a Roman emperor is said to be born in Rome, but it was in Italica that I was born; it was upon that dry but fertile country that I later superposed so many regions of the world. The official fiction has some merit: it proves that decisions of the mind and of the will do prevail over circumstance. The true birthplace is that wherein for the first time one looks intelligently upon oneself; my first homelands have been books, and to a lesser degree schools. The schools of Spain had suffered from the effects of provincial leisure. Terentius Scaurus’ school, in Rome, gave mediocre instruction in the philosophers and the poets but afforded rather good preparation for the vicissitudes of human existence: teachers exercised a tyranny over pupils which it would shame me to impose upon men; enclosed within the narrow limits of his own learning, each one despised his colleagues, who, in turn, had equally narrow knowledge of something else. These pedants made themselves hoarse in mere verbal disputes. The quarrels over precedence, the intrigues and calumnies, gave me acquaintance with what I was to encounter thereafter in every society in which I have lived, and to such experiences was added the brutality of all childhood. And nevertheless I have loved certain of my masters, and those strangely intimate though elusive relations existing between student and teacher, and the Sirens singing somewhere within the cracked voice of him who is first to reveal to you a masterpiece, or to unveil for you a new idea. The greatest seducer was not Alcibiades, after all; it was Socrates.”

 

Marguerite Yourcenar (8 juni 1903 – 17 december 1987)
Portret door Cathérine Petré, z.j.

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Amerikaanse dichteres Marie Howe werd geboren in 1950 in Rochester, New York. Zie ook alle tags voor Marie Howe op dit blog.

 

De jongen

Mijn oudere broer loopt over het trottoir de zomernacht in de buitenwijk in:
wit T-shirt, blauwe jeans – naar het veld aan het einde van de straat.

Hangers Schuilplaats noemden de jongens het, een onontwikkeld perceel, een kuil, overwoekerd
met onkruid, wat oude meubels die daar neergegooid zijn,

en enkele metalen hangers die in de bomen rinkelen als windgong.
Hij loopt van huis weg omdat onze vader zijn haar wil knippen.

En over nog twee dagen zal onze vader me ervan overtuigen naar hem toe te gaan – jij weet
waar hij is – en met hem te praten: geen represailles. Beloofde hij. Een kleine parade van kinderen

in voetenpyjama’s zullen me vergezellen, hun stemmen als de eerste kuikens
in de lente.
En mijn broer zal voor ons uit naar huis lopen, en mijn vader

zal zijn hoofd kaal scheren, en mijn broer zal met niemand meer praten
de komende maand, geen woord, geen melk doorgeven, niets.

Wat er in ons huis gebeurde, leerde mijn broers hoe ze moesten vertrekken, hoe ze over een trottoir moesten lopen zonder om te kijken.

Ik was het meisje. Wat er gebeurde, leerde me hem te volgen, wie hij ook was,
en om zijn naam te roepen en te roepen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Marie Howe (Rochester, 1950)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 8e juni ook mijn blog van 8 juni 2020 en eveneens mijn blog van 8 juni 2019 en ook mijn blog van 8 juni 2018 en eveneens mijn blog van 8 juni 2017.

In Memoriam A. L. Snijders

In Memoriam A.L. Snijders

De Nederlandse schrijver A.L. Snijders is vandaag onverwacht overleden. A.L. Snijders is bedenker van het zogeheten Zeer Korte Verhaal (zkv) en debuteerde in 2006 met “Ik leef aan de rand van de wereld”.  A.L. Snijders (pseudoniem van Peter Cornelis Müller) werd geboren op 24 september 1937 in Amsterdam. Zie ook alle tags voor A.L. Snijders op dit blog.

GELUIDLOZE STRIJD

Jules Renard schrijft op 14 november 1900 in zijn dag-boek:1k lees bladzijden uit dit Dagboek: het is toch het beste en het nuttigste wat ik in mijn leven zal hebben geschreven: Op 22 december schrijft hij: ‘Mijn broer is al even ver weg als mijn vader. Al verder weg zelfs. De geluidloze strijd van de doden in onze herinnering. Ze staan elkaar niet naar het leven. Ze schuiven elkaar geluidloos terzijde, met een onweerstaanbare kracht: Op dezelfde dag schrijft hij: `De helft van de schors van een boom weet van het bestaan van de noordenwind niet af: Op i januari i9oi: ‘Dit Dagboek holt me uit. Het is geen oeuvre. Op dezelfde manier is iedere dag de liefde bedrijven geen liefde:

De vaste plaats van de boom is een van de aangrijpendste natuurverschijnselen. De boom is een levend wezen, vergelijkbaar met een olifant, hij zou zich moeten kunnen bewegen van de ene plaats naar de andere. Door Jules Renard realiseer ik me dat het nog erger is, de boom kan zich zelfs niet omdraaien.

 

A. L. Snijders (24 september 1937 – 7 juni 2021)

Orhan Pamuk, Nikki Giovanni

De Turkse schrijver Orhan Pamuk werd geboren op 7 juni 1952 in Istanbul. Zie ook alle tags voor Orhan Pamuk op dit blog.

Uit: De vrouw met het rode haar (Vertaald door Hanneke van der Heijden)

“Niet drie maar vijf volle dagen later kwam meneer Hayri met zijn kleine vrachtwagen langs. Hij wist dat we nog steeds geen water hadden gevonden, maar hij deed alsof het hem niet uitmaakte. Hij had ook zijn vrouw meegenomen en zijn zoon, die een paar jaar jonger was dan ik. Wandelend over het terrein liet hij ze zien waar de werkplaatsen voor het verven en wassen van textiel zouden komen als er eenmaal water gevonden was. Kijkend op de tekeningen en de afstanden met zijn passen metend wees hij vervolgens de plek aan waar de toekomstige opslagloods zou komen, waar het directiekantoor en waar de kantine voor het personeel. Zijn zoon stond met nieuwe voetbalschoenen aan zijn voeten en onder zijn arm de plastic voetbal die hij uit de wagen had gehaald, naar zijn vader te luisteren.
Wat later trapten vader en zoon in een hoek van het terrein een balletje, met een paar stenen hadden ze de plaats van een doel gemarkeerd, nu namen ze om de beurt strafschoppen. De moeder spreidde onder mijn walnotenboom een kleed uit en begon daarop het voedsel uit te stallen dat ze in een mand had meegebracht. Ze stuurde Ali naar ons om te zeggen dat we allemaal voor het middageten werden verwacht, wat mijn baas een ongemakkelijk gevoel gaf. Hij besefte dat deze pontificale en onnodige picknick de plechtigheid was die meneer Hayri eerder bedacht had om te vieren dat er water was. Meneer Hayri had duidelijk veel over die dag gefantaseerd. Mijn baas kwam met tegenzin met ons mee, ging aan de rand van het kleed zitten en nam van ieder gerecht, de hardgekookte eieren, de tomatensalade met ui, de gevulde pastei, één klein hapje.
Na het eten ging de zoon van meneer Hayri naast zijn moeder liggen en viel in slaap. De dikke, sterke en goedlachse vrouw stak een sigaret op en las de krant Goedemorgen, het krantenpapier ritselde in de wind.
Ik zag dat mijn baas meneer Hayri nog eens meenam naar de plek waar wij het zand stortten, en liep naar hen toe. Al die tijd is er geen water in de put gekomen, stond op het droeve gezicht van de eigenaar van het terrein te lezen, op korte termijn zal dat ook niet gebeuren, misschien komt dat water wel nooit.
‘Meneer Hayri, met permissie, geef ons nog drie dagen…’ zei mijn baas.
Hij had het heel deemoedig en zachtjes gezegd. Ik geneerde me er getuige van te zijn dat mijn baas in deze situatie was beland, ik werd kwaad op meneer Hayri. De textielondernemer liep terug naar de walnotenboom, overlegde even met zijn vrouw en zoon en kwam toen terug.”

 

Orhan Pamuk (Istanbul, 7 juni 1952)

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Nikki Giovanni werd geboren op 7 juni 1943 in Knoxville, Tennessee. Zie ook alle tags voor Nikki Giovanni op dit blog.

 

De wetten van beweging

(voor Harlem Magic)

De wetten van de wetenschap leren ons dat een pond goud evenveel weegt als
als een pond meel maar dat als je het in de natuurlijke staat
van een onbepaalde hoogte laat vallen het ene
de bodem zou bereiken en het andere zou wegwaaien

Bewegingswetten vertellen ons dat je een inert object moeilijker kunt
voortstuwen dan dat je een object, dat in de verkeerde richting gaat,
kunt laten omkeren. Beweging is energie – traagheid – apathie.
Apathie staat gelijk aan vijandigheid. Vijandigheid – geweld. Geweld,
zijnde energie, is zijn eigen deugd. Bewegingswetten leren ons dat

Zwarte mensen niet minder in de war zijn vanwege onze
Zwartheid dan wij verstrooid zijn vanwege onze
machteloosheid. De mens, zo wordt ons verteld, is het enige dier dat
lacht met zijn lippen. De ogen zijn echter de spiegel van
de ziel

Het probleem met liefde is niet wat we voelen, maar wat we
hadden willen voelen toen we begonnen te voelen dat we iets zouden moeten
voelen. Net zoals publiciteit geen productie is: verleiding
is niet verleidelijk

Als ik een wens mocht doen, zou ik alle kennis van de wereld
wensen. Zwart is misschien mooi zegt Professor Micheau,
maar kennis is macht. Elk gewenst object werd
gekocht en verkocht – elk verwaarloosd object daalt in waarde.
Het is tegen de aard van de mens om in een van beide categorieën te zitten

Als wit Zwart definieert en goed het kwaad definieert, dan definiëren
mannen vrouwen of definiëren vrouwen wetenschappelijk gesproken
mannen. Als zoet het tegenovergestelde is van zuur en hitte de
afwezigheid van kou dan is liefde de tegenstelling van pijn en
schoonheid is in het oog van de toeschouwer.

Soms wil ik je aanraken en aangeraakt worden
op mijn beurt. Maar jij denkt dat ik naar je grijp en ik denk dat jij
me ontwijkt en mama zei altijd om uit te kijken voor mannen zoals jij

Dus ik ga de straat op met mijn lippen rood geverfd en mijn
ogen zorgvuldig afgeschermd om de wereld te verleiden mijn onwillige
minnaar

En jij zoekt met een goed gevoel het gezelschap van je mannen op
doet je voor als een man omdat je weet dat zolang je heel
heel stil zit de bewegingswetten van kracht zullen zijn

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Nikki Giovanni (Knoxville, 7 juni 1943)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 7e juni ook mijn blog van 7 juni 2020 en eveneens mijn blog van 7 juni 2019 en ook mijn blog van 7 juni 2015 deel 2.

Thomas Mann, Nikki Giovanni

De Duitse schrijver Thomas Mann werd geboren in Lübeck op 6 juni 1875. Zie ook alle tags voor Thomas Mann op dit blog.

Uit: Der Tod in Venedig

„Ob er nun aus dem Innern der Halle durch das bronzene Tor hervorgetreten oder von außen unversehens heran und hinauf gelangt war, blieb ungewiß. Aschenbach, ohne sich sonderlich in die Frage zu vertiefen, neigte zur ersteren Annahme. Mäßig hochgewachsen, mager, bartlos und auffallend stumpfnäsig, gehörte der Mann zum rothaarigen Typ und besaß dessen milchige und sommersprossige Haut. Offenbar war er durchaus nicht bajuwarischen Schlages: wie denn wenigstens der breit und gerade gerandete Basthut, der ihm den Kopf bedeckte, seinem Aussehen ein Gepräge des Fremdländischen und Weitherkommenden verlieh. Freilich trug er dazu den landesüblichen Rucksack um die Schultern geschnallt, einen gelblichen Gurtanzug aus Lodenstoff, wie es schien, einen grauen Wetterkragen über dem linken Unterarm, den er in die Weiche gestützt hielt, und in der Rechten einen mit eiserner Spitze versehenen Stock, welchen er schräg gegen den Boden stemmte und auf dessen Krücke er, bei gekreuzten Füßen, die Hüfte lehnte. Erhobenen Hauptes, so daß an seinem hager dem losen Sporthemd entwachsenden Halse der Adamsapfel stark und nackt hervortrat, blickte er mit farblosen, rot bewimperten Augen, zwischen denen, sonderbar genug zu seiner kurz aufgeworfenen Nase passend, zwei senkrechte, energische Furchen standen, scharf spähend ins Weite. So – und vielleicht trug sein erhöhter und erhöhender Standort zu diesem Eindruck bei – hatte seine Haltung etwas herrisch Überschauendes, Kühnes oder selbst Wildes; denn sei es, daß er, geblendet, gegen die untergehende Sonne grimassierte oder daß es sich um eine dauernde physiognomische Entstellung handelte: seine Lippen schienen zu kurz, sie waren völlig von den Zähnen zurückgezogen, dergestalt, daß diese, bis zum Zahnfleisch bloßgelegt, weiß und lang dazwischen hervorbleckten.
Wohl möglich, daß Aschenbach es bei seiner halb zerstreuten, halb inquisitiven Musterung des Fremden an Rücksicht hatte fehlen lassen; denn plötzlich ward er gewahr, daß jener seinen Blick erwiderte und zwar so kriegerisch, so gerade ins Auge hinein, so offenkundig gesonnen, die Sache aufs Äußerste zu treiben und den Blick des andern zum Abzug zu zwingen, daß Aschenbach, peinlich berührt, sich abwandte und einen Gang die Zäune entlang begann, mit dem beiläufigen Entschluß, des Menschen nicht weiter achtzuhaben. Er hatte ihn in der nächsten Minute vergessen. Mochte nun aber das Wandererhafte in der Erscheinung des Fremden auf seine Einbildungskraft gewirkt haben oder sonst irgendein physischer oder seelischer Einfluß im Spiele sein: eine seltsame Ausweitung seines Innern ward ihm ganz überraschend bewußt, eine Art schweifender Unruhe, ein jugendlich durstiges Verlangen in die Ferne, ein Gefühl, so lebhaft, so neu oder doch so längst entwöhnt und verlernt, daß er, die Hände auf dem Rücken und den Blick am Boden, gefesselt stehen blieb, um die Empfindung auf Wesen und Ziel zu prüfen.“

 

Thomas Mann (6 juni 1875 – 12 augustus 1955)

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Nikki Giovanni werd geboren op 7 juni 1943 in Knoxville, Tennessee. Zie ook alle tags voor Nikki Giovanni op dit blog.

 

Suikerspin op een regenachtige dag

Nu niet kijken
ik vervaag langzaam
in het grijs van mijn ochtenden
Of het blauw van elke nacht
Komt het doordat mijn nagels
blijven breken
Of misschien door de likdoorn
op mijn tweede kleine teen
Er ploffen steeds dingen open
op mijn gezicht of uit mijn leven
Het lijkt niet uit te maken wat
ik ook probeer ik word moeilijker
te houden
Ik ben geen gemakkelijke vrouw
om te willen
Ze hebben gevraagd
aan de psychiaters. . . psychologen. . .
politici en maatschappelijk werkers
waar dit decennium om bekend
zal staan.
Het lijdt geen twijfel . . . het is
eenzaamheid

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Nikki Giovanni (Knoxville, 7 juni 1943)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 6e juni ook mijn blog van 6 juni 2020 en eveneens mijn blog van 6 juni 2019 en ook mijn blog van 6 juni 2015 deel 2.

Federico García Lorca, Elizabeth Alexander

De Spaanse dichter en toneelschrijver Federico Garcia Lorca werd geboren op 5 juni 1898 in Fuente Vaqueros, Granada. Zie ook alle tags voor Federico Garcia Lorca op dit blog.

 

The Unfaithful Housewife

For Mary Peace

Then I led her to the river
certain she was still a virgin
though she had a husband.
The fourth Friday in July,
as good as on a promise.
The street lights were vanishing
and the crickets flaring up.
Last bend out of town
I brushed her sleepy breasts.
They blossomed of a sudden
like the tips of hyacinths
and the starch of her petticoat
bustled in my ear like silk
slit by a dozen blades.
The pines, minus their halo
of silver, grew huger
and the horizon of dogs
howled a long way from the river.

Past the blackberry bushes,
the rushes and whitethorn,
beneath her thatch of hair,
I made a dip in the sand.
I took off my neckerchief.
She unstrapped her dress.
Me my gun and holster,
she her layers of slips…
Not tuberose, not shell,
has skin as half as smooth
nor does mirror glass
have half the shimmer.
Her hips flitted from me
like a pair of startled tench:
the one full of fire,
the other full of cold.
That night I might
as well have ridden
the pick of the roads
on a mother-of-pearl mare
without bridle or stirrups.
Gentleman that I am,
I won’t say back the scraps
she whispered to me.
It dawned out there
to leave my lip bitten.
Filthy with soil and kisses,
I led her from the river
and the spears of lilies
battled in the air.

I behaved only the way
a blackguard like me behaves.
I offered her a big creel
of hay-colored satins.
I had no wish to fall for her.
She has a husband after all,
though she was still a virgin
when I led her to the river.

 

Vertaald door Conor O’Callaghan

 

Federico García Lorca (5 juni 1898 – 19 augustus 1936)
Portret door Mick Rooney, 1990-95

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Elizabeth Alexander werd geboren op 30 mei 1962 in New York. Zie ook alle tags voor Elizabeth Alexander op dit blog.

 

Stravinsky in L.A.

In witte geplooide broek, turend door groene
zonneschermen, op zoek naar de wijze waarop de zon rood
geluid is , hoe sprinkhanen sissen om de zon na te bootsen.
Wat is het visuele equivalent
van syncopering? Rijen aangebraden palmen rimpelen
in de hittegolven door groen glas. Sproeiers
tik, tik, tik. De Watts Towers beogen
de lucht in chroma te splitsen, torenspitsen betegeld met natuursteen
niets minder dan ambitie. ik verliet
minaretten voor zon en syncopering,

zevenenzestig tinten groen die ik heb
geteld, om te beginnen: palmbladeren, voor- en achterkant,
augurk bij de lunch, flessenglas, et cetera.
Op een dag zal ik de verschillende gradaties
van rood begrijpen. Op die dag zal ik deze mensen
begrijpen, ritmes, jazz, Simon Rodia,
Watts, Los Angeles, ambitie.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Elizabeth Alexander (New York, 30 mei 1962)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 5e juni ook mijn blog van 5 juni 2020 en eveneens mijn blog van 5 juni 2019 en ook mijn blog van 5 juni 2017 deel 1 en eveneens deel 2.